Archief | Uncategorized RSS feed for this section

Cranberry-zeekraal

28 dec

Tja… dan is er die ene vaste terugblik op het afgelopen Boer Zoekt Vrouw-seizoen. Wat “mot” je dan hè? M’n schriftje lag ineens al op tafel; macht der gewoonte. Maar wat een zooitje joh… Bas en Milou zijn bij elkaar op het moment van filmen en uit elkaar op het moment van uitzenden en Jan en Nienke waren al uit elkaar maar zijn op het moment van filmen nèt weer bij elkaar. Beide heren hadden op een bepaald punt eigenhandig de stekker uit de relatie getrokken. Wat willen ze nou? Boer Zoekt Als Ik Denk Dat Ik Weet Wat Zij Wil En Ik Haar Dat Niet Kan Geven Zet Ik Haar Aan De Kant Vrouw? Boer Zoekt Knipperlichtrelatie? Zoiets? In elk geval werd ik totaal niet geprikkeld om ook maar meer dan één alinea op papier te zetten. Waarvan akte.

Maar toen kwam Heel Holland Bakt. En nee, ik ga niet weer elke aflevering zitten te lopen te liggen te reviewen, maar die eerste aflevering… ik merkte dat ik tijdens het kijken al mee zat te pennen.
Want HHB heeft dit jaar spatschermen. En Jenny. Oet Twent.

Nou vooruit, ééntje dan.

Een volle tent met tien verse bakkers dus. Wie wordt de uitblinker? Wie wordt de chaoot? Alles ligt nog open. Alhoewel de laatste vraag binnen ongeveer dertig seconden na aanvang van de bakwedstrijd al zal worden beantwoord, maar dat later.

Als eerste staat de signatuuropdracht op het programma. Er moet een tulband worden gebakken, maar wel een speciaaltje natuurlijk. Nou ben ik absoluut geen bakwonder. Integendeel: afbakbroodjes heelhuids èn eetbaar uit de oven toveren is voor mij al een wereldprestatie, maar toen ik zat te kijken dacht ik ineens: wat zou ik doen als ik in die tent stond? In een wereld waarin ik geen levensgevaarlijke scheikundige keukenexperimenten stond uit te voeren, maar daadwerkelijk prachtige en eetbare baksels op tafel kon zetten? Wat zou dan mijn signatuurtulband zijn?

Nadat ik daar exact één nanoseconde over had nagedacht, wist ik het. In gedachten hoorde ik het mezelf al zeggen. “Ik ga een Terschellinger Potjekoek maken!” (Even voor de goede orde: die heb ik al eens gemaakt en iedereen leeft nog. Hij was nog lekker ook.) André van Duin zou hier dan een verbaasde blik laten zien en dan zou ik de rest uitleggen. “Kijk, mijn opa van vaders kant kwam van Terschelling en zelf kom ik er ook nog heel graag. En als ik er ben, moet ik altijd even naar de bakker onder de Brandaris (we mogen natuurlijk geen reclame maken voor Spanjer) om daar onder andere een Potjekoek te halen. Da’s een kruidige tulband. Zelf vind ik de naturelversie het lekkerst, maar je hebt ook een variant met gember èn natuurlijk één met cranberries.”
Maar ja, ik weet natuurlijk ook dat je het met een gewone Potjekoek met cranberries niet gaat redden, dus daar moest nog een verrassende twist aan worden gegeven. “Om het nou op en top Terschellings te maken, wordt het een Potjekoek met cranberryvulling een kleine twist: zelfgeplukte zeekraal van het Wad.” Jemig, wat een vondst! Meteen bedacht mijn zieke brein dat een volgende signatuuropdracht hoe dan ook rode peper zou bevatten. Je moet wel een beetje opvallen, toch? Maar goed, ik sta niet in de tent. En waarschijnlijk is de combi kruidcake-cranberry-zeekraal toch niet te hoechelen, dus dat komt weer mooi uit.
Ondertussen werden in de tent de mooiste tulbanden uit de vorm geflikkerd. Bij iedereen, behalve bij Jenny, die een soort koekkruimelmengsel met een miljoenjard smaken (lees: niet te doen, qua smaakbeleving) op haar bord had uitgestort. Ach, beginnersongelukje denken we dan maar.

Bij de technische opdracht heb ik standaard geen flauw idee wat er gemaakt moet worden. Aan m’n lijn zou je het niet zeggen, maar de banketbakker wordt niet echt heel erg rijk van me, zeg maar. Dus ken ik een slof of zwanensoesjes alleen maar uit HHB. Maar dit keer was het anders, want de opdracht luidde: maak Jaffa Cakes. Elke bakker moest er achttien maken. In de tent wist niemand wat er van ze verwacht werd. Ondertussen zag ik de Jaffa Cakes gewoon voor me. Want ik had ze vaak in Engeland in de supermarkt zien liggen: cakejes gevuld met sinaasappeldrab en pure chocolade er overheen. En ook die krengen koop ik nooit. Want ik ben zo’n beetje de enige die de combinatie van sinaasappel en chocolade echt niet te vreten vind. Bovendien is pure chocolade een belediging op zich, dus: goor. Jaffa Cakes are just not my cup of tea. Maar ik wist tenminste wèl wat het was. Ook een prestatie.
In de tent sloeg ondertussen de paniek toe en niet onterecht: alleen Jenny begon goed en eindigde uiteindelijk verrassend op de derde plaats, maar meer omdat de overige bakkers er echt niets van hadden gebakken, letterlijk en figuurlijk.

Opdracht drie was het traditionele spektakelstuk. Dit keer moest er een taart worden gebakken met als thema: wie ben ik? Daar gaan geen gemalen Wendy van Dijkjes in, maar de taarten zeggen iets over hun bakkers. De meeste bakkers verwerkten hun hobby of hun beroep in de taart. En weer was daar die gedachte: wat zou ik uit die oven flansen? Aangezien ik motorrijden wel als hobby zie, maar het me niet handig lijkt om een motor te bakken, zou ik iets met m’n werk moeten doen. De bakkers werden tussendoor voorgesteld met wat beelden van hun thuissituatie en wat shots van hun werk. Zou niet echt een supergezellig shot zijn, ik terwijl ik voor een rouwstoet uit loop.
In de tent bakte men vrolijk verder. De één maakte een kokos-pandantaart (ohmygodohmygodohmygod), de ander een tafereel uit Oostenrijk. En Jenny? Die liep te kloten. Wilde haar tulband niet garen, nu stond haar oven op standje sambal en kwamen haar taarten zwart tevoorschijn. Robèrrrrrr moest er zelfs bij komen om advies te geven over de oven. Even dacht ik dat ik vergeleken met Jenny niet eens zo heel erg zou opvallen in negatieve zin. Want echt alles werd een zooitje en liep bij haar gierend uit de klauwen. Alsof ze voor het eerst een oven zag.

Het was dan ook niet echt een verrassing dat de eerste afvaller Jenny was. En eigenlijk was ze daar zelf ook wel blij om. Elizabeth (bakker van de week) en Daniel? Die gaan wel heel ver komen.

En ik? Ik zou waarschijnlijk een weekje later dan Jenny (vanwege mijn geweldige Jaffacakes en de zeekraal) de tent uit worden geschopt, als ik al mee zou doen. Maar ik denk dat het voor iedereen beter is als ik me daar maar niet aan waag. Want zeg nou zelf: een spektakelstuk in de vorm van een doodskist… is ook niet echt feestvreugdeverhogend hè?

Snoopy

8 okt

Dit is Snoopy. Snoopy is nog een beetje verlegen, is in het dagelijks leven webdesigner en woont in m’n auto. Ik had al een poosje zo’n vermoeden, omdat ik elke dag wel een vers webje in m’n auto vond, maar ik had Snoopy nog nooit echt ontmoet.
Tot eergisteren, op de snelweg. Nèt in een bocht waar het toch iets handiger is om je ogen op de weg te houden, vond het beest het nodig om zich voor het eerst te laten zien.
Ik moet eerlijk zeggen dat ik me dit diertje toch iets anders had voorgesteld. Kleiner. En vooral aan de andere kant van de auto en niet aan de binnenkant van de deur. De bestuurdersdeur. Aan MIJN kant, ja.

Weet je wat de ellende is? Ik schrik me altijd helemaal te pletter van die beesten. Iets met teveel pootjes ofzo, ik weet het niet. Als ik éénmaal weet dat er een spin zit, dan is dat schrikkerige er wel vanaf, maar toch… ik ben geen fan.

Maar goed, ik zat eergisteren dus met toen nog een naamloze Snoopy in de bocht. En wat doe je dan hè? Ik sprak mezelf in gedachten even streng toe: “Okee, concentreer je op de weg, concentreer je op de bocht. Er is geen spin en hij is al helemaal niet groot. Niet kijken. Ik zei: NIET kijken. Foooooocus op de weg…” En dat hielp, maar ondertussen merkte ik wel dat ik m’n linkerhand toch een beetje meer naar het midden van m’n stuur bracht. Voor de zekerheid. Want ik mag dan nu misschien niet zo hard meer schrikken als ik ‘m zie, maar als het gevaarte besluit gezellig tijdens het rijden op m’n hand te komen zitten, voorzie ik toch wel een kleine ontmoeting met de vangrail. En daar wordt niemand blij van.

Gisteren reed ik even naar een vriendin en ineens kwam ie weer tevoorschijn, precies op de plek waar ik ‘m voor het eerst gezien had: aan de binnenkant van de bestuurdersdeur.
Naamloze Snoopy was druk bezig met al z’n pootjes strekken en wandelde daarna rustig naar beneden. Ik stond net even stil voor het rode licht en dacht dat dit misschien wel het moment was om eens nader kennis te maken, dus stak ik m’n linker wijsvinger voorzichtig naar ‘m uit. Nou… daar schrok het diertje een beetje van. Zo’n grote vinger was toch wel heel erg intimiderend en dus trok hij razendsnel z’n pootjes in en maakte zich zo klein mogelijk.
“Verrek… jij bent net zo bang voor mij als ik voor jou… ”, zei ik. “Dat is nou ook weer niet nodig, beest.” Maar ik vond het stiekem toch wel een geruststellende gedachte.
Ik besloot dat het misschien handiger was als we een verstandshuwelijk zouden sluiten. “Maar dan is het ook wel handig als je een naam zou hebben, hè?”, zei ik. Ik begon hardop te brainstormen. Het moest natuurlijk wel iets met een S worden. “De spin Sebastiaan bestaat al, dus dat is niet origineel. Sandra dan? Nee, ik denk dat je een mannetje bent. Sander dan? Hè getver, nee. Dan zie ik meteen die kop van die Sander Schimmelpenninck voor me. En die vind ik bijna nog erger dan Jort Kelder en Ivo Nihil bij elkaar, dus nee. Alhoewel Sander Spinnelpenninck dan wel weer redelijk briljant zou zijn. Hmmm… S… Sjoerd is ook geen optie, want hoewel dat een leuke naam is, heb ik een bonuskind dat zo heet, dus nee. Tja… Wat dan?” Naamloze Snoopy zat nog steeds zo klein mogelijk te wezen. Daar had ik dus ook niks aan, qua input.

En ineens was ie daar: Snoopy. Ik weet dat de hele wereld Snoopy kent als een hondje, maar het geeft mijn spin wel iets liefs. Net als de kruisspin die in m’n kindertijd voor het glas-in-loodraampje bovenaan de trap van mijn ouderlijk huis woonde: Pinky.
Pinky heeft me overigens niet van m’n afkeer voor (andere) spinnen afgeholpen. Eens kijken of het Snoopy wel lukt.

Ik moet trouwens zo weer even weg met de auto. Kan ik het er meteen even met Snoopy over hebben…

Humpy

3 sep

Achttien jaar geleden overleed m’n vader en legde Quibus, de kater die we van m’n broer hadden geadopteerd, ook nog eens het loodje.
Ineens was het superstil in huis voor m’n moeder als ze alleen thuis was. Dus had ik stiekem een katje geregeld uit een nestje dat ergens in een doos was achtergelaten. Iemand had de dierenambulance ingeschakeld en één van de medewerkers had het nestje mee naar huis genomen om daar aan te laten sterken.

Al wekenlang had ik kattenvoer, kattensnoepjes, kattengrit en kattenspeeltjes het huis in gesmokkeld en verstopt. En ik had een smoes verzonnen. “Ma, Nel en ik gaan vanavond even naar de Makro!” Dat was in die tijd, los van een handjevol avondwinkels, de enige winkel die ’s avonds rond half acht nog open was, dus de perfecte smoes.
Maar we gingen niet naar de Makro. We reden rechtstreeks naar de medewerker van de dierenambulance.
Na een paar weken bij deze pleegouders waren de kleintjes groot genoeg om op eigen vier pootjes te staan, dus mocht ik er één komen uitkiezen. Ik had besloten dat het een katertje moest worden. We hadden al vaker poezen gehad, maar dat waren echt -sorry dat ik het zeg- kutwijven. Zo. En toen kwam Quibus in ons leven. M’n broer had destijds een poes, een je-weet-wel-kater en een hond en hij ging samenwonen met iemand met ook twee katten. Hij hield de hond en voor de poes was al snel een ander huisje gevonden. Maar die je-weet-wel-kater had nog geen onderdak. Dus bood m’n moeder het beestje liefdevol asiel aan. M’n vader, niet echt een kattenliefhebber, stemde in op voorwaarde dat het maar voor drie weken was, omdat er toch verder gezocht zou worden naar een ander huisje.
Maar ja… die je-weet-wel-kater, Quibus, was zo’n schat… Die konden we niet meer laten gaan natuurlijk. M’n vader heeft altijd gedacht dat het een vooropgezet plan was om Quipie te houden, maar dat was echt niet zo. Dus morrend ging meneer overstag. “Nou… hij mag blijven, maarre… ik doe er niks meer aan, aan dat beest.” En inderdaad, hij heeft nooit meer de kattenbak verschoond. Maar los daarvan konden pa en Quibus het uitermate goed met elkaar vinden. Pa vond het stiekem best wel leuk, dat beest in huis. Maar dat ging ie natuurlijk nooooooit toegeven. Typisch pa.

Goed, ik was er inmiddels van overtuigd dat katers toch wel een iets zachter karakter hadden dan poezen, dus moest het een katertje worden. Ik had de keuze uit twee exemplaren: een hele zwarte en één met hier en daar nog een beetje wit.
Ik was helemaal weg van die zwarte. Maar ineens bedacht ik me. Ons huis had aardig wat donkere hoekjes en m’n moeder was toen bijna 76, dus was het misschien wel handig dat er een beetje wit aan zat. Voor de zichtbaarheid. En dus werd het het kleine zwart-witje.
“Al enig idee hoe hij gaat heten, toevallig?”, vroeg de dierenambulancedame. Ik had al wel een vermoeden. Want als m’n moeder een jong dier zag, was het altijd: wat een hummetje. Dus ik schatte in dat ze dit keer op exact dezelfde manier zou gaan reageren.

Maar toen moesten we naar huis. Hoe zou ma gaan reageren? Ik besloot het op dezelfde manier aan te pakken als m’n vader in de beginjaren van hun huwelijk. Voordat ze kinderen kregen, kwam m’n vader een keer met een pup thuis. Hij had ‘m tegen z’n borst onder z’n jas verstopt en zei tegen het beestje: “Vraag maar aan het vrouwtje of je hier mag wonen.” Moet je voorstellen dat je dan zo’n klein koppie uit iemands jas ziet piepen. Dan ga je overstag.

Wat pa kan, kan ik ook. Iets met DNA ofzo.
Toen we thuiskwamen, was ma uiterst verbaasd. “Zijn jullie nu al terug?”, riep ze vanuit de keuken. We liepen de lange gang door met in mijn handen een doosje, dat voor mijn gevoel steeds zwaarder werd. Toen gebruikte ik de wijze woorden van mijn vader: “Nou, vraag maar of je hier mag wonen…” Vervolgens was er een pieperig “MIEWWW” te horen. “Nee, hè?”, verzuchtte ma. Nel en ik keken elkaar paniekerig aan. Het zal toch zeker niet zo zijn dat ze nee zegt??? Ik maakte de doos iets verder open, ma keek erin en vanaf dat moment was het ”aan” tussen die twee.
En inderdaad: “Achgossie, wat een hummetje!” Dus de naam was geregeld: Hummetje. Maar Hummetje werd al snel Humpy. En later ook Hump, Humpydump, de Humpert, Humpert-de-pumperd, noem maar op.


En toen kreeg m’n moeder haar beroerte. Nel nam Humpy in huis en de plannen waren dat ma en Hump na haar revalidatie samen in hun nieuwe woning in de Marnixflat zouden gaan wonen. Maar ma overleed onverwacht de dag nadat we haar hadden verteld dat ze een appartement in de Marnixflat had gekregen. Het was het eerste dat ze vroeg: “Mag Humpy mee naar de nieuwe flat?”
Gelukkig heeft ze nog geweten en gezien dat Hump op een goede plek terecht was gekomen. Bij m’n zus, met een tuin die hij als een havik bewaakt. Meneer heeft nog geen enkele grijze haar, is uitermate atletisch gebouwd en heeft sinds een paar jaar suikerziekte. Maar ja… die kleine uit dat gedumpte nestje bleek wel een taaie: vandaag mag meneer 18 kaarsjes uitblazen. Of in zijn geval, liever 18 kuipjes melk uitlikken…

En ze leefden nog lang en…???

11 mei

Voorstellen: check!
Brieven: check!
Speed- en dagdates: check!
Logeerweek met keuzemomenten: check!
Citytrips: Mwah. Niet voor Annemiek dus. Rest: check!
Relaties: eh…

Tja, dat is de grote vraag hè? Maar gelukkig hebben we de laatste aflevering nog. Eén ding is zeker: Hjeert komt niet met Angela bij Yvon op audiëntie. No way. Want die citytrip verliep aardig rampzalig. En dan druk ik me nog voorzichtig uit. Oe kan de Hjeert oet Oeffelt halen, maar oe kan de oetlul niet oet Hjeert halen. Manmanmanmanman, wat een engerd. Dat vond ik al tijdens de voorstelronde, maar hij heeft het op de citytrip nog even goed bewezen.
Alleen denkt Hjeert dat het helemaal niet aan hem lag. Neuh. Hjeert is gewoon nuchter. Zegt ie. En Angela? Ja, die was leuk, tot de citytrip. Want daar had ie het gevoel niet meer. Nee, duh!!! Hij wilde natuurlijk voor Miss Cameltoe gaan, maar die peerde ‘m nèt op tijd en toen moest hij wel doen alsof ie sowieso voor Angela zou hebben gekozen. “Er hjebeurde nèks, dawazzutum!”, concludeert hij. Hij denkt dat de uitkomst voor Angela wel een redelijke domper was.
Nouuuuu… daar denkt Angela tòch een tikkie anders over. “Hij was me net voor.”, vertelt ze. En dat klopt, zagen we vorige week. Hjeert deed geen enkele moeite om haar te leren kennen en dus trekt zij zich ook meer terug. Logische reactie. Ze had gewoon niet de “waaaauuuuhfactoh!”, zoals alleen Hjeert dat kan zeggen. Blijkbaar heeft ene Wandy (da’s Wendy voor de rest van de wereld buiten Oeffelt) dat wel, want zij schijnt het volgende knipperlichtrelatieslachtoffer van Hjeert te zijn.

Wat ook niet echt als een verrassing kwam, was dat Bastiaan en Milou nog wel bij elkaar zijn. Want dat is toch wel echte liefde, mensen! In Lapland gaat het tweetal romantisch ijsvissen (ik moet er niet aan denken, maar da’s een ander verhaal). Het verbaast me dat Bas nog gaten in het ijs moet boren. Want door alle vonken tussen die twee zou dat ijs ook zomaar spontaan zijn gesmolten. Maar kijk eens hoe lief: nadat Bas z’n eerste diepvriesvis uit het water hengelt, pakt Milou met haar ijspegeltjes zijn hand. Awwwww… Bas had een behoorlijk wensenlijstje vooraf. Zo mag een dame onder andere niet te ver weg wonen. Uiteindelijk kiest hij voor een exemplaar dat in Frankfurt woont. Maar bij Yvon blijkt dat zelfs de afstand geen probleem meer is. Sterker nog: Milou sluit een verhuizing naar Zeeland niet uit. Want als het moet, kiest ze voor hem. En dat het eigenlijk van Bastiaan z’n kant liefde op het eerste gezicht was, zagen we ook: toen de brieven werden gelezen, ging hij op de bank zitten met z’n laptop om met een enorme glimlach te kijken naar het filmpje van ene Milou…

Jan en Nienke hadden elkaar ook gevonden op de zorgboerderij, maar leken elkaar in Edinburgh weer kwijt te raken. De liefde is er, zeker van zijn kant, maar het gaat Nienke allemaal wat te snel.
Bij een Schots haardvuurtje wordt er even goed gepraat en Jan wordt zelfs behoorlijk emotioneel als hij vertelt wat hij het liefst zou willen: Nienke bij hem op de boerderij. Maar hij is zo onzeker. En bang om afgewezen te worden. Nien stelt hem gerust: “komt wel goed, schatje.”
En dat kwam het: ze schuiven ook samen bij Yvon aan en er wordt zelfs gesproken over samenwonen. Ook awwwww…

Annemiek komt ook alleen. Bram, de motormuis met wie ze vorige aflevering nog aan het daten was geslagen, is uit beeld verdwenen. Annemiek vertelt dat er tijdens de logeerweek niet veel “echt” gepraat werd. Iedereen wachtte af tot de ander het echte gesprek aan zou gaan. En dat gaat niet werken dus. Annemiek weet wel waar het aan ligt: ze is van kleins af aan gewend om eerst alles zelf op te lossen voordat ze iets vertelt. Dus eerst lekker binnenvetten en dan zeggen dat het niks kan worden. Maar ja… dan jaag je alleen maar mensen weg. Maar ondanks dit alles zit ze nu wel weer lekker in haar vel en zoekt ze verder naar die workaholic zonder 9 tot 5-mentaliteit die bij haar kan komen wonen. “Misschien kijkt ie nu…”, zegt ze verwachtingsvol. Ondertussen wordt ze zielsgelukkig van haar koeien die voor het eerst weer naar buiten mogen. En geef toe: dat is ook hartstikke leuk! En: die beesten hebben geen 9 tot 5-mentaliteit.

Mandarijnman schuift ook in z’n uppie aan bij Yvon. Karine is uit beeld. Nou joh, dat was jij al tijdens de citytrip, want de knippende koelkast had totaal geen gevoel voor “GeeJee”. Nee joh, ze was gewoon lekker haar fototoestel aan het uitlaten op Malta en die kerel… tja… Die had iets stoms gedaan, vertelde hij zelf. Hij had na het keuzemoment Jacqueline opgebeld omdat hij wilde weten hoe het na de afwijzing met haar ging. Eén klein dingetje: dat had meneer niet aan Karine verteld. En dat pikte mevrouw niet. Ze twijfelde na het keuzemoment ook al meteen aan de keuze van Mandarijnman. En dan ook nog eens contact met die ander zoeken??? Nahhh… “We zijn te verschillend. Ik wilde er wel voor gaan hoor, maar ik vond geen diepgang tijdens de citytrip. En hij had nog steeds contact met Jacqueline en daar logen ze allebei om, dus dat is bij mij een no-go. Dan trek ik de stekker eruit. Dan word ik boos en zeg ik ook lelijke dingen. Ik was in shock.” Aldus de koelkast herself.
Ik denk zelf dat Mandarijnman, de goedsul die hij is, echt gewoon wilde weten hoe het met Jacqueline ging na de afwijzing. En daar terecht geen kwaad in zag. En ik weet ook niet of ik dat wel aan de knippende koelkast had willen vertellen, hoor. Je moet elkaar ook gewoon kunnen vertrouwen, toch? Als je dan op zo’n manier al reageert op een belletje, dan zet je jezelf meteen al buitenspel. En wij (op de bank) hebben zo’n donkerbruin vermoeden dat dat haar best goed uit kwam. Nou goed, om een lang verhaal nog vééééél langer te maken: nadat Karine Mandarijnman aan de kant had geschoven, is Jacqueline nog een keer komen eten, maar ook dat werd uiteindelijk niks.
Misschien moet hij eens met Annemiek gaan praten…

De overige vijf boeren komen ook nog even aan bod. Ronald heeft Evelien aan een videobelletje overgehouden, John heeft er een paar vriendinnen bij en is ervan overtuigd dat de ware wel tussen de briefschrijfsters zit. Johan verloor z’n hond, kreeg daarna corona, krijgt binnenkort een nieuw hondje en duikt daarna opnieuw in z’n brieven. Frans kreeg al z’n briefschrijvers over de vloer, maar kreeg hartproblemen en denkt niet dat iemand zo’n wrak als hij wilde hebben en heeft dus de ene helft van de brieven in de koelkast en de andere helft in de diepvries gelegd. “Misschien moet je eens gaan videobellen?”, geeft Ronald hem als tip. En dan hebben we nog Willem. Willem die met zijn moeder in 1896 leeft en nog nooit een vrouw van dichtbij heeft gezien. Afgezien van zijn moeder uit 1478 dan. Willem kreeg zes brieven en heeft met meerdere dames een date gehad. (Go, Willem!!!) En kijk nu: dikke verkering met Rineke!!! “We hebben hetzelfde karakter, zijn allebei Christelijk… en ik zal eerlijk zijn: ik vind haar een knappe vrouw sowieso ook. Dus ik vroeg: zou jij verkering met mij willen en zij zei ja. Ik snap nog steeds niet waarom hoor…”, aldus een dolverliefde Willem. Rineke zegt over drie jaar wel te willen trouwen, dus ik geef ze zes jaar: drie kinderen, nummer vier op komst. Alles ná het huwelijk, uiteraard.

En zo zie je maar: het zit ‘m dus niet in het aantal brieven. Annemiek kreeg er 633 en is nog steeds alleen, Willem kreeg er zes en heeft de liefde van zijn leven gevonden…

Het was een leerzaam jaar. En wat er ook gebeurt: Bas en Milou moeten bij elkaar blijven. Willem en Rineke ook. En Jan en Nienke. Maar vooral Hjeert en Wandy. Scheelt weer één griezel op de vrijgezellenmarkt.

Tot volgend jaar!

Door de mand…

4 mei

Er zijn van die momenten hè, tijdens die citytrips… Zo’n boer wordt uit z’n natuurlijke habitat geplukt en na een dolle tijd met 10 speeddates, 5 dagdates en 3 logeetjes op de boerderie met de zelfgekozen potentiële liefde ergens in een hotel gestopt. En dat allemaal onder het motto: let’s see what happens. En dat gaat bijna altijd verkeerd. Want sommige boeren trekken dat niet. Die vallen genadeloos door de mand. Of de uitverkorene doet dat.

Zoals Karine, die met Mandarijnman zit opgescheept. Ze zijn op Malta en ze zijn er beiden voor een andere reden. Karine is vooral op fotosafari en Mandarijnman is op liefdesstage. Want hoe doe je dat nou, zo’n relatie? Nou, volgens “GeeJee” moet je vooral veel en vaak woorden als “schat” en “lieverd” gebruiken, complimentjes geven en daarbij regelmatig een arm om iemand heen gooien en af en toe een kus afdwingen. Alleen geeft Karine geen krimp. Ze geeft vooral antwoord door niks te zeggen als hij weer op één of andere manier zijn liefde voor haar probeert te tonen. Wat er weer voor zorgt dat hij nog onzekerder wordt dan dat ie al is. Als zij dan wil praten, doet hij dat weer af met een grapje en dat pikt zij dan weer niet, want ja… “Ik ben wel serieus nu hè?”
Ja muts, als hij iets serieus zegt, reageer je niet en dan… wat verwacht je nou van een kerel die in een roze konijnenpak door z’n keuken liep? Karine zegt wel dat ze wat meer open wordt en informeert of GeeJee dat ook voelt. Die zegt natuurlijk van wel (ik zie geen verschil bij die fotograferende koelkast) en hij zegt haar steeds interessanter te gaan vinden. Jaja… Nee, dat ene shot van Mandarijnman die als een olifant in een porseleinkast door die glaswinkel liep, geeft mooi aan hoe deze “relatie” gaat lopen. Niet. Hij wil te graag. En zij? Zij heeft een leuke gratis citytrip in the pocket.

Hjeert en Angela zijn in Spanje gedropt. In Pamplona. Waar die stieren altijd door de straten rennen. Nou Angela… als ik jou was, was ik harder voor Hjeert weggerend dan voor honderd dolle stieren. Manmanman… Hjeert wil de citytrip benutten om uit te vinden of er een klik is. Of, zoals Hjeert het verwoordt: “Ofzeèchbiemepest.” Angela vindt dat ze redelijk hetzelfde zijn: afwachtend. En met twee afwachtende mensen kom je niet ver, dus wil zij deze tijd benutten om wat dingen aan te kaarten. Ze zijn er wel achter dat ze allebei niet te snel willen. Nou ja, dat is al iets. Op de tweede dag verplaatst het stel zich per auto naar het platteland. Hjeert informeert na een leeg “jaja…” en een zucht: “Vinddenogstiedsluuk?” Ja hoor, Angela vindt het -ongelooflijk maar waar- nog steeds leuk. Op haar beurt vraagt zij of hij het ook wel naar z’n zin heeft en het antwoord is positief. Maar dat antwoord slaat wel op de reis (“ja, bietjerondrije…”) en niet op de indirecte vraag of hij haar gezelschap nog leuk vindt. Dus gooit zij het over een andere boeg en vertelt dat ze op Cyprus ook met een auto heeft rondgereden. Hjeert reageert niet en kijkt verveeld naar buiten. VRAAG NOU OOK EENS WAT, LUL!!! “…was ook wel leuk…”, vult ze zelf maar aan. Au…
Het wordt er allemaal niet gezelliger op. Hjeert zoekt geen enkele toenadering en Angela sluit zich er uit zelfbescherming ook maar voor af. En als ze nog niet was afgeknapt op Hjeert, dan moet dat de volgende ochtend wel gebeurd zijn: er wordt buiten voor de deur een sigaretje gerookt. Angela heeft zich voor de gelegenheid gewoon lekker aangekleed. Dit in tegenstelling tot Hjeert. Hij heeft z’n jas aangedaan, ik mag hopen z’n onderbroek en een paar teenslippers. Daarbij kijkt hij de andere kant op en haalt even ongegeneerd z’n neus op. RUN, ANGELA, RUN!!! Maar goed, ze gaan vandaag weer terug naar de stad. Zij heeft zich voorgenomen vandaag maar eens te vragen wat hij nou precies wil, maar boven een “bakskekoffie” is hij haar net voor: “Hoevinddedatgeut?” “Wel goed, toch?”, reageert Angela een tikkie lafjes. Hallo??? Jij ging hem toch voor het blok zetten??? Nou goed, Hjeert vindt dat ze niet bij elkaar passen, omdat zij wat teruggetrokken is. Ze is te rustig. Volgens mij vond hij dat na het vertrek van Miss Cameltoe juist een pluspunt, maar goed… En dan merkt Hjeert op: “Ik denk dat jij me in m’n doen en laten niet bij kunt houden…” Angela proest het uit. En wij op de bank ook. Nee Hjeert, jij trekt volle zalen met dat drukke gedoe van je! Angela vertelt hem dat ze het ook niet ziet zitten met Hjeert, qua relatie. Hjeert zegt de vrouwelijke versie van zichzelf te zoeken. En dat noemt hij dan “m’n wauwie.” Nondepinnekes!!! Lekker blijven zoeken, jongen…

Wie trouwens ook blijft zoeken, is Annemiek. Die gaat helemaal opnieuw beginnen en dus niet op citytrip. Annemiek heeft uit de meer dan 600 brieven Bram uitgekozen. Een student èn vrachtwagenchauffeur uit Brabant. (En ja mensen, Erik werd weggestuurd vanwege het feit dat ie 70 kilometer verderop woonde en mevrouw dit te ver weg vond. Wat moet die gast zich nu lullig voelen, zeg…) Bram komt op z’n motor naar Drenthe gereden voor een dagje samen. Op het eerste gezicht klikt het: ze stapt bij hem achterop de motor en ze gaan samen paardrijden. Maar dan wordt er ergens een stopje gemaakt om iets te drinken en laat ze het gesprek weer helemaal doodbloeden. Want tja… ze weet niet of ze er wel klaar voor is. Zeg, tuthola: het is een eerste date. Je hoeft niet meteen je trouwerij te regelen hoor. Pffff… vermoeiend.

Jan en Nienke zijn in het prachtige Edinburgh. Jan vertelt dat hij vrij snel gaat in de liefde: meteen samenwonen, twaalf jaar samenblijven en vier kinderen op de wereld zetten. Nienke zit anders in elkaar en heeft zelfs nog nooit samengewoond. Zij wil iets rustig laten groeien en Jan is wat dat betreft al veel verder. Ook in het gevoel. En daar baalt zij van, want zij wil dat ook, omdat ze hem wel leuk vindt en het ook lullig vindt voor hem. Maar ja… gevoel laat zich niet dwingen. Ondanks dat hij zegt een tropische oceaan in haar ogen te zien. Zij kan moeilijk omgaan met de complimentjes en de verliefde blikken die ze van hem krijgt. In een volgend shot zien we haar in een boek lezen en zien we hem alleen op een bankje zitten. Zo’n prinses Diana voor de Taj Mahal-momentje, zeg maar. De makers van Boer zoekt Vrouw zijn ook wel meesters in het maken van zielige plaatjes een treurig muziekje eronder natuurlijk. Maar het is een leuk stel, dus het zou jammer zijn als dit niks wordt.

Is het dan echt allemaal doffe ellende deze aflevering? Nee, tuurlijk niet!!! Als de zeespiegel weer iets gestegen is, dan komt het doordat de poolkap aan het smelten is door de vonken tussen Bastiaan en Milou. Ze zijn in Lapland en we zien ze samen in bed, in de hottub, op een hartjesvormige schaatsbaan, zoenend achter de sledehonden, elkaar diep in de ogen kijkend boven het rendiervlees, noem maar op. Milou heeft zelfs het noorderlicht gemist omdat ze een andere prioriteit had: Bastiaan. Er wordt zelfs serieus gesproken over de invulling van de toekomst: heen en weer rijden van en naar Duitsland, eventueel werk zoeken in Zeeland. Alhoewel Milou even aan het idee moet wennen om na in New York en Bangkok te hebben gewerkt ineens in Middelburg de kost te moeten verdienen, maar ze sluit het niet uit. En van de hork die Bastiaan tijdens de logeerweek soms was, is niets meer over. Die twee zijn smoorverliefd. En ik vind ze geweldig samen!

Nou goed, de volgende aflevering is alweer de laatste. Dan gaan we zien wie er nog bij elkaar zijn en wie niet? Goh, wel heel spannend dit keer. NOT!

Tot volgende week!

Saai…

27 apr

“Hier kan ik dus he-le-maal niks mee hè?”, verzucht ik.
Het is zondagavond, Boer zoekt Vrouw is net afgelopen en ik zit met m’n notities op schoot en ben redelijk wanhopig. We hebben zojuist de traditioneel meest saaie aflevering van BZV van het seizoen gezien. Zucht. De boeren gaan namelijk op bezoek bij de uitverkorene en de eventuele potentiële schoonfamilie. En ook traditioneel: daar gebeurt geen fuck. Godzijdank zijn er nog twee boeren die moeten kiezen: Mandarijnman en Bastiaan.
Mandarijnman krijgt het moeilijk, want hij weet het nog steeds niet. Jaqueline ook niet trouwens, want ze zegt vriendschap te voelen, maar verliefdheid? Tja… dat is meer dan wat ze nu voelt. Doet mij een beetje denken aan Prins Charles na de verloving met Lady Diana: “And I suppose in love?” ”Ofcourse! Whatever in love means…” Die dooddoener dus.
Karine is stiknerveus, want zij ziet “GeeJee” zoals Jaqueline en Yvon Mandarijnman ineens noemen,  wel helemaal zitten. En GeeJee??? Die zit naast Yvon te balen op een baal hooi. In pak, dat wel. En met tranen in z’n ogen, want “ze zijn allebei lief en mooi en leuk en… blablabla.” En ja hoor: tranen!!! Maar goed, er moet gekozen worden en uiteindelijk kiest hij voor Karine. Jaqueline vindt het een prima uitkomst en vertrekt naar de slaapkamer om haar spullen te pakken. Als Yvon een gevoelig momentje bij haar wil lospeuteren, gaat ze volledig op in haar telefoon. “Eerst even een huis verkopen!”, hoor ik op de bank naast me. Want ja, het werk gaat gewoon door hè?
Ondertussen zoekt Mandarijnman constant bevestiging bij Karine, onzeker als hij is.
Een week later staat hij te strijken, want hij gaat voor het eerst naar z’n meissie toe. Dus heeft ie ook z’n allermooiste kleurencombi aangetrokken: een bruine broek met daarop een bordeauxrood overhemd dat onder z’n donkerblauwe jasje uit piept. Ik hoop toch dat Karine hem wat kleurgevoel kan bijbrengen. Maar die hoop verdampt meteen bij het zien van het interieur van Karine: alles is zwart-wit. Maar dan ook echt alles. Ook haar kleding.
Mandarijnman vult alle stiltes die er vallen met grapjes en complimentjes waar Karine steeds stiller van lijkt te worden. Wij op de bank geven ze nog een citytrip, maar daarna? “Wordt niks!”, roepen wij in koor. Dit stel doet me denken aan boer Geert uut Grunn en Hetty uit Brabant van een paar jaar geleden. Wereld van verschil; werd uiteindelijk ook niks.

 
Ook Bastiaan moet nog kiezen. Elise vindt zichzelf dus de beste keuze voor Bastiaan omdat ze alleen maar voordelen heeft: ze woont in de buurt en ze ziet zichzelf wel hier op de boerderij. Dus ze zou het heel erg fijn vinden als hij voor haar kiest. Maar ja… Milou hoopt ook dat hij haar kiest. Alleen die afstand hè? Bastiaan wil absoluut geen relatie op afstand. En aangezien hij in Zeeland en zij in Frankfurt woont… Ze zou het wel een domper vinden als hij niet voor haar kiest en houdt het niet droog bij deze woorden.
Bastiaan zegt precies hetzelfde: Elise zou zo bij hem intrekken, Milou moet heel veel opgeven om bij hem te gaan wonen. Maar ja… er moet een keuze gemaakt worden en Bastiaan zegt met z’n gevoel gekozen te hebben. Dus zitten er aan de keukentafel tegenover Bastiaan en Yvon twee meiden die allebei graag willen. Elise met een grote glimlach en Milou met een gespannen bekkie. Dan komt het hoge woord eruit: het wordt Milou. En de reactie van Elise naar Milou toe: “Leuk voor je.” Jaja… er is een verschil tussen iets zeggen en iets menen en hier zien we precies het verschil. Ook Elise vertrekt richting de slaapkamer om haar biezen te pakken. Ze is de kamer nog niet uit of Bastiaan en Milou vallen elkaar dolverliefd in de armen. En lippen. De blikken die over de tafel gingen na het verlossende woord waren veelbetekenend. Ze gaan zelfs zo in elkaar op, dat Yvon de enige is die Elise uit staat te zwaaien. Bas en Milou staan nog steeds in de keuken: die staan inmiddels elkaars amandelen af te likken.

 

Wie ook met haar hart had kunnen kiezen, is Annemiek. Alleen deed ze dat niet en stuurde ze vorige week Erik weg, omdat hij te ver bij haar vandaan woonde. Hij ergens in Gelderland en zij ergens in Drenthe dus. Ik las deze week ergens hoe ver ze precies uit elkaar wonen: 70 kilometer. 70!!! Waar heeft dat mens het over???
Anyway, Annemiek en Yvon zitten samen op de bank om de overige 584.000 brieven door te worstelen en warempel: er zit nog het één en ander tussen. Zoals een gozer uit het dorp verderop. Maar dat was niks, dus die ging op de “NO WAY”-stapel. Een brief die wel op het goede stapeltje terecht kwam, was van een knul uit Maastricht.

Wacht effe.

Maastricht???

Ik krijg het vermoeden dat Annemiek niet alleen dyslectisch is, maar ook topolectisch. Bestaat zoiets? Zo nee: nu wel! Geen idee hoe ver Maastricht van haar boerderij af ligt dus.
Goed, Miepmuts krijgt dus nog een nieuwe kans, maar wel op één voorwaarde: de moeilijke gesprekken moeten voortaan als eerste gevoerd worden. Wat een strak plan, zeg…

 

Jan gaat als eerste met z’n kop op het hakblok. Bij de schoonfamilie dus. Hij mag na een week Nienke weer zien en is stiekem bloedjenerveus. Zou zij het gevoel nog wel hebben bijvoorbeeld? Maar als hij haar met een enorme bos bloemen bij haar werk op komt halen, zien we dat Nien ook superblij is.
Op naar de schoonouwelui. Daar wordt Jan enthousiast onthaald. Tot zover gaat het goed.
Maar dan komen de zussen van Nienke binnen. Dat zijn er die en alle drie reageren ze hetzelfde op hun nieuwe zwager: “HAI JAN!!!”, smak, smak, smak. Jan werd er alleen maar verlegen van en er kwam eigenlijk niet veel meer uit dan “jajaja”. Of hij probeerde z’n naam steeds uit te spreken, maar dan stotterend, geen idee…

 

En dan Hjeert. Hjeert zat vorige week ineens met Angela opgescheept, nadat Miss Cameltoe zelf de lange dunne benen nam. Maar volgens Hjeert is dit precies goed. En dat komt mooi uit, want Angela zegt een kriebel te voelen voor Hjeert. Hjeert haakt meteen in met het voorstel om straks maar lekker in bad te gaan zitten. Maar dat feest gaat mooi niet door. Er is nog niet samen geslapen, wel speeksel uitgewisseld en dat was het. Want Angela moest gewoon weer naar huis. Of “hjeweunweernaarhoes”, zoals Hjeert zou zeggen.
Maar niet getreurd: ook Hjeert gaat bij z’n moppie en haar twee bloedjes langs. Er wordt Hollandse pot gemaakt, want daar is Hjeert wel van. Angela en dochters roken nog snel in de tuin de laatste zenuwen weg en dan is daar het moment: Hjeert arriveert in huize Angela. En op de manier hoe hij dat doet, kan ik alleen maar concluderen dat dit seizoen gewoon drie seizoenshorken heeft: Hjeert blijkt stiekem de derde! Waarom? Hij komt met lege handen aan. Geen bloemetje, nada, nakkes, niks. Hij schuift vervolgens aan tafel alsof hij dat al dertig jaar doet en laat even merken dat ie toch echt de voorkeur geeft aan rode kool in plaats van bietjes. En als hij weggaat, geeft ie Angela drie kusjes op de wang. “Tot mèrrege!”, roept meneer en weg is ie weer. Hjeert wil naar eigen zeggen “welverliefdworremaarallesmotkloppe.” Wij vermoeden dat het niet gaat kloppen.
Ach ja… binnenkort wordt het weer leuk: de citytrips staan op het programma. En een citytrip is net als een verbouwing of een intelligente lockdown in coronatijd: dan leer je elkaar pas ècht kennen.
Ik kan niet wachten.

 

Tot volgende week!

De spelregels.

20 apr

Beste toekomstige boerenschrijvers (M/V/T),

Misschien zijn de spelregels niet helemaal duidelijk. Ik zal ze voor de zekerheid hier nog even helder voor u weergeven.

  1. Schrijf niet als u niet bereid bent uw eigen leven op te geven om op de boerderij in te trekken. Boeren zijn boeren omdat ze op het boerenland werken. En in 99,9% van de gevallen bij hun werk wonen.
  2. Het is de bedoeling dat de boeren in kwestie de keuzes maken. Dit om het element van de spanning voor de kijkers te bevorderen. Hierop is echter één uitzondering. Zie lid 3.
  3. Per seizoen wordt er door de productie één mol aangewezen: de seizoenshork. Deze heeft als taak één logé gillend het erf af te jagen. Hij of zij dient dat zodanig te doen, dat het lijkt alsof de logé zelf tot dit wijze besluit is gekomen. Dit dient altijd de logé te zijn die als eerste of als tweede vertrekt.
  4. De seizoenshork dient zich op de citytrip dermate te misdragen dat de beoogde liefdespartner zich bij thuiskomst spontaan aanmeldt bij een klooster. Dit is de afspraak die de KRO bij de start van Boer Zoekt Vrouw heeft gemaakt met de Katholieke Kerk, teneinde de kloosterpopulatie te doen groeien.

 

Echt mensen… je hoort iedereen nu zeggen dat we 2020 moeten resetten, maar dat geldt zeker ook voor dit seizoen van Boer Zoekt Vrouw. Want manmanmanmanman… wat een droefenis dit jaar.
Om te beginnen zijn er op vier boerderijen inmiddels logé’s vrijwillig vertrokken. VIER!!! Larten we ze even op een rijtje zetten.

Bij Mandarijnman ging Betty als eerste weg. De grootste knuffelbeer van dit jaar kon haar niet op de boerderij houden en vertrok als eerste. Voor Mandarijnman alleen maar fijn, want hij houdt van iedereen. Zo zagen we gisteren dat ie tussen z’n twee dames  in een heuse snuifsessie terecht gekomen was. Okee: het bleek een wijnproeverij, maar dat mag de pret niet drukken. Buiten staat hij met tranen in z’n ogen omdat hij niet kan kiezen. “Dan kijk ik naar rechts en zie ik Karien. Kan ik heerlijk mee lachen en dan kijk ik weer naar links en zie ik dat lieve gezicht van Jacqueline en dan denk ik: ik wil ze allebei meenemen. Maar ja… ik kan niet kiezen. Dan kies je maar niemand, Geert-Jan!” Kleine tip: trek na je konijnen- en arabierenpak volgende week gewoon eens je Adamskostuum aan. Kijken wie er dan nog overblijft. Ik denk Karien, want Jacqueline vindt je te zwaar. Zelf is ze namelijk superactief en dat moet jij ook maar eens worden. Dus. Ik zeg: RUN!!! Maar dan wel Karien haar kant op.

“Eutjeveul?” Hjeert wacht af en stelt de vraag nog een keer. “Ikverstaoewel!”, zegt Angela. Vanavond komen de kinderen eten en dus wordt de Oeffeltse snackcorner leegbesteld. En daarna komen er vrienden van Hjeert langs. Het belooft een gezellig avondje te “worre”. Maar terwijl Miss Cameltoe op de bank haar kroketje met zit te herkauwen, trekken haar hersens aan de rem. Je ziet het bijna gebeuren: ohmygodohmygodohmygod!!! Het keuzemoment komt eraan en straks zit ik hier in Oeffelt met een Geile Geert 2.0 en zijn de camera’s weg en dan is alle roem voorbij en loop ik elke dag in kaplaarzen en een overall die veel te ruim zit omdat ie niet vacuum is getrokken hier de stal uit te mesten. Neeeeeeee!!! Dus trekt ze Hjeert nog voordat de vrienden komen aan z’n lurven mee en vertelt dat een liefdesrelatie er toch echt niet in gaat zitten. Hjeert reageert op z’n Hjeerts: die zegt dat allang te weten. Yvon wordt per Concorde ingevlogen en hoort van Hjeert dat Miss Cameltoe veel te wispelturig is voor hem. Angela weet tenminste wat ze wil en Hjeert weet ook dat zij hem wel leuk genoeg vindt om mee te gaan op citytrip. Dus ook hier een logé die de boerderij verlaat. Weliswaar niet gillend, maar kirrend. Op naar het volgende flirtslachtoffer.

Bij Jan ook vorderingen: Natasja Froger had slecht geslapen en veel na kunnen denken. En waar ze gisteren nog de (komt ie!!!) klik voelde, is die klik vandaag nog maar tot een flauw slappe-vingerknipje gereduceerd. Ze ziet ook dat Jan en Nienke veel beter met elkaar overweg kunnen en krijgt daardoor het idee dat ze niet bijzonder genoeg is voor Jan. En dus wil ze praten.
Jan geeft schoorvoetend toe dat er gisteren bij hem ook iets gebeurd is en dat hij verliefd aan het worden is op Nienke. Natas zegt niet de strijd aan te willen gaan en gaat haat koffers pakken. Jan vertelt de breiende Nienke ondertussen dat hij iets aan haar kwijt moet. Je ziet haar denken: ik lig eruit. Maar nee: wat volgt is een knuffel, Natasja die alle keukenkastjes leeg komt halen en een uitzwaaisessie met Yvon. Ook weer redelijk keuzemomentloos dus.

En al deze boeren zijn toch niet echt als seizoenshork aan te merken.
Wie dat wel is, is Annemiek. Maar goed, die heeft iedereen al van het erf gejaagd. Eerst Stille Willie Steven, daarna vertrok de superspontane Fries Jelte uit eigen beweging en ze stuurde de laatste, Erik het paajdenmeisje (nog steeds geen spelfout), er meteen achteraan. Wel gevoelens bij beiden, maar ja: hij woont op anderhalf uur rijden, dus gaat het hem niet worden. Yvon pikt het niet en stuurt Erik de stal in om met Annemiek te praten. Want als het aan hem ligt, wil hij er wel voor gaan. Maar ook dat gesprek in de stal levert niks op. Erik laat niet het achterste van z’n tong zien en laat zich gewoon weer wegsturen. En dat terwijl hij best voor haar had willen verhuizen. ZEG DAT DAN OOK, SLAPPE ZAK!!! Yvon zit even later bij een verdrietige Annemiek aan tafel. De sfeer is net zo ontspannen als toen er nog drie mannen aan tafel zaten: niet. Advies: lekker slapen en morgen de andere 620 brieven gaan lezen. Ja joh…

En een primeur: dit seizoen heeft nóg een seizoenshork! Ja, Bastiaan. En heel gek misschien, maar uitgerekend bij hem is er nog niemand gillend weggerend. Da’s toch vreemd hè?
De meiden hebben het hele huis al schoongemaakt en zijn voortdurend in de keuken bezig terwijl Bastiaan zich weinig laat zien (jajaja, er moet gewerkt worden) en de ladies amper bedankt voor het eten en toch blijven ze… Milou heeft twijfels en gevoelens en Elise gooit zich volledig in de strijd en wurmt zich constant tussen de andere twee tijdens het koken. Maar: ineens is daar Bastiaan die Quality-time met de dames wil. En dus gaat hij eerst met Elise op stap. Op de vraag hoe zij haar toekomst ziet, steekt ze van wal. Ze wil op het platteland wonen, ze wil een gezin, ze wil zorgen, ze is snel tevreden… met andere woorden: I have the whole package. Maar ze vertelt ook dat ze ziet dat Bastiaan en Milou naar elkaar toe trekken. Dat klopt, want hij zit op de bank constant met zijn rug naar Elise toe. Maar ja… als je in dat hoekje blijft zitten en je je dus letterlijk en figuurlijk op de achtergrond houdt… Kijk, een hork heeft dat dus niet in de gaten. En je kunt veel zeggen van Hjeert, maar die had alles piekfijn door.
Milou krijgt even later lasles van Bas. Hij probeert haar dingen uit te leggen, maar zij kijkt alleen maar dromerig van onder haar lasmasker naar hem en hoort niks van de uitleg. Zij heeft last van beginnende verliefdheid, maar ja… ze heeft ook twijfels. Want moet ze dan haar hele leven in Duitsland weggooien? (SCHRIJF DAN NIET, MENS!!! Zie punt 1!) En tja… Bastiaan wil net als Annemiek ook geen relatie op afstand… Moeilijk, moeilijk.

Nou goed, we gaan het zien: er is nog één kans dat er toch nog iemand gillend het Zeeuwse erf van Bastiaan verlaat en het vervolg van Mandarijnman, the breakdown.

Tot volgende week!

Eten, eten, eten!!!

13 apr

Weet je nog, vroeger? Toen Koffietijd nog gepresenteerd werd door Mireille Bekooy en die tosti die daarvoor bij de KRO werkte? Hoe heet ie ook alweer… Hans van Willigenburg! Die ja, van “koffietijdtaarrrrrrrrt.” In die tijd zat er een kookrubriek in het programma met Raya Lichansky. En die rubriek werd aangekondigd met een heel erg irritant stukje muziek en dan de gezongen tekst: “Wat éééééé-ten we vandaag???”

Nou… effe wachten nog… heel effe wachten nog… nog heel effe wachten… PIZZA!!! Nou ja, of ie ooit is geleverd bij Mandarijnman en zijn twee vrouwen, is nog maar de vraag. Want er werd zó ontzettend lang gemeut aan die keukentafel… De dames wilden een pizza bestellen. Met z’n drietjes één pizza (want ouder, dus minder trek). De dames – vrouwen van de wereld – wilden online bestellen, Mandarijnman (vaaaaan ’t plaaaaattelaaaand) wilde het liefst gewoon telefonisch bestellen. Even afgezien van het feit dat ik erg sterk het vermoeden heb dat hij nog nooit een pizza van dichtbij heeft gezien, werd het wel een dingetje aan de keukentafel van de boerderie. Wanneer Mandarijnman informeert of het lukt, reageert Karien kortaf: “Zolang jij je er niet mee bemoeit, lukt het wel om te bestellen.” En toen werd de postcode niet herkend. Jeumig. De volgende ochtend werd er geknuffeld (met beide ladies) in de keuken en ging Jacqueline wandelen terwijl Karine en Mandarijnman in de stal gingen schilderen. Met Karine haar bedoeling om een keer een echt gesprek op gang te brengen. Dat lukte en puntje bij paaltje was Mandarijnman ontroerd door het gesprek en het schilderen met Karine. Ik zou ook tranen in m’n ogen krijgen als ik een zonnebloem schilderde en mijn boer zou daar een paardenbloem in zien. Alhoewel… zelf zei ze dan weer dat het een margriet was. Verfdampen maken meer kapot dan je lief is, blijkbaar.

Nog even voortbordurend op het thema eten: da’s ook wel een dingetje in Zeeland, bij Bastiaan. Hij moet vandaag 10 hectare witlofpennen oogsten, dus is er geen tijd voor het meisje. Of meisjes in dit geval. De ladies soppen en zuigen het glazuur van de tegels en vervelen zich de tering in de keuken als de lunch klaar is. Na een hint komt Basje binnen met twee collega’s en de legendarische woorden: “Het wordt een korte lunch”. Daarna wordt de lunch zwijgend naar binnen gewerkt. En dan vertrekt het manvolk weer richting de 15.000 miljoenjard witlofpennen. Milou is er even helemaal klaar mee. Hosternokke!!!
Ondertussen is Eline onzeker, want ze ziet dat Bastiaan (als hij al tijd voor de dames heeft) meer oogcontact maakt met Milou, maar die ziet zichzelf dan weer niet op de boerderij voor de rest van haar leven. Pffff… Eline wil even gaan hardlopen, tenzij Milou aan Bas in haar afwezigheid verkering gaat vragen. “Want dan blijf ik even.” Maar dat gaat Milou niet doen. Nee, die ploft op de bank en gaat beeldbellen met haar BFF. In plat Lemburrachs wordt de situatie besproken. Ze voelt zich zo’n huisvrouw; ze past niet in zijn wereld, blablabla. Tijd zat: Bastiaan kan toch pas over anderhalf uur komen eten en Eline lijkt te zijn verdwaald in het donker op haar hard(weg)loopschoenen.

Over weglopen gesproken: bij Annemiek stijgt de gezelligheid ook tot op grote hoogte deze week. Ze nodigt wat vriendinnen uit. Stuk voor stuk paajdenmeisjes. (Nee, geen spelfout). Erik voelt zich als een paardenvlieg op een paardendrol, want mannelijk paajdenmeisje. Jelte niet en zit er voor lul bij. Hij vertelt dat wanneer het nog drie uur lang over paajden gaat, hij het toch wel saai gaat vinden waarschijnlijk. Maar al snel gaat het gesprek de andere kant op en komt hij beter in z’n vel en op de praatstoel te zitten. Annemiek ziet nu de leuke kant van Jelte en dat bevalt haar wel.
Maar na een nachtje slapen ziet alles er toch anders uit hè? Zo ziet Erik bijvoorbeeld dat er op een doosje thee de smaak “Mighty Mocro” staat terwijl er toch echt “Minty Morocco” op blijkt te staan. Let wel: hij wordt hier gewoon keihard gecorrigeerd door de megadyslectische boerin hè? En Annemiek ziet Jelte na een nachtje slapen als een stuk minder leuk dan de avond ervoor. Zelfs zo erg dat ze voor de camera verklaart dat wanneer Jelte haar even aanraakt, zij meteen denkt: doe maar niet. Geen goed teken. Jelte moet even mee naar de pinken om ze te voeren. Kutsmoes natuurlijk; ze gaat hem vertellen dat ie kan opzouten. Maar zover komt het niet: Jelte is haar voor. HA! GOOD ON YOU, BOY! Dus Jel pakt z’n tassen wel. Erik is dus de uitverkorene. Hij reageert fantastisch: “Welke smaak mag het zijn?”. En dat ging vermoedelijk over de thee.
Annemiek vertelt Erik dat ze wel gevoelens voor hem begint te krijgen, maar dat ze geen lange afstandsrelatie wil. En aangezien hij z’n eigen bedrijf heeft op anderhalf uur rijden van elkaar… De één zit namelijk in Gelderland en de ander in Drenthe. Wait, what??? Seriously??? Ik dacht dat de één in Zuid-Limburg zat en de ander in Friesland. Of Groningen en Zeeland voor mijn part. Zeg Annemiek, schat… Ik weet niet of je ooit wel eens in de Randstad bent geweest, maar hier is het heel normaal om anderhalf uur naar je geliefde te moeten reizen. Die tien kilometer verderop woont. Waar heb je het over, mens???
Anyway, Erik kan ook vertrekken. Jelte weet niet wat ie hoort en schuift nog even aan om dan toch maar z’n broodje op te eten. Duuuus…

Bij Jan is het allemaal nog lekker vaag. Hij vindt het fijn dat zowel Nienke als Natasja Froger een zorgachtergrond hebben. Da’s best handig op een zorgboerderij. Maar hij moet in elk geval niet denken dat Nienke mee gaat helpen als ze bij hem komt wonen. En hij moet eerst kriebels in z’n buik voelen. Als ik trouwens kriebels in m’n buik voel, moet ik heel snel een toilet zien te vinden, maar dat zal wel weer aan mij liggen. Nu we het daar toch over hebben: Nienke gaat Jan helpen met de stal uitmesten. “Het is een soort mediteren hè?”, mijmert ze. Het geeft haar de tijd om eens lekker met haar boer te kletsen. Natasja Froger is zeker van het feit dat Jan een grotere klik heeft met haar dan met Nien en gaat in plaats van boven de koeiedampen mediterend in de stal bezig zijn lekker met een cliënt mee die haar de wei wil laten zien. Nien vertelt even later dat zij vindt dat ze ook een enorme klik met Jan heeft, omdat ze veel aandacht van hem krijgt. Ja, duh… als je je opdringt bij het strontscheppen, dan moet die jongen toch uitkijken dat ie je geen klap met de schop verkoopt? Tuurlijk krijg je dan aandacht. Pffff… best vermoeiend.

“Flènktrekkenheej? Daszwoer!”* Het moge duidelijk zijn: we zijn bij Hjeert. Hjeert is volgens één van de dames knetterondeugend. Angela merkt op dat ze, ondanks dat ze allemaal heel verschillend zijn, het toch al mooi een week met elkaar uithouden. Miss Cameltoe vindt dat ook: “Ja, als ik je in de kroeg zou zien, dan zou ik wel een praatje met je maken, maar vriendinnen zouden we nooit worden!” Niet dat Angela dat zou willen, maar het rolt weer lekker tactisch haar scheur uit.
Hjeert deelt ondertussen klappen op achterwerken uit en Miss Cameltoe constateert dat Hjeert’s aandacht meer naar haar uit gaat. “Maar dat ligt misschien een beetje aan mij. Onbewust, of nou ja… bewust trek ik aandacht.” Oh? Joh… nou, dát was mij nou nog helemaal niet opgevallen.
Hjeert weet dat er weer een keuzemoment aan zit te komen en besluit de dames één voor één aan de tand te voelen over hun gevoelens. En dat doet ie in Hjeert-style: “Hoestadegijdrinaswijstraksietskriege?”Angela ziet het helemaal zitten. Kus erop en gaan. Op naar de volgende. Miss Cameltoe geeft aan het nog niet te weten wanneer hij vraagt: “Hoezieddegijdanoeffeltmetmie?” Hjeert is niet verbaasd door haar antwoord. Zij is dat dan weer wel. “HOE WEET JE DAT DAAAAAN???” Hjeert legt uit: “Dat zie ik aan hoe je doet, hoe je bent en hoe je rent.” Miss Cameltoe is benieuwd naar zijn mening en hij geeft een politiek correct antwoord, maar even later geeft hij toch toe dat het wel een beetje als een teleurstelling voelt. Aan de andere kant… hij vindt ze allebei even leuk, dus ik zeg: VOTE ANGELA!!!

(*Flink trekken hè? Dat is zwaar!”)

Nou goed, ik zag vanavond op Twitter de perfecte samenvatting tot nu voorbij komen:
Analyse Boer zoekt Vrouw: Geert-Jan zoekt iemand die met internet overweg kan, Bastiaan zoekt een huishoudster, Geert zoekt seks, Jan zoekt iemand uit de zorg en Annemiek zoekt eigenlijk niemand.

Bedankt, Stefan Keijzers. Ik had het niet beter kunnen omschrijven. Alhoewel: ik heb Geert en Geert-Jan even voor je omgedraaid. Ik bedoel: Geert-Jan en seks. Hallo???

Tot volgende week!

Wat voor meisjes???

6 apr

Angela, één van de dames van Hjeert, moet in de logeerweek naar de dokter vanwege een oorontsteking. Nou ben ik geen arts natuurlijk, maar zou het zo kunnen zijn dat het hysterische gekrijs van haar conculega-aspirantboerin Miss Cameltoe daar iets mee te maken heeft? Dat kan toch niemand zonder enige vorm van gehoorschade overleven? Miss Cameltoe pakt in elk geval haar momentjes met Hjeert waar ze kan. En daarbij gooit ze alles, maar dan ook echt alles in de strijd. Tijdens het voeren van de koeien bijvoorbeeld. Hjeert had net de kreet “billenmeisjes” (WTF???) gelanceerd toen hij de dames voor hem uit richting de stal zag lopen. De billen worden bij Miss Cameltoe als eerste ingezet. Hup meid, reet naar achteren, hooi op die vurrek en gaan! Hjeert loopt achter haar langs, kijkt goedkeurend naar de derrière van Miss Cameltoe en merkt terloops op: “Dasookunnemooiepose,die!” Daarna wil ze nog even weten of er, na het trainen van de armen door het voeren van de koeien, ook nog bepaalde bewegingen zijn op de boerderij waarmee je de benen kunt trainen. “Zoals een squatbeweging ofzo?” En ze demonstreerde meteen maar even wat ze bedoelde. Want ja, Hjeert blijft natuurlijk gewoon een boer. Hij weet ook al niet wat zen precies is, dus het woord squat zal hem ook vast niks zeggen. Ja, Hjeert is gewoon niet spiritueel. Miss Cameltoe wel; die leest alleen vage boeken. Zonder leesbril, want (and I quote:) “IK HEB HEEL VEEL WORTELTJES GEGETEN!!!” Jammer dat die niet op je stembanden werken. Wel op andermans zenuwen. En dan vooral op die van Angela, want die trekt zich steeds meer terug als Miss Cameltoe weer los gaat. En Hjeert? Hjeert heeft “een lèchte veurkeur veur Veura!” Da’s Miss Cameltoe dus. En zij? Tja… zij vraagt zich af waar zijn interesse in haar ligt. Is het puur fysiek of is het meer? Neem even in gedachte hoe hij in de stal naar haar achterwerk keek… I say no more.

Bij Bastiaan fantaseert Eline in de keuken hardop dat ze Milou wil gaan vergiftigen. Sterker nog: ze zegt het tegen Milou. Gelukkig komt het niet zo ver en zitten ze later gezellig met z’n drietjes aan tafel. Waar ze allebei overigens wel eisen stellen aan de door Bastiaan te verdelen aandacht. Ze willen allebei een bepaald aantal seconden oogcontact. Geintje natuurlijk, maar toch… Bastiaan is er zo van onder de indruk dat ie niet eens in de gaten heeft dat er kaarsen op tafel staan.
De volgende ochtend begint Bastiaan al vroeg met z’n werk: er moeten witlofpennen uit de grond geragd worden. Milou wil ook wel graag een keer meerijden op dat grote landbouwapparaat. Eline zet haar meteen op haar plek: “Het is geen kinderfeestje hè? Er moet gewoon gewerkt worden.” Zo. Dat ze dat maar even weet. Maar Milou slaat snoeihard terug door Bastiaan heel veel goede vragen te stellen. Dat ontgaat Bastiaan niet. Eline trouwens ook niet: die ziet meteen dat het effect heeft op de boer van dienst. En wordt daar ineens heel erg onzeker door. De stand vorige week: Eline-Milou 1-0. De stand deze week: Eline-Milou 1-1. Had ze toch dat handje arsenicum door dat eten moeten roeren…

Bij Mandarijnman gebeurt er nog steeds niks. Jaqueline smeert zijn boterham, hij moet nog douchen, maar is al wel uit z’n konijnenpak. Hij vindt Jaqueline een enorm warme vrouw (ik gok zo’n 37 graden Celsius en overigens vind ik het een soort van koelkast, maar dat terzijde) en een topwijf, maar dat vindt hij van Karien ook. Alleen die Karien hè? Die gaat volgens mij gewoon nog een keer “een Betty” doen. Wegwezen uit eigen beweging dus. En geef haar eens ongelijk. Want een beetje saai blieft het wel daar.

Over saai gesproken: de bank roept saaie muts als de volgende boer in beeld komt: Annemiek. Haar vader had al een suggestie gedaan: allebei de mannen houden. Jelte voor het koken en Erik voor het melken. Erik heeft agrarisch bloed en dat maakt hem bij Annemiek wel tot favoriet. Zeker als de mannen meegaan naar het paard van Annemiek. Erik is namelijk nogal van de paarden en Jelte duidelijk niet, want waar Erik in de paardenbak staat, doet Jelte het hek open en dicht. Hij staat er bij en kijkt er naar. Letterlijk en figuurlijk. Jelte geeft toe dat het gevoel er niet is en dat hij hoopt dat dat nog gaat komen, maar eigenlijk heeft hij er een hard hoofd in. En Annemiek vertelt hetzelfde. Jemig… er groeit echt iets daar: een ijsvloer ofzo. Manmanmanmanman…
Maar Jelte wil toch kijken of er met Annemiek een gesprek op niveau te voeren valt en grijpt z’n kans als Erik even boodschappen gaat halen. Hij laat merken dat hij er aan denkt om weg te gaan. Daar schrikt de saaie muts toch wel een beetje van. En het werkt: er komt zowaar een soort van echt gesprek op gang. Daar heeft Jelte dan toch even mooi doorheen geprikt. Annemiek vertelt dat ze het wel fijn zou vinden als hij zou blijven. En Jelte besluit dan uiteindelijk om niet te gaan, want beiden hopen ze eigenlijk toch wel dat er iets meer gaat gebeuren, qua gevoel.
“GEEF DIE GOZER NOU EFFE EEN KNUFFEL!!!”, schreeuw ik naar de tv. En verrek: de saaie muts heeft me gehoord. De wonderen zijn de wereld nog niet uit…

Jan is de laatste boer met nog drie vrouwen op de boerderij. Dus komt Yvon iedereen even aan de tand voelen met de bekende vragen zoals wat ze van Jan vinden en of ze zichzelf al op de boerderij zien. En daarop natuurlijk de geheide antwoorden: ja, het kan een match zijn/het voelt vertrouwd/hij heeft sterretjes in z’n ogen als ie naar me kijkt/blablablablabla. Het gebruikelijke geneuzel dus.
Jan heeft het er moeilijk mee, maar weet uiteindelijk toch iemand te kiezen om naar huis te sturen. Froukje vliegt er uit. Wij op de bank hadden die niet aan zien komen hoor… Natasja Froger en Nienke mogen blijven en lekker de kalfjes gaan voeren. Als ik Froukje was geweest, zou ik me zo belazerd voelen hè? Dat ik zelf niet de kalfjes had mogen voeren…
De volgende ochtend wordt er aan de ontbijttafel eerst wat dieper op de thuissituatie van de overgebleven dames ingegaan. Zo wil Jan wil weten of Natasja Froger nog broers en zussen heeft. Nou vindt Natas dat niet zo’n strak plan: ze moet eerst even wakker worden. Normaal gesproken word ik altijd wakker in bed en niet aan de ontbijttafel, maar dat zal wel weer aan mij liggen… Nienke wil iets meer diepgang in de gesprekken en gezamenlijk geven de dames de tip aan Jan om iets vaker door te vragen bij vrouwen. Noujaaaaaaaahzeg… Doet ie dat een keer, krijgt ie geen antwoord omdat er in elk geval één van die vrouwen nog wakker moet worden. Whaaaat???
Het is dat ik er zelf één ben, anders zou ik ook niks van vrouwen snappen…

Tot volgende week!

De clifhangerrrrr van boer Jan

30 mrt

Ach, ach, ach… wat gebeurt er weinig bij Mandarijnman.
Okee, resumé overflakkee: hij wandelde wat met Jaqueline en Karine, Karine heeft een lens verwisseld (want óók fotograaf), Jaqueline heeft een bootje en ziet zichzelf wel naar haar werk rijden bij Mandarijnman vandaan, ’s avonds staat er een kaasplankje op de keukentafel en Karine twijfelt.
Volgende!

Bij Jan gingen we vorige week weg met een cliffhanger. Dus wij met z’n allen de hele week in spanning… En ja hoor! Hij gooide het op tafel. Nou ja, niet letterlijk natuurlijk. Hij heeft met alle dames even een gesprekje om erachter te komen wie hij als eerste naar huis moet sturen. Hij is er nog niet achter, want hij vindt ze allemaal leuk. Dan gooit hij het over een andere boeg. Waar ie een paar weken geleden het pilletje-snuifverhaal in de groep gooide om te peilen wie daardoor naar huis wilde (niemand), probeert ie het nu via z’n kinderen. Hij heeft er vier, dus hij heeft ‘m niet versleten met… nou ja, je begrijpt me wel. Maar alle meiden vinden vier kinderen eigenlijk geen probleem. Okee, dat werkt ook niet. Redelijk in paniek trekt hij z’n laatste troef uit de kast: de rammelende eierstokken van de ladies. Want… en daar komt de cliffhangerrrrrrrr: hij heeft HET laten doen. Na vier kinderen. De pijpleiding verstopt. Een knoop erin. The snip. Een vasectomypleger. Hij is gesteriliseerd dus. Of het effect heeft? Nienke moet er even over nadenken en Froukje en Vera (ziet iedereen trouwens ook ineens de overeenkomst tussen haar en Natasja Froger?) zeggen het geen probleem te vinden. Volgende week het keuzemoment. Het zou me niks verbazen als Nienke eruit vliegt.

Annemiek (da’s die lompe kerel met die bult op haar hoofd), zit weer eens gezellig te eten met haar mannen. Er hangt zoals gewoonlijk een heerlijk gespannen sfeer aan tafel. “Ik ben niet eigenwijs!”, zegt ze. “En niet gezellig ook!”, roep ik naar de tv. Stille Willy Steven wil even met Annemiek praten. Wij op de bank voelen de bui al hangen: die wil naar huis. Nee dus. Steven vertelt waarom hij wat stiller en wat meer op de achtergrond is. Hij heeft kanker gehad en daardoor heeft hij wat minder energie dan de rest van de heren. Hij vond dat hij dat voor het keuzemoment even met Annemiek moest delen. Hij geeft wel aan graag te willen blijven. Erik wil dat ook graag, want het voelt voor hem lekker relaxed. De boerderij is voor hem bekend terrein. Jelte daarentegen (overigens de broer van Nienke de Jongh) voelt nog geen vonk. Net voor het keuzemoment vertelt Annemiek tegen Yvon dat ze echt leuke venten (????) op de boerderij heeft. Ze weet niet of ze er verliefd op kan worden, maar het is al heel wat dat ze ze naar eigen zeggen na 24 uur nog niet zat is. Dat zegt wat hoor. Dus.
En dan is daar het keuzemoment. Stille Willy Steven hoopt dat ie mag blijven en Jelte hoopt dat ie eruit wordt gegooid, maar dat gaat mooi niet door. Stille Willy Steven kan ondanks het gesprek toch z’n koffers gaan pakken. En dat doet ie terwijl Annemiek met haar twee andere leuke venten lekker aan de keukentafel op een telefoon naar paardensport gaat zitten gluren. Gezellig…

Bij Hjeert komt het keuzemoment ook steeds dichterbij. Asther (Esther) vindt hem lekker ontspannen, Angela vindt hem lekker chill en stabiel en Miss Cameltoe valt het op dat hij niet onder de indruk is van haar gekkigheid. En allemaal voelen ze dat de (komt ie weer) “klik” er is. Want hij kan zo lekker ondeugend kijken. Maar Hjeert is ook totaal niet te peilen. Tegen Yvon zegt ie dat ie daar toch iets mee moet gaan doen. En hij weet al wat: “eenbietjevastpakke, eenbietjeknuffele…”
Ja, leuk Hjeert, maornumosteersteenbietjekieze. Hij flikkert Asther eruit. Die schrok toch wel een klein bietje, maar goed. Asther kan ook gaan inpakken. Hjeert gooit er meteen een dienstmededeling uit: “de rammen gaan lóóóós!” Terwijl ik al richting de geitenwei zou gaan lopen om het hek open te zetten, snapt mede-Brabo Yvon dat de remmen nu los gaan bij Hjeert. En dat klopt. Terwijl Miss Cameltoe (die door Hjeert een aangeschoten projectiel wordt genoemd) in de keuken met haar oordopjes in kneitervals mee staat te bleren met de muziek op haar oren, zit Hjeert met Angela op de bank onder een dekentje rare/vage/grappige/vunzige filmpjes te kijken. En Miss Cameltoe is vooral verbaasd dat de delegatie onder het dekentje haar kon horen zingen. “Echt??? Hoorden jullie me zingen? Oh, wat erg…” Nou meid, ik kan je verzekeren dat zij niet de enigen waren. Er stonden een cameraman en een geluidstechnicus achter je. Ik weet niet of het je opgevallen was verder…

Maar voor het echte spektakel moeten we naar Zeeland afzinken. Want daar gebeurt iets opvallends. Niet met Bastiaan, nee… met de ladies onderling. Wat niet is veranderd, is het gezeik van Madeleen. JA-HAAAA, WE WETEN NU WEL DAT JIJ VINDT DAT BASTIAAN OPPERVLAKKIG BLIJ-HIJFT!!! Ik zeg meid, doe een Betty. Pak je spullen en ga gewoon lekker naar huis. Maar nee hoor… ze kwelt zichzelf liever. Okee joh. Wat jij wilt.
Milou is ook deze week totaal zichzelf. Nog steeds onzeker omdat ze als enige geen Zeeuw (geeuw) is, omdat ze zich afvraagt of ze wel hier op de boerderij past (gaaaap) en dat ze eigenlijk gewoon te ver weg woont (Zzzzzz). Ze merkt wel op dat er meer spanning tussen de roze overalletjes hangt. En dat komt door Elise, het “buurmeisje”. Want zij mag als eerste met Bastiaan mee op de trekker. Bij terugkomst wordt ze meteen uitgehoord door Milou: “Waar hebben jullie het over gehad???”, wil ze weten. Madeleen mag als tweede mee en als laatste is Milou aan de beurt. Ze vraagt niet of ze nu ook mag, maar wil weten of het hetzelfde is als autorijden. Dus hop, ook zij met Bastiaan op de trekker. En ja hoor: ook tussen de twee achterblijvers hetzelfde: “Hebben jullie echt gepraat?” Madeleen zegt dat dat niet echt het geval was. Elise ruikt bloed en gaat er met gestrekt been in. “Oh ja, wij wel hoor!”
Even later komt Yvon het erf op en voelt alle dames nog even aan de tand over Bastiaan. Madeleen zegt dat ie niet te peilen is en dat hij niet echt de man is die ze ooit op tv zag, Milou vertelt dat ze geniet van de rust en de natuur en vrij weinig over Bastiaan en Elise? Yep, vol gas: “Ik vind alles leuk aan hem!” Bastiaan? Die vindt ze allemaal leuk. Maar er moet er toch één naar huis en dat is Madeleen. Elise ziet al meteen hoe haar toekomst er uit gaat zien: zij samen met Bas op de boerderij. Milou mag ook blijven, vindt Elise. “Met Milou als onze werkster.” Zei ze dat nou echt???

Het moge duidelijk zijn: Elise is getransformeerd van stil buurmeisje tot een ongenadige polderdiva.

Tot volgende week!