Archief | december, 2020

Cranberry-zeekraal

28 dec

Tja… dan is er die ene vaste terugblik op het afgelopen Boer Zoekt Vrouw-seizoen. Wat “mot” je dan hè? M’n schriftje lag ineens al op tafel; macht der gewoonte. Maar wat een zooitje joh… Bas en Milou zijn bij elkaar op het moment van filmen en uit elkaar op het moment van uitzenden en Jan en Nienke waren al uit elkaar maar zijn op het moment van filmen nèt weer bij elkaar. Beide heren hadden op een bepaald punt eigenhandig de stekker uit de relatie getrokken. Wat willen ze nou? Boer Zoekt Als Ik Denk Dat Ik Weet Wat Zij Wil En Ik Haar Dat Niet Kan Geven Zet Ik Haar Aan De Kant Vrouw? Boer Zoekt Knipperlichtrelatie? Zoiets? In elk geval werd ik totaal niet geprikkeld om ook maar meer dan één alinea op papier te zetten. Waarvan akte.

Maar toen kwam Heel Holland Bakt. En nee, ik ga niet weer elke aflevering zitten te lopen te liggen te reviewen, maar die eerste aflevering… ik merkte dat ik tijdens het kijken al mee zat te pennen.
Want HHB heeft dit jaar spatschermen. En Jenny. Oet Twent.

Nou vooruit, ééntje dan.

Een volle tent met tien verse bakkers dus. Wie wordt de uitblinker? Wie wordt de chaoot? Alles ligt nog open. Alhoewel de laatste vraag binnen ongeveer dertig seconden na aanvang van de bakwedstrijd al zal worden beantwoord, maar dat later.

Als eerste staat de signatuuropdracht op het programma. Er moet een tulband worden gebakken, maar wel een speciaaltje natuurlijk. Nou ben ik absoluut geen bakwonder. Integendeel: afbakbroodjes heelhuids èn eetbaar uit de oven toveren is voor mij al een wereldprestatie, maar toen ik zat te kijken dacht ik ineens: wat zou ik doen als ik in die tent stond? In een wereld waarin ik geen levensgevaarlijke scheikundige keukenexperimenten stond uit te voeren, maar daadwerkelijk prachtige en eetbare baksels op tafel kon zetten? Wat zou dan mijn signatuurtulband zijn?

Nadat ik daar exact één nanoseconde over had nagedacht, wist ik het. In gedachten hoorde ik het mezelf al zeggen. “Ik ga een Terschellinger Potjekoek maken!” (Even voor de goede orde: die heb ik al eens gemaakt en iedereen leeft nog. Hij was nog lekker ook.) André van Duin zou hier dan een verbaasde blik laten zien en dan zou ik de rest uitleggen. “Kijk, mijn opa van vaders kant kwam van Terschelling en zelf kom ik er ook nog heel graag. En als ik er ben, moet ik altijd even naar de bakker onder de Brandaris (we mogen natuurlijk geen reclame maken voor Spanjer) om daar onder andere een Potjekoek te halen. Da’s een kruidige tulband. Zelf vind ik de naturelversie het lekkerst, maar je hebt ook een variant met gember èn natuurlijk één met cranberries.”
Maar ja, ik weet natuurlijk ook dat je het met een gewone Potjekoek met cranberries niet gaat redden, dus daar moest nog een verrassende twist aan worden gegeven. “Om het nou op en top Terschellings te maken, wordt het een Potjekoek met cranberryvulling een kleine twist: zelfgeplukte zeekraal van het Wad.” Jemig, wat een vondst! Meteen bedacht mijn zieke brein dat een volgende signatuuropdracht hoe dan ook rode peper zou bevatten. Je moet wel een beetje opvallen, toch? Maar goed, ik sta niet in de tent. En waarschijnlijk is de combi kruidcake-cranberry-zeekraal toch niet te hoechelen, dus dat komt weer mooi uit.
Ondertussen werden in de tent de mooiste tulbanden uit de vorm geflikkerd. Bij iedereen, behalve bij Jenny, die een soort koekkruimelmengsel met een miljoenjard smaken (lees: niet te doen, qua smaakbeleving) op haar bord had uitgestort. Ach, beginnersongelukje denken we dan maar.

Bij de technische opdracht heb ik standaard geen flauw idee wat er gemaakt moet worden. Aan m’n lijn zou je het niet zeggen, maar de banketbakker wordt niet echt heel erg rijk van me, zeg maar. Dus ken ik een slof of zwanensoesjes alleen maar uit HHB. Maar dit keer was het anders, want de opdracht luidde: maak Jaffa Cakes. Elke bakker moest er achttien maken. In de tent wist niemand wat er van ze verwacht werd. Ondertussen zag ik de Jaffa Cakes gewoon voor me. Want ik had ze vaak in Engeland in de supermarkt zien liggen: cakejes gevuld met sinaasappeldrab en pure chocolade er overheen. En ook die krengen koop ik nooit. Want ik ben zo’n beetje de enige die de combinatie van sinaasappel en chocolade echt niet te vreten vind. Bovendien is pure chocolade een belediging op zich, dus: goor. Jaffa Cakes are just not my cup of tea. Maar ik wist tenminste wèl wat het was. Ook een prestatie.
In de tent sloeg ondertussen de paniek toe en niet onterecht: alleen Jenny begon goed en eindigde uiteindelijk verrassend op de derde plaats, maar meer omdat de overige bakkers er echt niets van hadden gebakken, letterlijk en figuurlijk.

Opdracht drie was het traditionele spektakelstuk. Dit keer moest er een taart worden gebakken met als thema: wie ben ik? Daar gaan geen gemalen Wendy van Dijkjes in, maar de taarten zeggen iets over hun bakkers. De meeste bakkers verwerkten hun hobby of hun beroep in de taart. En weer was daar die gedachte: wat zou ik uit die oven flansen? Aangezien ik motorrijden wel als hobby zie, maar het me niet handig lijkt om een motor te bakken, zou ik iets met m’n werk moeten doen. De bakkers werden tussendoor voorgesteld met wat beelden van hun thuissituatie en wat shots van hun werk. Zou niet echt een supergezellig shot zijn, ik terwijl ik voor een rouwstoet uit loop.
In de tent bakte men vrolijk verder. De één maakte een kokos-pandantaart (ohmygodohmygodohmygod), de ander een tafereel uit Oostenrijk. En Jenny? Die liep te kloten. Wilde haar tulband niet garen, nu stond haar oven op standje sambal en kwamen haar taarten zwart tevoorschijn. Robèrrrrrr moest er zelfs bij komen om advies te geven over de oven. Even dacht ik dat ik vergeleken met Jenny niet eens zo heel erg zou opvallen in negatieve zin. Want echt alles werd een zooitje en liep bij haar gierend uit de klauwen. Alsof ze voor het eerst een oven zag.

Het was dan ook niet echt een verrassing dat de eerste afvaller Jenny was. En eigenlijk was ze daar zelf ook wel blij om. Elizabeth (bakker van de week) en Daniel? Die gaan wel heel ver komen.

En ik? Ik zou waarschijnlijk een weekje later dan Jenny (vanwege mijn geweldige Jaffacakes en de zeekraal) de tent uit worden geschopt, als ik al mee zou doen. Maar ik denk dat het voor iedereen beter is als ik me daar maar niet aan waag. Want zeg nou zelf: een spektakelstuk in de vorm van een doodskist… is ook niet echt feestvreugdeverhogend hè?