B&B Vol Liefde, week 7: Aan alles komt een eind…

30 aug

Ach en wee. De laatste week alweer. En nu? Het zwarte gat??? Het eind van de wereld???
Nou, laten we dan eerst maar naar het eind van Portugal gaan, naar Albufeira. Veel zuidelijker dan dat wordt het niet op het Portugese deel van het Iberische schiereiland.
Want bij Malle Pietje mogen de dames naar huis. Monica, Segrun, Anita en Jenny zijn dolblij. En dat snap ik. De meiden zijn zo blij dat ze weg mogen, dat ze uit blijdschap hun oerhollandse kadootjes (Berenburg, stroopwafels) helemaal aan de verkeerde Jacob geven, namelijk aan Marianna. Zij blij. Na de stroopwafels paste ze haar bikini niet meer en na de fles Berenburg is er nooit meer iets van haar vernomen.
Ondertussen lopen er alweer twee andere ladies over het terrein: Rosa, de ex van Malle Pietje, komt de zieke kat ophalen en ze heeft haar moeder meegenomen. Ze gaan meteen maar even lekker een beetje puinruimen. Maar wacht effe… Rosa. Dat was toch die ex die tot twee dagen voor de komst van de zure tantes uit Holland bij Malle Pietje woonde? Yep. Jenny vindt daar wat van natuurlijk. Maar: ”het zal me boeien!” Nee, dat merk ik…
Malle Pietje zegt op het ene moment dat de dames voor hem al vertrokken zijn en het andere moment maakt hij nog een compliment naar twee dames. “Jullie zijn er qua uiterlijk in Portugal op vooruit gegaan.” Met andere woorden: ze kwamen lelijk binnen en ze gingen als schoonheden weer terug naar Nederland. Elk normaal mens zou zeggen dat iemand een lekker kleurtje had gekregen, maar hij krijgt het weer voor elkaar om het rot uit z’n centenbak te laten rollen. Talentje hoor! Nog zo’n talent: struisvogelpolitiek bedrijven. Want Malle Pietje heeft wel een cadeau voor de dames. De foto’s van de ladies die Marianna aan de rand van het zwembad had gemaakt, zijn afgedrukt en mogen in het lijstje dat Jacob eerder al had gegeven. Goh, je ziet dat niet aankomen hè, als je een leeg lijstje krijgt… Maar goed, Malle Pietje zegt op de foto’s vier prachtige dames te zien, die intens geluk beleven. Ja joh, droom lekker verder… De mafketel heeft geen bord voor z’n kop, maar een hele B&B. Mèt tennisbaan. Dat blijkt ook als de ladies gaan vertrekken. We zien ze één voor één met hun handtassen en hutkoffers allesbehalve charmant naar beneden klunen. Wat een geworstel en gehannes op die trap. En Malle Pietje, of ‘die hork’, zoals Anita hem omschrijft, is natuurlijk in geen velden of wegen te bekennen. Als de laatste koffer beneden staat, vliegen de glazen deuren van z’n woonkamer open en steekt hij z’n verbaasde tronie naar buiten. Kin naar voren, wenkbrauwen op het dak. “Kan ik helpen?”, vraagt ie. “Nu niet meer”, reageert één van de dames. “Maar ik was met Peppie bezig…”, klinkt het quasi-verontschuldigend. Peppie is de zieke kat hè, even voor de duidelijkheid. Jenny is er echt he-le-maal klaar mee. “Nee, je zat languit op de bank.” Terwijl Malle Pietje en Marianna in de deuropening staan, stappen de vier dames bepakt, bezakt en opgelucht van het terrein af. Ach, ze hebben thuis weer iets te vertellen.
Tegen Art zegt Malle Pietje dat de dames hem niet waardeerden. “Het was tegen de wind in pissen. Echt tegen de wind in pissen. En dat stinkt!” Ik ken de uitdrukking niet, maar ik zie nu een ondergezeken Jacob voor me. En de geur kan ik me levendig voor de geest halen. Nee, dankjewel! Om de pislucht een beetje weg te spoelen, gaat ie aan de slag met z’n echte liefde: de surfplank. Lekker windsurfen op zee. Met z’n gekneusde ribben…

In het noorden van Italië heeft Vincent de wind van voren gekregen van vooral Sophie, die andere gesprekken wil dan geneuzel over de plakjes kaas. Nu is het the day after en geeft Soof toe dat ze zo strategisch was als een dronken schildpad. Vincent wil even met haar alleen praten en maakt duidelijk dat zij geen setje worden. Soof is het er helemaal mee eens en samen gaan ze het nieuws aan Monique vertellen. Die ziet ze binnenkomen en denkt: “oh shit, here we go…” Maar goed, Soof gaat weg en Vincent en Monique willen het wel samen gaan proberen. Helemaal geweldig natuurlijk, want nu zijn ze met z’n tweetjes en… Oh ja, Art Rooijackers komt nog langs. Precies nu. Art informeert of ze allebei in hun eigen kamer hebben geslapen. Vincent zegt van wel, Monique zegt van niet. En net voordat Art vertrekt, wordt er zowaar speeksel uitgewisseld. Het is een wonder! In een datingprogramma. Je verwacht het niet hè…

Prinses Roxanne wordt door Theun meegenomen voor een picknick. Hij heeft nog niet veel tijd met Rox alleen gehad, mede doordat er een stacaravan tot Tiny house moest worden omgetoverd (Rox, dat doe je niet met verfkwasten, maar met een kettingzaag. Heb je meteen drie Tiny Houses.) Er wordt een goed gesprek gevoerd en Theun voelt dat ze elkaar begrijpen. Theun voelt alleen niet dat Rox meer naar Mitch neigt. Maar niet getreurd: de ultieme test staat voor het ijzeren hek: de potentiële schoonouders. Canadian dad (beetje patserig type) vraagt als eerste of de heren een beetje hard werken. Oh my… Anyway, pa en ma en vriendin Carole weten wel voor wie ze gaat kiezen: inderdaad Mitch. Benieuwd of Theun dat ook al kon voelen trouwens…
Als ze met z’n tweetjes zijn, gaan De Prinses en Mitch gezellig saampjes op pad. Of nou ja, gezellig… Er vallen ineens stiltes. En dat trekt Rox niet. Dat komt mooi uit, want er is ook geen aantrekkingskracht. Dus ja… ook Mitch vertrekt naar huis en er wordt afgesproken weer eens iets te gaan doen samen. Nou Mitch: welcome to the friendzone…
En Rox? Die ging de bedden verschonen. Op haar hakken.

In Oostenrijk zijn de mannen joggend naar de bakker gestuurd om broodjes te halen voor de gasten. Het ontbijt moeten ze ook nog eens naar de gasten brengen. Lekker, twee vers bezwete kerels boven je ontbijtje. NOT!
Ondertussen valt het zowel Caroline als Jeroen op dat Erik iets te vaak grapjes maakt. En dat kan natuurlijk niet. Want dan kun je ook met iemands hart dollen. Dus nee… de kansen voor Erik nemen af. En dat terwijl Jeroen steeds meer loskomt. Want Jeroen ziet zich wel in Oostenrijk met Rausje en Caroline de B&B bestieren. En ach, wat heeft ie te verliezen? Hij neemt Caro meteen maar even apart om met haar te praten over zijn gevoelens. En dat doet hij in de keuken, tijdens het maken van de viscurry. Caro hoort het allemaal aan en zegt later tegen de camera dat Jeroen net z’n viscurry is. Ze mist in beide wat pit. Nou zou het feit dat iemand vis ergens in doet voor mij al meteen een aanleiding zijn om diegene op de eerste de beste vlucht naar huis te zetten, maar Caro slaapt er nog een nachtje over.
En ja, ook Jeroen kan vertrekken. Hij neemt het als een man, maar de teleurstelling is er wel. Tja, als je moet kiezen tussen een geinponem en vis… Dan wist ik het ook wel.
En dan zit ze alleen met Erik. Er moet hoognodig een wijntje worden gedronken in de tuin. Maar ja… ook het appartement van Jeroen moet nog gepoetst (het woord alleen al. Zeg gewoon schoonmaken!) worden, dus dat gaat voowrrr. Een ideetje van Erik trouwens.
De volgende dag zijn de twijfels over Erik nog wel aanwezig. En dus komen, na het gezellige bezoekje aan de osteopaat, Caroline’s vrinden op de bowrrrel. En als die Erik afkeuren, ja… dan gaat hij ook gewoon met de eerste posttrein weer retour afzendewrrr. Maar Erik doet er alles aan om het niet zo ver te laten komen. En dus laat ie een bos bloemen bezorgen en doet er een lief kaartje bij. Ondertussen kwaken de vrinden dat ze verbaasd zijn dat er nog maar één man is, maawrrr… de overgebleven man is wel een leuk exemplaawrrr voor Caro.
Die reageert echt zo superspontaan met; “Ik hoowrrr wat jullie zeggen, maawrrr wat moet ik doen?” Ehhh… misschien voor jezelf beslissen? Kweenie hoor… “Ik zou het gewoon een kans geven. Je weet maar nooit…”, kwaakt één van de vrinden.
En zo werd er getoast op het nieuwe koppel dat op de valreep óók zowaar speeksel uitwisselt. Alleen dat beetje wat toevallig op hun lippen lag hoor. Nee, veel gekker moet het niet worden.

In Saint-Misère vraagt Bert zowaar aan Froukje wat haar plannen zijn en of ze iets samen kunnen doen. Frouk heeft geen idee en laat het denkwerk aan Bokkige Bert over. Nou, die heeft een strak plan: ze gaan fijn de luiken schilderen. Frouk wil weten of ze ook nog iets leuks gaan doen. Uiteindelijk gaat ze na het schilderen er zelf maar op uit in het dorp, op zoek naar vertier. En dat vindt ze: wat mannen doen een potje petanque. In een mix van perfect Frengels, Dunglish en Nederlands krijgt ze het toch voor elkaar dat ze even mag meespelen. Veel spannender wordt het niet vandaag. Ze vat Saint-Misère dan ook mooi samen: “er is een kerk, een restaurant en Bert.”
Die middag lijkt het toch nog leuk te worden: Bert wil gaan shoppen. Frouk kan haar geluk niet op en springt meteen naast hem in de auto. Uiteraard is de rit niet al te gezellig, want Bokkige Bert is geen praterige Bert. En dat shoppen moet je ook met een kilootje zout nemen: er wordt verfspul gehaald bij de Action. Niks leuke boetiekjes in een pittoresk Frans stadje. Gewoon, naar het Centre Commercial aan de rand van de stad en de Action in en uit. Maar dan toch wordt er even een terrasje gepikt (het zou me niet verbazen als mensen van de productie dat even hebben gepusht bij Bert). Niet dat het er heel erg gezellig aan toe gaat: Frouk zegt dat ze het gevoel krijgt dat ze nooit iets goed kan doen. Bert zegt dan weer dat dat nou eenmaal gewoon Bert is en dat hij een assertieve vrouw zoekt. Frouk is er wel klaar mee. “Je bent best vaak bot tegen me geweest.” Het doet Bert niet veel, want Froukje past totaal niet bij hem. Nee, hij zoekt een stukje Romana, met een stukje Gwen en een stukje Froukje.
En dus zien we de volgende ochtend ook Froukje haar koffer naar haar auto zeulen. Bert neemt nog wel even de moeite om haar een flesje wijn mee te geven met de legendarische woorden: “Hopelijk heeft ie een minder wrange afdronk dan je komst hier.” Echt een lolbroek, die Bert…

En dan de perikelen in en om Cáááása Sáááááántááááaángelo. Als je denkt dat Deb niet nog zuurder kon, dan heb je het mis: ze gaan met z’n drietjes een citroentoer doen. Whatever that may be. En daarna een lunch. “Citroenen geven mij het gevoel van Amalfi. Dat maakt mij blij”, zegt ze gelukzalig. Ze wordt niet zo blij van Chris en Pascal en dat snijdt ze tijdens de lunch nog even fijntjes aan. “Voelt het voor jou als vakantie?”, vraagt ze aan Pascal. Het arme jong heeft nog nooit zo veel gewerkt als bij Deb in haar B&B, maar dat vergeet madam voor het gemak maar even. Pascal ontkent. Chris ook. Deb snapt dat niet, omdat zij dat gevoel wel kreeg van de heren. “Ik zat er maar een beetje bij.” Over het gebrek aan interesse gaat ze nog even door. Chris laat het niet over zijn kant gaan en vertelt dat het wel een wisselwerking is. “Jullie hadden er al twee weken op zitten en ik kwam in een uitgebluste sfeer. Ik ben met Pascal meegegaan, in zijn vibe en heb jou dus te weinig aandacht gegeven.” Pascal, die er toch al niet op z’n gemak bij zat, voelt zich nu ook nog eens door Chris genaaid. Deb gaat rustig nog even verder dat hij wel wat meer vragen had kunnen stellen (zucht) en dat ze niet bijt als hij een vraag zou hebben gesteld (nou Deb… ik zou m’n hand er ook niet voor in het vuur steken hoor, dat jij niet bijt.) “Ja, maar die wijnproeverij (die Chris had georganiseerd) was toch best leuk?” Deb houdt haar hoofd schuin, kijkt omhoog en denkt even na. “Jjjjjja, maar ik heb niet het gevoel dat…” LUISTER NOU EENS NAAR DIE JONGEN, MUTS!!! Hij kwam net binnen, stond 20-0 achter, voelde een rare sfeer en nam je toch mee. Op z’n eerste of tweede avond. Terwijl hij vertelde ietwat verlegen te zijn. Wat jij ook weer veroordeelde, want hij is angstig. Kom op zeg! IJskonijn.
Ze vertelt dat ze de uitleg van Chris wel kan begrijpen en dat hij blijkbaar meer een volger (dat wil je toch? Straal je wel uit, in elk geval.) dan een leider is. Vindt ze ook weer wat van natuurlijk. “…maar er is geen magie bij jullie beiden…’, wauwelt ze onverstoord verder. “Ik wil verrassingen. Ik wil dat elke dag een cadeautje is.” AAAARGHHH!!! Als ze wordt meegevraagd op date door Melvin/Marvin/Mulvan, zegt ze nee. Als Pascal vraagt of ze samen wat kunnen gaan doen, zegt ze nee. Het armbandje was de verkeerde kleur, noem maar op. Ze wijst ze constant af. Gek hè, dat het een keertje ophoudt met de interesse? Pascal is het ook helemaal spuugzat en vraagt hoeveel diepgang ze wil. “Ik heb je alles verteld over m’n familie. Dan geef je antwoord, maar daarna? Niks.” “Je moet niet vertellen; je moet vragen stellen.”, zegt madam. Ze heeft blijkbaar geen idee wat een gesprek precies inhoudt. Pascal voelt zich genaaid en zegt dat het allemaal niet echt binnenkomt bij Deb.
Deb klaagt tegen de camera: “We moeten even iets voor onszelf doen en daarna hoop ik dat de heren zelf initiatief nemen om het gesprek op te raken. Als ik zelf wéér het gesprek moet opraken, als ik wéér zelf de kritische vragen moet stellen, dan ben ik er wel klaar mee.” Ik kijk met grote ogen naar het scherm. Een gesprek opraken? Ik denk dat ze oprakelen bedoelde. Anders heb ik echt geen idee waar ze het over heeft.
Dan concludeert ze dat Chris het volgens haar wel begrijpt en morgen z’n spullen zal pakken. Ze vertelt dat Pascal het niet zal begrijpen, “maar dat heeft te maken met zelfreflectie.” Zei ze nieeeeeet!!! Zelfreflectie? Kind heeft zelf echt totaal geen greintje zelfreflectie. De mannen zien nu ook dat het trekken aan een dood paard is. “Ze geeft ons de schuld, maar zij wil ook geen enkele moeite doen.” Nou goed, Debby gaat diezelfde dag nog over haar nek en vindt het nodig dat aan de mannen mee te delen. “Ik was een beetje zuur van binnen. Mijn lichaam probeert te zeggen dat het er klaar mee is.” Chris wil nog een wandelingetje met haar maken om het één en ander uit te spreken en Pascal laat merken dat hij de manier waarop zij tegen de heren deed, niet echt geweldig vond. Waarvoor ze zowaar haar excuses aanbiedt. Nou ja, voor de foute timing dan. Niet voor wat ze heeft gezegd. En ze vertelt dat ze Pascal niet binnen het jaar ziet settelen. Nou, dat scheelt: gaat bij jou ook niet gebeuren.
Op de valreep leren we nog een nieuw woord van Debselbebsel: ze zegt tegen Art dat ze aan het eind van haar Latij is. (Dit was geen spelfout.) Tegen Nuffige Nathalie wordt er weer ouderwets geklaagd dat het haar energie kost terwijl liefde juist energie moet opleveren (hebben we vaker gehoord), dat er geen diepgang is (hebben we vaker gehoord) en dat de heren geen interesse tonen omdat ze niet doorvragen en graven. (Het wordt saai, maar ook die hebben we vaker gehoord.) En oh ja, de heren zijn geen ondernemers. Ik wist niet dat dat in de profielschets van een partner staat tegenwoordig?
Het lijkt haar leuk als de heren ooit nog terug gaan komen, maar dan met een partner. (Denk het even niet, Deb!) Als de mannen voor de laatste keer de deur van Cáááása Sáááááántááááaángelo achter zich dicht hebben getrokken, blijkt dat Deb kan ontspannen. Wat zeg ik? Ze kan zelfs lachen. En met een drankje in haar hand haar voeten op tafel leggen. Ik weet niet wat ik zie!
Ze besluit met de woorden dat ze een positief mens is dat in iedereen iets moois ziet. Oh??? En ze droomt van een uitbreiding van Cáááása Sáááááántááááaángelo, liefde, rust en een gezin. (Lees: kleine, zure, om diepgang zeurende mini-Debjes.)

Ondertussen zijn we een tijdje verder en weten we dat iedereen uit elkaar is, dat Caroline haar B&B heeft verkocht en weer in Nederland woont met Rausje en dat de enige romance die is opgebloeid, de bromance tussen Mitch, Theun, Pascal, Murvan/Melvin/Marvon en Chris is.

En nu? Zwart gat? Praatsessies bij de psychia…
Oh… wacht effe… de nieuwe boeren van Boer Zoekt Vrouw worden alweer voorgesteld.

I’ll be back. In januari 2022…

B&B vol liefde, week 6: Boobies!!!

20 aug

In Saint-Misère is het besluit gevallen. Gwen gaat toch naar huis. Dochter in het ziekenhuis, moeder die er slecht uitziet (en inmiddels is overleden), dus verstandig: ze gaat. Maar niet nadat ze in haar kamer een T-shirt voor de man des huizes heeft opgehangen met de opdruk: Bert for Breakfast. Dat had ze gewild. Ze vindt het wel jammer, want ze voelt dat Bokkige Bert begint te ontdooien, maar helaas: we zien haar toch met haar eigen koffer zeulen. Bokkige Bert heeft het veel te druk met het oppompen van een bandje van de kruiwagen. Het afscheid gaat wel elke keer iets hartelijker. Ysolde kreeg geen knuffel, Annemarie kreeg een kleintje, Romana kreeg een ongemakkelijke gemeende en Gwen krijgt zelfs een zoen. Op. Heur. Waffel. Nou ja, dan houdt ze ‘m tenminste wèl even dicht. Win-win.
Bokkige Bert is een stuk minder bokkig als hij alleen is en hij zegt jolig dat ie nu op z’n kop kan gaan staan om dubbeltjes te poepen. Ik zou zelf eerder voor twee euromunten gaan, in dat geval. Maar: hij kan heeeeeerlijk ongestoord naar de Formule 1 kijken.
Denkt ie. Want ondertussen is Froukje onderweg. Een Fryske witkop (blondje) die er erg veel zin in heeft. Ze valt met haar neus in de boter: Bert is niet alleen. Er zijn onverwacht vrienden van ‘m gekomen, dus hij heeft totaal niet in de gaten dat Frouk het erf op komt gewandeld. Met haar koffer staat ze al half binnen als Bert voor haar staat. Die stuurt haar buitenom met koffer terug naar de veranda, omdat ze daar makkelijker haar kamer in kan. Jezus man, laat dat mens gewoon binnen en wees daarna even een heer door aan te bieden straks haar koffer naar haar kamer te brengen. Nou goed, al met al vindt Froukje alles leuk. Bokkige Bert ook: “nummer vijf, lekker wijf!”. Froukje is wel benieuwd waar de overige vrouwen zijn, maar Bokkige Bert heeft geen zin om daarover ook maar iets los te laten. Froukje concludeert dat ze zich òf verstopt hebben, òf dat ze zijn gevlucht. Het ligt in elk geval gevoelig. Ik denk dat ze binnenkort precies aanvoelt wat er is gebeurd. Ik denk morgen al.
De volgende dag heeft Bokkige Bert een plan: Froukje moet eiersalade maken. Er is geen augurk en van Bokkige Bert mag er in geen geval mayonaise in. Hij komt wel even keuren: er moet meer sambal en koriander in. Daarna wordt er Formule 1 gekeken (alleen de mannen) en dan blijkt dat Max Verstappen op de eerste plaats staat, dus: champagne. Geheel in Bert-style schenkt hij eerst voor de mannen in en als laatste voor Froukje. Maar hij is in zo’n goeie stemming dat er met z’n viertjes wel een keer buiten de deur kan worden gegeten. Frouk snijdt aan tafel nog even de eiersaladekwestie aan: hij had het natuurlijk ook wat vriendelijker kunnen vragen. Op Bert maakt het allemaal niet zoveel indruk: ze wil toch zeker de echte Bert leren kennen? Nou dan. En Frouk? Die vindt hem nog steeds leuk. Wacht maar tot de alcohol is uitgewerkt, Frouk.
De volgende dag haalt Froukje heel attent een beestje uit Bert zijn haar. Bert, dankbaar als altijd, zegt hartelijk: “Fijn Froukje, dat je dat beestje uit m’n haar hebt gehaald. Dankjewel.” Alleen als Bert dit zegt, klinkt het anders. Dan klinkt het zoals: “Maarre… je gooit dat nu wel op de grond, maar hoe komt dat er weer vanaf dan?” Geloof me, was ik Froukje geweest, dan kreeg Bert nu een bezemsteel in z’n reet, hing ie met z’n hoofd op de vloer en mocht ie het hele huis hoogstpersoonlijk zuigen. Met z’n mond. Maar ik ben Froukje (godzijdank) niet. Die maakt vrolijk de keuken (en de lampjes!) schoon terwijl Bokkige Bert ligt uit te rusten voor één van z’n trekkershutjes. Frouk komt even gezellig kijken wat Bert aan het doen is en het valt meteen op dat zij nogal lijfelijk is. Ze geeft Bert zelfs een kusje (volgens mij zo’n beetje de eerste niet-afscheidskus in het hele programma) en Bert… tja. Bert doet weer lekker bokkig. Nummer vijf, lekker wijf noemt zichzelf de prinses die de prins wakker kust en hij is daar natuurlijk weer niet van gediend. Hij vindt het lastig. Hij mist Romana. Bij haar kon hij onbevangen zijn en dat kan bij Froukje niet. Ook niet bij Gwen trouwens. Niet dat dat aan die meiden ligt, maar dat ziet Bokkige Bert weer niet. Froukje is zich van geen kwaad bewust en heeft in huis allerlei klusjes gedaan. Zoals de was. En oh ja: ze had de droger even opnieuw aangezet. Maar dat kon Bokkige Bert al helemaal niet waarderen. Frouk kreeg de wind van voren omdat het ding stond te draaien voor maar vier handdoekjes. Tot overmaat van ramp had ze ze ook nog eens opgevouwen. Verspilde moeite, want Bokkige Bert hangt het altijd vochtig op in de kamer. Dan droogt het ook en het is meteen op de plaats van bestemming. Nee, ze moet voortaan eerst aan hem vragen hoe hij het wil, omdat dat dingetjes zijn die hij al vijf, zes jaar zo doet.
Ik kreeg ineens een flashback naar een ex. Die deed ook z’n dingetjes op een bepaalde manier en volgorde. Die kon er ook niet tegen als iemand iets op een andere manier of zelfs al op een ander moment deed. Die verweet mij dat ik ooit zelf zijn waterkoker had aangeraakt om een bakkie thee te zetten. Nu ik erover nadenk: hij lijkt best wel op Bokkige Bert. Hij zal toch niet naar Saint-Misère zijn verhuisd en onder een schuilnaam een B&B hebben opgest… Neeeeejoh! Ik zie spoken.

Bij Prinses Roxanne is de sfeer om te snijden sinds gladde Chris het terrein is opgeglibberd. Hij praat veel, hij praat vaak en hij praat vooral over zichzelf. En over eieren. Of z’n kookkunsten. Theun en Mitch vallen een beetje stil. Ze hebben ook geen zin om een gesprek te beginnen, want “dan gaat ie toch weer een uitgebreid verhaal zitten afsteken waarin niemand geïnteresseerd is”. De Prinses legt uit wat er die dag gedaan moet worden. Het tiny house (ik noem het gewoon een stacaravan, omdat het namelijk ook gewoon een… stacaravan is) moet verder worden geverfd en het kippenhok moet worden gewit. (Hoezo? Roken die beesten stiekem binnen?) Chris gaat even een kijkje nemen in de stacaravan en besluit meteen ook maar de kwast te pakken. Hij verft even wat dingen over en is heel erg blij met zichzelf en met het resultaat. Rox iets minder: “Okee, maar dat was al twee keer geverfd hè?” Het ziet er ook niet echt uit nu. Druipers, zwarte verf op de witte muur… Rox is not amused (en terecht) en vertelt hem in de kas dat ze het fijn zou vinden als ze iets beter zouden communiceren. Daarna gaat Chris lekker verder met strijken. Je moet toch wat, als de eieren al op zijn. Dan verzint Chris een date: lekker paardrijden. Rox, die Theun en Mitch al een keer op een paard heeft gezet, is allesbehalve een “paajdenmeisje”. Ik ben ook geen “paajdenmeisje” en ik kan zo’n beest ook niet berijden. Bereiden ook niet trouwens. Ben niet zo’n keukenprinses. Uiteraard is Chris een keukenprins en maakt hij die avond het eten klaar. Maar voor die tijd komt Gay Best Friend Vincent langs om de eierman te keuren. De alcohol vloeit rijkelijk, maar Mitch weigert: hij is een sportman. En dus wordt hij uitgedaagd om squats te doen. Met De Prinses op zijn nek. Maar Vincent vindt wel dat zij zich hiervoor in een gympakje moet hijsen. En wat je GBF zegt, dat doe je. Weten jullie overigens wat er met de jurk van Trijntje Oosterhuis is gebeurd? Dat ding dat ze uiteindelijk niet droeg op het songfestival? Die met dat decolleté tot aan haar… nou ja, laat ik het -in tegenstelling tot Anouk- netjes zeggen: tot aan haar kruis? Nee? Die jurk is gerecycled. Ja. In meerdere kledingstukken. Het decolleté is apart verkocht. Aan Rox, want hij zit nu in haar gympakje. En dat gympakje trekt ze aan zonder beha eronder, maar mèt een groene riem erom. Doe ik ook altijd in de sportschool, een modieuze groene riem dragen. Maar die ontbrekende beha, daar krijgt ze spijt van: er valt er bijna één uit. Ach, om met Eva Jinek te spreken: “Boobies!!!” If you’ve got them, flaunt them! Glibbertje Chris zegt dat het hem verbaasde dat Rox in dat gympakje hem niet veel deed. Maar in het volgende shot zie ik toch even z’n ogen afzakken naar een bepaalde hoogte bij Rox. Ach, ze keken hem ook aan, nietwaar? Ondertussen zakt de sfeer in de B&B tot ver onder het vriespunt, dus bedenkt Prinses Rox dat het misschien een leuk idee is om de heren mee te nemen naar een golflesje. Uiteraard heeft Chris ervaring, want hij is bezig voor z’n GVB. Z’n golfvaardigheidsbewijs. Rox concludeert dat hij dan wel iets van les moet hebben, maar ze merkt ook meteen fijntjes op dat je dat niet kunt zien. Chris vindt zichzelf en alles wat hij doet (koken, verven, strijken, paardrijden, golfen) geweldig uiteraard. Mitch en Theun kotsen ‘m uit en Rox is er ook klaar mee. Ze wil hem dat laten weten zodra ze weer thuis zijn. Maar thuis is Glibberige Chris haar voor. Hij voelt de klik niet en dus gaat hij weg. De blikken die Theun en Mitch uitwisselen terwijl Chris achter hen het erf af loopt, zijn onbetaalbaar. 

In Oostenrijk zien we dat Jeroen een geintje met Caroline uithaalt door een fles schoonmaakmiddel te beplakken met een eigengemaakt etiket. Met daarop een hoofdrol voor Caro en enkele woorden Duits. Caroline vindt het leuk dat hij humowrrr heeft en vertelt en passant dat Erik teveel grappen en grollen uithaalt. Maaawrrr… ze vond humowrrr toch zo leuk? Huh???
Dan staat er ineens een gast voor de deur. Helaas nog niet de betalende gasten die later op de dag komen, maar een man in lederhosen. Altijd een teken dat je de deur meteen weer dicht moet gooien, maar niet voor Caroline. Hij vraagt naar Mark, die inmiddels alweer in Nederland zit. Mark had een accordeonles geregeld en dus zien we even later Caro en de mannen met een tranenpers (of trekzak, ook goed) zwoegen. De les ontaardt uiteindelijk in het spelen en zingen van het briljante “Anton aus Tirol” en het lopen van de polonaise in de tuin. Je gasten zullen net aankomen, joh… Er wordt nog even gedanst ook: beide heren grijpen hun kans, waarbij Erik haar net wat meer naar zich toe trekt. Niet dat Caro daar op zit te wachten; zij wil eerst eens zien wat de volgende dagen zullen brengen. Nou meid, volgens mij heb je Erik al best lang over de vloer. Misschien wordt het eens tijd om iets verder te kijken dan de schoonmaakkunsten van je mannen…

Vincent heeft het moeilijk. Hij is een tikkie wispelturig en heeft geen idee wie hij zal moeten kiezen. Dus plant hij een date met Sophie: lekker in een speedboot over het meer scheuren. Niet dat je dan lekker kunt praten, maar goed. Dat komt later, tijdens de aansluitende lunch. Vincent houdt niet van luie vrouwen, Soof houdt niet van zeiken. Vince houdt wel van diepgang, als het maar niet te lang duurt en Soof zoekt nou net die diepgang bij Vince en kan het niet vinden. Vince ziet wel meer raakvlakken met Soof dan met Mo, maar of Soof daar ook zo over denkt? En Monique? Die zwoegde verder aan het hek in de B&B. De volgende dag zijn de dames het zat. Vince lijkt meer geïnteresseerd in de B&B dan in hen en zij leren hem ook niet echt kennen. Soof zegt alles wat ze denkt en dat valt bij Vince weer rauw op z’n dak. Soof introduceert nog enkele geweldige nieuwe gezegdes, zoals: “Ik gooi het vuur aan z’n schenen!” en “We zitten om de hete brei heen te breien.”, maar ik begrijp wat ze bedoelt. Soof wil de drie D’s: duidelijkheid, directheid en diepgang, Mo wil meer tijd en Vince? Die stelt alles uit en lult liever over de knapperigheid van de muesli.


Over diepgang gesproken: God’s gift to men, Debby dus, gaat lekker met Nuffige Nathalie een dagje de spa in. Even me-time met haar bestie. De heren verzorgen het ontbijt voor de gasten, dus Deb kan wel gemist worden. Alhoewel… voordat ze gaat stelt ze eerst nog wat diepgaande vragen aan de mannen. “Gaat het goed? Oh, gaan de eieren er nu pas in??? Krijgen ze maar vier plakjes kaas?” De laatste twee vragen gaan in toonhoogte omlaag. Detail. Ze heeft zo weinig vertrouwen in haar slaven dat ze de gasten maar heeft verteld dat het ontbijt een half uurtje later is. De CEO van “Cáááása Saááántááááááááangelo” heeft dan eerst nog even “een call via Zoom” Of de mannen even hun waffels willen houden, want de directrice is aan het werk. De call zit er in 4,5 minuut op. “Zo, dat was snel”, merkt één van de heren op. “Effectiviteit.”, zegt ze zuinigjes. Deb schijnt alles in 4, 8 of 16 minuten te doen. Beroepsneuroot…
Eenmaal op de massagetafel in de spa is het één grote klaagzang tegen Nuffige Nathalie. “Het kost zoveel energie. Liefde moet juist energie opleveren. Met Chris ook: ging over koetjes en kalfjes. Ik had meer diepgang verwacht. En er is ook een heel groot verschil tussen Pascal en Chris. Pascal is heel erg jong… (ze schelen maar drie jaar hè?) De laatste date was op het balkon. Met wijn…” Ja! Nadat die arme verliefde puppy heel Salerno had afgestruind voor een mooi armbandje voor je, muts! (Let op, daar stond een komma tussen. Anders krijg je een heel andere zin.) “Nee, ook Chris heeft geen diepgang. Als je elkaar wilt leren kennen, dan moet je vragen stellen en graven, toch? Het gesprek moet van beide kanten komen.” Nee, daar is madam zelf goed in. Ze stelt zelf allesbehalve diepgaande vragen. Het zijn allemaal gesloten koetjes en kalfjesvragen en is niet van plan initiatief te tonen. Nee, de heren moeten maar naar haar komen. Deze vrouw heeft echt een serieus probleem hoor.
Ondertussen zijn Pascal en Chris samen op pad en bespreken de nukken van Deb. Pascal vindt dat ze de Chinese Muur voor zich heeft opgetrokken. Deb hoort dingen wel, maar doet er niks mee. Hij heeft haar verteld over z’n familie, over z’n gevoel en hij heeft zich voor haar opengesteld. “Ze wil meer diepgang. Hoe diep moet ik nog gaan?” Tja…
De volgende dag informeren Pascal en Chris wat de plannen zijn. Die heeft ze niet. Ja, werken. En dus vertellen de jongens dat ze die avond graag naar de Champions League kijken. Deb mag er ook bij komen zitten hoor, geen probleem. Maar nee, ze gaat er niet voor de sier bij zitten. “Doen jullie maar lekker je ding.” En dus gaan de jongens Salerno in om voor een voetbalavondje proviand in te slaan. Ze zijn nog niet weg of de klaagmodus gaat bij Deb aan: “Ik heb niet het idee dat er veel aandacht aan mij wordt besteed. Ze drinken heel veel, ze hebben veel lol en ze zijn veel samen weg. Ik heb niet het idee dat ze hier zijn om mij te veroveren.” Ach kind… Ze vroegen het nog aan je en je stuurde ze zelf weg. Mama moet werken; niet storen, kinders!
Even later zijn de heren terug en mogen ze de ramen lappen. Of nou ja ramen… een soort glazen plafond waar je heel moeilijk moet doen met een vloerwisser terwijl je op een houten balk balanceert. Chris gaat eerst oefenen met Glassex op de ruit bij het balkon. En ja hooorrrr: “Sorry, maar wat zijn jullie aan het doen? Ik heb dat afgelopen week nog schoongemaakt. Waar doe je dat nou mee? Ik doe dat altijd met schoonmaakazijn. Heb je wel eens ramen gelapt, Chris?” En dan voor de camera, zonder Chris erbij: “Een man met twee linkerhanden heb je niks aan. Die kan alleen stofzuigen volgens mij.” Aannames, aannames. Dan worden de heren de ladder naar het glazen plafond op gejaagd. Maar ja… op welke balk kun je wel staan en op welke niet? En hoe zit het met het gewicht van de mannen? En wat is dat gedoe met ramen lappen met een vloerwisser? Puntje bij paaltje doet Deb het zelf, tot haar grote ongenoegen. En dat laat ze merken ook. “Jullie staan alle twee toe te kijken! Kom op, jongens!” Wanneer Chris een grapje maakt door te zeggen dat het uitzicht wel beter wordt als Deb op de ladder staat, bijt ze ‘m bijna z’n strot door. “Nou, doe effe normaal, zeg!” Pascal informeert of hij kan helpen. “Nou, ik kan zelf wel hoor!” Brrrrrr… Het vriespunt is bereikt in Salerno. Of kan het nog erger? Oh jawel hoor. Deb organiseert “gezellig” een borrel. Chris kan ook al geen brood snijden en als de jongens lachen, lacht ze gewoon mee. Maar even later, als ze alleen voor de camera staat, is het weer zover. Geïrriteerd zegt ze: “Hun houding staat me gewoon niet aan. Kinderlijk. Ze lachen om alles. Met een beetje mensenkennis kun je aflezen dat ik er klaar mee ben… en aan m’n energie.” NEE, TROEL!!! DAT KAN NIEMAND ZIEN BIJ JOU, WANT JE KIJKT ALTIJD HETZELFDE!!! Ze gaat nog even verder: “Ben je hier nou voor mij? Wil je me leren kennen of wil je een gratis vakantie? Vanavond lekker voetbalavondje, lekker volzuipen en klaar.” ZEG MUTS… JE HEBT AL EEN PAAR WEKEN GRATIS PERSONEEL!!! Laat die jongens effe! De heren gaan de wedstrijd eerst even op de playstation spelen (daar vindt Deb ook weer van alles van natuurlijk) en daarna zit ze er toch bij, als de wedstrijd op tv is. Mevrouw zit mokkend haar nagels te lakken. En ze heeft daar 12 (!) flesjes nagellak voor op tafel staan. Manmanman, wat een muts…


En dan Malle Pietje. Het grote kind met z’n vier zure tantes. Malle Pietje is weer eens beledigd omdat Marianna vanmorgen met de dames mee sportte en niet met hem. Je kan ook overal een probleem van maken natuurlijk. Hij gaat lekker in de slachtofferrol en zegt dat het niet meevalt, hij tegen vier vrouwen. “I was completely bored wiz them!”, zegt ie om er maar weer eens een beetje bagger-Engels tegenaan te gooien. Ik denk dat de ladies ook completely klaar with you zijn. Dus wordt het tijd om weer vrolijk te worden. En dat doet door op de tennisbaan te dansen, in z’n eentje, op de klanken van ‘I Feel Love’. Van Sam Smith, niet van Donna Summer. En dat draait hij dan elke ochtend een paar keer achter elkaar op standje ‘de politie komt eraan’. Dan raakt hij “in de mood”. Ik wil het niet weten eigenlijk. Daarna kan hij er weer tegen. Totdat hij de fitnessruimte weer gaat inrichten. Dat was de tijdelijke kamer van Jenny, totdat ze eruit gespoeld werd door een lekkende boiler. Nu doet hij het voorkomen alsof het de bedoeling was dat dit een kamer werd en de fitnessruimte dan maar buiten zou zijn. Ideetje van de dames. Dus niet. En ook nu weer superbeledigd dat de dames niet komen helpen. “Ik heb vier keer nee gehoord, dus ai don’t even bodder.” Hij is even vergeten dat hij niet kwam helpen toen alles zeiknat werd en dat Jenny al zijn zooi naar buiten had gegooid, maar goed. Lullen we niet over. Het gaat ‘m overigens fantastisch af, slepen met al die zware gymtoestellen. Met z’n gekneusde ribben…
En dan breekt het grote moment aan: na veertien lange dagen is de quarantaine eindelijk voorbij. Ik dacht dat iedereen al klaar zou staan met de koffer om met bloedspoed terug te gaan naar Nederland, maar niets is minder waar. Iedereen ligt lekker te vegeteren aan het zwembad. Malle Pietje overlaadt Segrun met complimenten en hij gilt wat persoonlijke begroetingen en roept ze dan allemaal even bij elkaar voor een praatje op z’n Jacobs. Een monoloog dus. Hij wil vanavond met z’n allen gaan eten in zijn favoriete restaurant. Of ze kunnen beloven dat ze er ook zijn. Hij vertelt ook nog even dat hij veel geleerd heeft, dat ie zijn excuses aanbiedt voor het geval hij iemand pijn gedaan heeft en hij heeft nog een verrassing: hij heeft z’n woonkamer aangepakt. Lelijker kon hij niet worden, dus het valt de dames mee. Dan gaat hij zich in z’n avondkleding wurmen. Het wordt een pak. Dat hij op Wimbledon heeft gedragen. Z’n Wimbledon-pak. Omdat hij dat ooit aan had op Wimbledon. De dames dalen één voor één de trap af en Malle Pietje staat in z’n Wimbledon-pak de ene “waaaaauw” na de andere eruit te gooien. Doet me een beetje denken aan die rare Belg, Eddy Wally. Die sprak het op dezelfde manier uit, vandaar. En het klinkt vooral niet echt. Te gemaakt. Maar goed, hij overlaadt iedereen met 30 kilo complimenten en krijgt dus ook complimenten over zijn pak. Anita blijft even staan en kijkt naar het pak van Jacob. “Zit er nou nog een prijslabeltje aan?”, vraagt ze. “Nee, dat is van toen ik op Wimbledon was in dit pak. Wimbledon Members Enclosure, staat erop.” En dat laat je gewoon hangen natuurlijk. Dan kunnen ze altijd nog zien dat je op Wimbledon bent geweest. In dit pak. Op het terras van z’n favoriete restaurant gaat Malle Pietje op onnavolgbare wijze zitten oreren. “Dames, we zijn hier in Portugal, mijn land. Ik weet heel vaag wat jullie denken. Toen jullie kwamen, was het D-day. Jullie, moviestars, kwamen eraan. Ik had twee doelen: Liefde en verrijking van de B&B. Daar is een derde ding bij gekomen. Door jullie kritiek heb ik mezelf gezien. En ik schaam me een beetje. Vier dames tegenover mij… dat was moeilijk. Er is geen man in Nederland die vier dames tegelijk tegenover zich kan hebben.” Hij wauwelt nog verder over een studie psychologie, de hoop dat de dames allemaal de liefde gaan vinden, blablablablabla. Jenny zegt dat ze hem ook van alles gunt (in iets meer woorden) en Malle Pietje grijpt dat weer aan om een compliment te maken: “Mooie woorden. Je bent een mooie vrouw, een lieve vrouw, een wijze vrouw.” (Doe mij maar effe een teiltje, dank u.) En dan de verlossende woorden: “Mooie dames, lieve dames, aardige dames…” (M’n teiltje is vol!!!) “Ik zie zoveel leed in jullie, dat ik heb besloten om jullie morgen terug te laten gaan.” Er gaat nog nèt geen gejuich op aan tafel. Malle Pietje zegt geen klik te hebben gehad met alle vier de vrouwen. Wat een gelul. Als er één was geweest die hem een vinger had gegeven, had hij die gewoon binnen gehengeld. Maar helaas, Malle Pietje is nog vrijgezel. En dat is geen goed nieuws voor het vrouwvolk op deze aardkloot…

B&B Vol Liefde, week 5: Een man weet pas wat ie mist…

15 aug

Ach, ach, ach… wat een week weer. Ik weet gewoon even niet waar ik moet beginnen. Ik denk lekker dicht bij huis: in Roosendaal bij Prinses Roxanne. Wanneer de betalende gasten zijn vertrokken, mogen de heren weer elk een eigen slaapkamer betrekken. Ze wordt namelijk lichtelijk kriegel van de zooi in haar woonkamer. Ja, gek hè, als je woonkamer ook meteen slaapkamer voor 3 mannen is. Goed, allemaal weer naar een eigen kamer dus. Dat komt mooi uit, want dan kunnen ook meteen even de ‘bedopmaakskills’ van Jeffrey worden getest. Die heeft ie overigens niet. Zoals Jeff wel meer niet heeft. Behalve een HEULE snelle auto. En wat Mitch kan, namelijk De Prinses op hoge snelheid ontvoeren, kan Jeff ook. Alleen dan niet achterop een motor, maar dus wel in die HEULE snelle auto. Alleen een beetje jammer dat Prinses Rox doelloos rondrijden een beetje nutteloos vindt, dus wil ze het combineren met een bezoekje aan de bouwmarkt. En trouwens: snelheid vindt ze een mannending. Maar goed, ze gaat mee en Jeff denkt ondertussen dat ze het helemaal geweldig gaat vinden, want wie wil er nou niet in een dikke 6-cilinder BMW met 2 turbo’s, een snel blok en ontzettend veel vermogen? Die overigens eerst even moet opwarmen voordat je kunt gaan rijden. En terwijl Jeff het opgewarmde ding op z’n staart trapt, denk ik: wat de F. moet je in Nederland nou met zo’n bak? Waar je heel af en toe maximaal 120 mag. Hare Koninklijke Hoogheid vraagt zich precies hetzelfde af wanneer ze door de g-krachten tot haar huig in de rugleuning van haar stoel wordt geduwd. Na afloop spreekt Jeffrey -kampioen verkeerd interpreteren- de legendarische woorden: “Je zag aan haar gezicht dat ze het leuk vond.” Ik zag voornamelijk aan haar gezicht dat ze dacht: Gast!!! What The Fuck??? Eenmaal thuisgekomen mag Jeff eerst nog even het strijkijzer op laten warmen om zich vervolgens super onhandig door een stapel wasgoed heen te worstelen, terwijl Prinses Rox een strategie bedenkt om hem te vertellen dat het niks wordt. En dat doet ze netjes, tijdens het voeren van de kippen. Jeff weet natuurlijk niet wat ‘m overkomt, maar zegt stoer die is het fijn vindt om weer lekker naar z’n konijntje Coco te gaan. Ach gut, kind…
Jeff heeft amper z’n 6 cilinders gelicht of de volgende tiny house-schilder komt het erf op geglibberd: Christian van 45. De Prinses heeft hem zelf uitgekozen. Meneer heeft een soort kerstpakket samengesteld met daarin rode lakklompen mèt hakken en de initialen van Rox erop. Hij is sales manager en al net zo glad als datgene dat hij verkoopt, want hij zit in de eieren. En daarom zat er in het kerstpakket ook een doos eieren. Toch fijn, als je je eigen kippen op het erf hebt lopen. Verder is hij vrij goed in opscheppen, en dan bedoel ik niet qua voedsel. Het maakt allemaal weinig indruk. Sterker nog: De Prinses is het wel gewend dan mannen in haar gezelschap alleen maar grote verhalen vertellen. Ik denk zelf dat Chris snel achter Jeff aan mag. Op z’n klompen.

In Saint-Misère heeft Romana genoeg van Bert met z’n groene zwembad en van Gwen met haar gegiebel. Ze is er helemaal klaar mee en loopt met Bert mee als hij Sloerie gaat uitlaten. En Romana pakt haar moment voordat Sloerie ook maar één druppel vocht uit haar blaas heeft kunnen lozen: “Ik ga naar huis.” Bert is toch een tikkie verbaasd en dat wordt niet minder als hij hoort dat vooral Gwen de aanleiding van haar vertrek is. En natuurlijk het feit dat Bert eeuwig loopt te wauwelen dat er in het begin gesproken is dat het geen liefde zal gaan worden. Ja joh. Een mens kan ook niet van gedachten veranderen natuurlijk. Romana gaat eruit met een geweldige oneliner: “Niks is voor eeuwig en alles kan stuk.” Daarna wordt ze uitgezwaaid door Bert èn Gwen in hilarisch t-shirt (uiteraard) en scheurt Romana plankgas richting Zuid-Frankrijk Saint-Misère uit. Nog net niet de tegenligger rakend. Nee, die auto had geen opwarmtijd nodig.
Bert druipt af en gaat een potje zitten janken bij Sloerie. Tja, Huub van der Lubbe van De Dijk had gelijk: een man weet pas wat ie mist, als ze er niet is. Nadat de vacht van Sloerie vakkundig is volgesnotterd, stopt ie z’n verdriet in hard werken rond de B&B, want daar is wel wat achterstallig onderhoud en ook dat vreet aan ‘m. Gwen voelt het allemaal niet zo aan, want die vindt Bert wel senang nu. Tuurlijk… Maar dan is er een telefoontje uit Nederland en voelt Gwen zich zelf minder senang: haar dochter ligt in het ziekenhuis. Bert is opvallend meelevend en legt een arm om Gwen heen en zegt dat ze gewoon terug moet. Eventueel met het vliegtuig. Je mag het niet zeggen, maar het lijkt of Bert opgelucht is dat ie straks misschien weer lekker alleen zit. Maar dat feest gaat mooi niet door: Gwen blijft en Art belt: er heeft zich nog iemand aangediend. Ho-stop-wacht-effe!!! Dus er melden zich later nog mensen aan die dan niet door de kandidaat of vrienden worden uitgekozen, of er hebben zich voor Bert maar vier dames gemeld. Zelf denk ik dat de redactie in blinde paniek de kaartenbak met aanmeldingen is gaan doorschurken, om zo het verblijf van de cameraploeg bij Bert nog even een weekje veilig te stellen. Bert, jongen… stuur Gwen weg, bel Romana, neem haar aan als hoofd sarcastische opmerkingen ofzo en live unhappily ever after.

In Oostenrijk hebben Caroline en Erik na het vertrek van Mark het rijk alleen. Maar niet voor lang, want Jeroen van 53 is onderweg. Hij is uitgekozen door een vriendin van Caroline, omdat hij goed verzorgd is en bereisd. Dus. Caroline doet de deur voor Jeroen open met haar standaardvraag: “heb je het een beetje kunnen vinden?” Ze stellen zich netjes even aan elkaar voor en Caro knikt dan naar de vloermop op haar arm “En dit is onze Raus!” Verrek! Het is de hond. En zei ze nou echt onze Raus? ONZE??? Doet Caroline aan Pluralis majestatis tegenwoordig? Wij, Caroline van Ka-Ee-Lem (zo spreekt de gemiddelde Caroline KLM uit) tot Oostenrijk, gravin van Bad Kleinkirchheim tot Weissensee, jonkvrouwe van Rauze’s Heart, etcetera, etcetera…
Nou goed, tussen Erik en Jeroen klikt het gelukkig beter dan tussen Erik en Mark, dus wordt er meteen samengewerkt tijdens het hout halen. Na de eerste nacht in de Oostenrijkse stulp van Caroline volgt de belangrijkste test: kan Jeroen een beetje schoonmaken? Voor de tikkie obsessieve schoonmaakster Caro toch wel cruciaal. Voor Jeroen geen probleem, want hij krijgt vaak te horen dat het bij hem zo schoon is. Dus mag hij in de badkamer onder het toeziend oog van Caroline aan de slag. Terwijl hij bezig is, stelt ze hem wat persoonlijke vragen. Zoals of hij getrouwd is geweest en of hij kinderen heeft. Jeroen vertelt tijdens het poetsen dat z’n eerste relatie stukliep omdat zij verliefd werd op een ander. Ineens breekt Caroline in en zegt: “Ja, ik ga even héééeél vervelend zijn hoor, maawrrr zou je die kraan ook even kunnen doen? Er zit hiewrrr veel kalk in het watewrrr, dus als je het putje auk even met Jif wilt doen? En dan ook even op haren checken en doe dan ook meteen even de tegels achter de kraan…” Dit kan niet waar zijn hè? Staat die jongen z’n ziel bloot te leggen en dan dit. Achteraf heeft madam voor de camera nog commentaar ook. “Hij deed iets langewrrr over de badkamewrrr dan ik doe.” Verder merkt ze nog op dat ze het niet aantrekkelijk vindt als een man kan schoonmaken. WHAAAAAAT??? Ik krijg even een lichte error in m’n hoofd bij deze woorden. Zei Frau Poetsen dat nou echt??? Okee, test nummer drie. Gezellig met z’n allen in een Oostenrijkse supermarkt. Caroline wil weten of Jeroen de taal een beetje machtig is. Niet zo heel erg, maar hij zegt zich wel te kunnen redden. En ja hoor: Jeroen moet maar even gaan vragen waar de pesto en de mosterd staan. In het Duits natuurlijk. Nadat Caro even had ingefluisterd dat mosterd hier als senf door het leven gaat, gaat Jeroen op pad. En ja hoor: alles gevonden! Uitzinnig van vreugde mikt hij de pesto en de mosterd in de boodschappenkar. En Caroline haalt de mosterd er net zo snel weer uit.  “Ja, ik ga even héééeél vervelend zijn hoor, maawrrr…” Ojee. Jeroen heeft het gore lef gehad om de verkeerde mosterd te pakken. Het moest de grove variant zijn en dat was deze niet. ZEG DAT DAN, MUTS! Jeroen, als ik een tip mag geven: zeg tegen Caro dat ze die grove mosterd ergens moet steken waar de zon niet schijnt, kam je haren boven het gootsteenputje, draai een drol, spoel niet door en ga weg. Vlucht nu het nog kan!

Bij Vincent wordt het er ook niet gezelliger op, want de laatste dame dient zich aan: Sophie. Ze heeft de hele wereld al gezien en wil nu de wereld vanaf haar luie stoel aan zich voorbij zien trekken in de B&B. Oh ja, en ze is lifecoach. Om een lang verhaal kort te maken: Monique trekt Soof niet. En dat kan ze maar heel moeilijk verbergen als ze de volgende ochtend in de keuken zit en Sophie binnen komt. Het gezicht van Mo spreekt boekdelen. Je ziet ‘r haast denken: oh shit, camera. Even normaal kijken nu. Als Vincent met Marcella gaat tennissen en later met Sophie de berg op gaat wandelen, voelt Monique zich gepasseerd. Zij mag nadat ze in haar uppie een kerkdienst is ontvlucht, omdat het haar deed denken aan het afscheid van haar opa, gaan koken. Boven op de berg komt Vincent er achter dat Soof hier niet echt voor hem is. Of ze is hier voor de verkeerde redenen, zoiets. Die avond bleef het nog lang ongezellig, want Mo laat blijkbaar erg merken dat ze zich gepasseerd voelt en wordt snibbig, ook naar Vincent toe. Fijn, die twijfelt nu dus aan Sophie en aan Monique. Gelukkig wordt de twijfel weer een beetje weggenomen doordat Monique de volgende dag met Vince mee mag om te gaan suppen. Daar wordt het één en ander uitgesproken en de lucht is weer geklaard. Maar toch… ook Vincent heeft het moeilijk met drie gasten. Hij besluit daarom om er één weg te sturen. Na het gesprek op de berg verwacht de hele wereld én haar broer dat Soof mag opzouten. En dus stuurt Vincent Marcella weg. Huh??? De enige aan wie hij -althans voor de camera- niet heeft getwijfeld??? Marcella ziet het ook niet aankomen en is er behoorlijk van onder de indruk. Vincent gaat ondertussen aan tafel lekker door met het maken van de plannen voor als Marcella er niet meer is. Waar. Marcella. Nog. Bij. Zit. Hij wordt door Monique op z’n vingers getikt. En terecht!

In Salerno wil Jelmer daten met Debby. Hij gaat op pad om de perfecte picknickmand samen te stellen. En dat doen ze terwijl Pascal een keukenkastje in elkaar gaat inbussen. (Da’s Zweeds voor in elkaar schroeven.) Ondertussen begint in het park boven de picknickmand het functioneringsgesprek van Deb met Jelmer. Hij is een puur persoon, blablabla, stelt goede vragen, blablabla, maar Deb voelt het niet. Jelmer ook niet, dus exit Jelmer. Pascal voelt zich de winnaar en krijgt last van serieuze vlinders. En dan verschijnt de vierde werknemer van Deb ten tonele: Christiaan, een 41-jarige Groningse controller. Iets wat hij nog niet onder controle heeft, zijn z’n zenuwen. Eén van de eerste taken van Jelmer: samen met Deb z’n bed opmaken. Dat had Pascal eigenlijk moeten doen, maar die vertikte dat. “Ik dacht dat jij het bed zou opmaken?” Maar die had wat beters te doen: die zat met Nuffige Nathalie (de BFF van Deb) op het balkon te wijnen. en gelijk heeft ie! Minpuntjes voor Pascal. Christiaan gaat ook niet echt goed van start, want net nadat ie bij Deb aanbelde (nadat hij overigens eerst bij de verkeerde deur stond aan te bellen), geeft Deb voor de camera natuurlijk eerst haar ongezouten mening. “Het is niet het type waar ik m’n hoofd voor omdraai.” Zucht. Leer eens een andere tekst uit je hoofd, mens… Anyway, zijn indruk van haar is wel goed, want hij vertelt dat Deb minder stijf is dan gedacht en dat hij vrolijk wordt van haar humor. Welke humor??? Deb informeert ook even fijntjes wat hij van haar vindt en hij komt met “sprookjesachtig” op de proppen. Deb reageert op z’n Debs en zegt het een mooi compliment te vinden, maar zegt ook niet te weten of sprookjes wel bestaan. Oh jawel hoor, Deb. Sprookjes met heksen die in Salerno wonen en hun B&B laten onderhouden door verliefde slaven uit Nederland. Aangezien Deb geen zin heeft in een avond met alleen haar slave… eh mannen, stelt ze voor om met z’n viertjes buiten de deur te gaan eten. De volgende ochtend zien we dat Deb ineens omslaat wat haar mening over Chris betreft, want meneer blijkt een workaholic. En heeft dus z’n laptop meegenomen om lekker bij Deb aan de keukentafel te gaan werken. Aangezien Deb zichzelf ziet als CEO van de multinational Casa Santangelo, vindt ze het dus wel heel fijn om samen met hem op niveau over koetjes, kalfjes en business te praten. Dat ‘levelt’ beter, vindt ze. Daar kan geen playstation van Pascal tegenop. Niet dat hij daar tijd voor heeft, want hij moet nog afwassen. Als hij daarmee klaar is, komt hij vragen wanneer ze iets leuks gaan doen. “Wij maken dit nog even af en dan…” Deb klinkt alsof ze het tegen een kind heeft dat zijn ouders komt storen. “Ik wilde je trouwens net komen helpen met de afwas”, liegt Deb. Chris maakt de opmerking dat hij wel had verwacht dat Pascal nu met de lunch tevoorschijn zou komen. Geintje natuurlijk. Super humor, die jongen. Dat zie je alleen al aan het feit dat ie tijdens een middagdutje een compleet gezichtsmasker heeft om de boel af te dekken. Deb zoekt ondertussen haar toevlucht in een kapelletje, om even tot zichzelf te komen, want twee mannen… het is niet niks. En ze mist ineens diepgang bij Pascal. Want hij vraagt niet door. Alsof haar vragen diepgang hebben. “Heb je de keuken af? Wat heb je nog meer gedaan? Waarom is het bed nog niet opgemaakt?” Nee, daar leer je iemand wel mee kennen. Maar goed, het is dus tijd voor het functioneringsgesprek met Pascal, die net z’n moeder op de hoogte heeft gesteld dat ie recent rupsen heeft gegeten. Daar krijg je namelijk ook vlinders in je buik van. (Ik kan me niet voorstellen dat het door Debby komt.) Ergens op een bankje krijgt hij het allemaal over zich heen: niet doorvragen, te weinig diepgang, blablablablablakots. De arme jongen blijft positief en zegt dat ie nu weet dat ie daar aan moet werken en hij bedankt haar voor de tip. Deb raakt geëmotioneerd. En waarom? Dat vertelt ze voor de camera en niet aan Pascal die op dat moment nog tegenover haar zit. De emotie komt doordat Pascal z’n reactie nou niet de diepgang bevatte die zij bedoelt. WTF? GEEF ‘M EFFE, MUTS!!! Je hebt het net allemaal pas voor z’n voeten gegooid en hij heeft je ervoor bedankt! En nu is ze bang dat haar boodschap niet is overgekomen. Ja, en wat doe je dan? Een beetje manager weet dat je dan zelf door moet vragen. Of hij nu weet wat ‘m te doen staat bijvoorbeeld. Maar ja, zelf doorvragen komt in madam heur Italiaanse woordenboek niet voor.
Chris heeft ondertussen zitten broeden op een leuk plan: een wijnproeverij met Deb samen. Superleuk natuurlijk en hij neemt het heft in handen: ze gaan meteen weg. Deb had graag nog even iets gegeten, zegt ze voor de camera. Want ja, wijn op een lege maag enzo… Ik denk dan dat ze dat ook gewoon even had kunnen zeggen tegen haar nieuwste slaaf, òf je stelt voor het te combineren met een lunch. Ik noem maar een zijstraat. Maar nee, ze gaat gewoon mee. Anders heb je later weer niks te klagen natuurlijk. Chris komt langzaam op gang; daar heeft hij meestal een beetje alcohol voor nodig. Op een gegeven moment loopt het gesprek aardig. En -halleluja- hij stelt in de ogen van Deb zowaar goede vragen. Pascal heeft serieuze concurrentie, ondanks dat ze haar hoofd gisteren nog niet voor Chris zou omdraaien. Totdat het onderwerp reizen aan bod komt. Chris vertelt dat hij graag een wereldreis had gemaakt. Hij wilde in elk geval lekker naar het buitenland, maar hij koos er toch voor om in z’n vertrouwde omgeving te blijven. Dan heb je de zekerheid van een baan, een huis, vrienden en je familie om je heen. En dan maakt hij de onvergeeflijke fout om in deze context het woord ‘angstig’ te gebruiken. Foute boel; hiermee tekent hij z’n doodvonnis. En heeft Deb weer iets te klagen voor de camera: “Angstig is voor mij een no go. Vind ik niet aantrekkelijk. Echt niet.” Ze vergeet voor het gemak even dat hij nu wel mooi even huis en haard heeft verlaten voor een potentieel leven in Italië. “Ik merk dat ook hij niet goed is in het stellen van wedervragen. Ja, en dan ga ik in de interviewmodus. Ben ik een soort Eva Jinek 2.0.”
Nou Deb, ik wil je niet te hard uit de droom helpen, maarre… Nou goed, conclusie is dat mevrouw een huishoudrobot zoekt waarmee ze op niveau kan sparren en die precies de antwoorden geeft die zij wil horen. Succes met de zoektocht, meid!

En dan het verschijnsel Jacob. Malle Pietje. Die dankzij de coronaregels noodgedwongen met z’n vier vrouwen in quarantaine zit en die allemaal al hebben aangegeven dat ze niet op hem zitten te wachten. Ze hebben vorige week besloten om gewoon de tijd met elkaar maar uit te zitten en er het beste van te maken. Dat doen de dames ook en ze beginnen de dag op de tennisbaan met een ochtendsessie yoga onder leiding van Monica, die door Malle Pietje na al die tijd nog steeds Monique wordt genoemd. Ze zijn al lekker een kwartiertje bezig wanneer Malle Pietje met een handdoek en z’n poes onder de arm de tennisbaan op komt wandelen. “Ik heb m’n yogapoes meegenomen. Ik hoop dat dat goed i…AAAARGH!” Bij het zien van vier ladies op een yogamat schrikt ie zich iets te gemaakt kapot. Ze zijn al zonder hem zijn begonnen. Hij heeft zich vergist in de tijd, sorry sorry sorry. De dames vinden het prima als hij inhaakt, zolang hij maar stil is. Hij pruttelt vrolijk verder dat ie te laat is (“Ja maar…”, “Sssst!” “Ja maar, ik ben te laat!”, “Sssst!!!” “Ja. sorry, sorry, sorry.”) en dat het hem zo spijt, maar uiteindelijk ligt ie op z’n matje. Net als de rust is wedergekeerd, brult ie naar de kat. “Ssssst!!!”, klinkt het uit één van de vrouwelijke kelen. “Ja, maar de katten gaan vechten. En dat kan niet!” “Ssssttt!!!” “Je zal zo’n vent hebben.”, verzucht Anita. Dan gaat de yogasessie weer verder. Opnieuw onderbreekt hij met een cruciale vraag. Of Monica misschien aangepaste oefeningen heeft omdat hij met gekneusde ribben zit. Dus of ze misschien rekening kan houden met z’n blessure. Natuurlijk heeft Monica dat niet en geeft ze aan dat hij gewoon maar zelf moet kijken tot hoever hij kan gaan. Dat kan hij zelf met z’n yoga-ervaring ook bedenken, maar goed: hij wil aandacht. Het werkt alleen averechts.
En dus zien we Malle Pietje heel rare andere poses aannemen die je met gekneusde ribben echt wel uit je hersens laat. En als ie even 15 seconden moet liggen in een bepaalde houding ter afsluiting van deze sessie, staat ie op. Niet geruisloos uiteraard: “Ja sorry, ik hou het niet meer.” SHUT UP, MAN!!!
Even later wordt Jenny’s opgepimpte kamer getoond. Malle Pietje ziet ineens allerlei accessoires terug die de dames overal uit uit het huis vandaan hebben geplukt en hij reageert (wederom iets te gemaakt) enthousiast. Mooi. Dan kunnen de dames nu even uitrusten aan het zwembad. Jacob gaat ondertussen een workout doen met de 20 jaar jongere (lees: 20 jaar soepelere) Marianna. Samen oefeningen doen voor de tv. Gezellig. Hij vertelt de kijkers wel aangetrokken te zijn tot Marianna (joh…), maar dat het niet wederzijds is (joh…), dus dat ze nu gewoon goede vrienden zijn. En dus wordt het weer hoog tijd om indruk te maken op de vier dames uit Nederland. Daarvoor had hij in gedachten dat hij wel even kon laten zien hoe hij nou precies aan die blessure is gekomen. En dat gaat hij doen in z’n zwembad. Met z’n windsurfplank. En misschien kon hij ook wel leuk een lesje geven hoe je je zeil uit het water trekt ofzo. Dus hup, één van de 35 berghokken in en met het juiste zeil en de goede plank weer naar buiten. Als we het shot zien waarin Malle Pietje de trap naar het zwembad komt afgedaald met een surfplank in z’n knuisten, horen we één van de dames treffend “Oh kut…” zeggen. En dat dekt de lading wel. Malle Pietje kan ineens helemaal niets meer en heeft dus in het water assistentie nodig van één van de dames. Maar die piekeren er niet over om het water in te gaan en zich voor het karretje te laten spannen. Zelfs Marianna is niet te vermurwen. “Dames! Dames!”, roept hij bijna wanhopig naar de kant van het zwembad. Ze hebben -terecht- maling aan die clown en dus is meneer weer eens verontwaardigd. Want hij vindt dat hij wel heel erg hard aan het werk is voor ‘de dames’. Op miraculeuze wijze krijgt hij tòch zelf de mast in de surfplank gestoken en begint dan aan de uitvoering van zijn toneelstukje. Het publiek reageert lauwtjes. Later beklaagt hij zich voor de camera dat hij wel twintig keer heeft geprobeerd te laten zien hoe hij aan z’n blessure is gekomen en dat hij het maar één helemaal heeft kunnen laten zien. Want hij werd steeds onderbroken door opmerkingen van zijn publiek. “Nee hè? En dat met gekneusde ribben… Denk om je nek!!!” en de mooiste: “Je had acteur moeten worden, jij!” Op de 34e opmerking van één van de dames over zijn vermeende gekneusde ribben reageert hij met: “Jij speelt wel een grapje met me hè, want ik ben serieus bezig. Ik had kunnen sterven. En dan had je me nooit leren kennen…” My goodness. En hij meent het nog serieus ook. Malle Pietje wauwelt ondertussen verder dat hij uit de zee werd getild en teruggeworpen werd naar het strand. “Als door de hand van God werd ik als het ware weer uit de zee getrokken en…” Het maakt allemaal geen enkele indruk. Echt, als ze niet in quarantaine zaten waren de vier ladies allang gillend weggerend. En geef ze eens ongelijk. Groot kind…

B&B Vol liefde week 3 en 4: When life gives you lemons, you make Pasta al Limone

11 aug

Okee, week 3 en 4 even in vogelvlucht. Tja, vakantie hè? Wat hebben we deze weken geleerd?
Goh… ik klink nu als alle vier vrouwen van Jacob tegelijk. Want onze Malle Pietje in Albufeira krijgt deze vraag elke dag gemiddeld dertig keer. Snap ik ook wel, want hij snapt het niet.
De dames hebben besloten dat de B&B toe is aan een restyling. Even voor de goede orde: hoe zeer dat ook nodig is, in mijn B&B deed je dat niet hoor, zo in de eerste week. Ik zou dan persoonlijk eerst m’n groepje gasten gaan restylen. De deur uit restylen dus. Maar goed, de dames hebben wel een punt, want het ziet er ook niet uit. Dus tussen het vissen voeren door (“KOI!!!”), wordt er een moodboard gemaakt, plannen gesmeed en geneuzeld over welk bed er moet komen te staan in de te restylen kamer van Jenny. Die overigens lacht als Loretta Schrijver. Jacob doet deze week ook aan de één op één gesprekken. Zo vraagt ie aan Anita tijdens het spinnen of ze het bed heeft gedeeld met de mannen met wie ze een romance had (SERIEUS, JACOB? SERIEUS???) en maakt ie met Segrun z’n signature dish, broccolani ofzo, terwijl hij elke vijf minuten van haar witte bubbelwijn wil nippen en proosten. Maar oh wee als de 90 vissenlevens moeten worden gered (“KOI!!!”) omdat de pomp kapot is en alle 57 pompen die hij nog ergens in de B&B had liggen het ook niet blijken te doen. Dan geven de dames niet thuis, want nu is het gezamenlijke quality time aan de rand van het zwembad. Gelukkig is daar Marianna, met wie Johan eerder zelf al aan het zwembad z’n vitamine D lag aan te vullen. Het volgende project van de ladies is de tuin. Er wordt even aangeveegd en het afval gaat in de compostton. Malle Pietje reageert als door een wesp gestoken, want z’n babyplantjes verdwijnen nu (een normaal mens heeft het hier over stekjes die op de grond waren gevallen, maar voor Johan zijn dit z’n babyplantjes) en de compostvliegen stikken nu onder de plantenresten en de babyplantjes. Dus nee, dat moet er weer uit. Meneer is pissig. Maar lang niet zo pissig als Jenny, die even in “the gym” slaapt als de volgende dag de boiler lekt en haar tijdelijke kamer blank staat. Ze roept Malle Pietje erbij om te redden wat er te redden valt, maar die moet eerst de katten nog voeren. Prioriteiten hè? En joh, zo erg is het allemaal niet, toch? In plaats van de loodgieter te bellen en de spullen te redden komt hij met de -in zijn ogen- briljante oplossing om een dammetje te bouwen in de tijdelijke kamer en het water af te sluiten. De spullen worden toch weggegooid, dus waarom maakt Jen er nou zo’n probleem van? Dat pikken de dames (terecht) niet en de bom barst. Niemand zit op Malle Pietje (en z’n handsfree telefoongesprek) te wachten en dus wordt er besloten de rest van het verblijf maar gewoon te genieten. Met onder andere een kookles van Marianna die warempel toch over andere kleding dan alleen een bikini schijnt te beschikken.

In het noorden van Italië meldt dame nummer drie zich bij Vincent: de 33-jarige Marcella. Vincent bedenkt een leuk uitje: fietsen op de berg. Niet Marcella’s ding. Daarna weer aan het klussen, want de B&B is de komende 7 jaar nog niet af. Vincent twijfelt of ze door moeten gaan of dat ze lekker weg gaan. (Herstel: de B&B is de komende 30 jaar nog niet af.) Hij verandert elke drie seconden van gedachten, maar uiteindelijk gaan ze met z’n drietjes naar een eilandje. Hartstikke leuk natuurlijk, maar zo leer je iemand niet kennen, dus stelt Monique voor om misschien eens de dames alleen mee te nemen op date. En zo geschiedde. Met Mo gezellig rotsklimmen en met Mar naar een wijnproeverij. Dat is weer niet zijn ding, maar ach…

In Oostenrijk wil Nico een beetje me-time met Caroline en vraagt haar om een Reiki-behandeling. Hij denkt lekker een beetje bij te kunnen kletsen onder het genot van heel veel lichamelijke aandacht, maar zij helpt hem fijntjes uit de droom. “Ik kan op afstand iemand een Reiki-behandeling geven. Zelfs als iemand in Nederland zit, kan ik het hier vandaan.” En oh ja: of ie vooral z’n kop zou willen houden, want hij praat nogal veel. Want Reiki, dat doe je in stilte. Maar het helpt geen moer, want Caro kan het leven met drie mannen in huis niet meer aan en dus deelt ze Nico mee dat hij z’n spullen kan pakken. Hij pakt het op als een vent, maar ik denk dat ie de straat nog niet uit was toen ie in snikken uitbarstte. “Gaat Nicau weg hè, Rausje?”
Tijd voor de volgende test, want kan die Mark eigenlijk een beetje schoonmaken? Onder toeziend oog van Caro en wat bemoediging van Erik gaat hij aan de slag. Als eerste moet Nico’s badkamer worden gedaan. Hij is lekker bezig met de WC en gaat daarna moeiteloos met hetzelfde doekje door naar de douche en de wastafel. Het is dat Caro een nieuw sopje haalt… “Wat vind jij ervan, Rausje???”, kirt Caro. Brrrrrr…
Erik krijgt een beetje de negatieve kriebels van Mark (hij is niet de enige) en wil weten wat hem beweegt. Dus samen op weg naar een koffietje (ook zo’n jeukwoord) vertelt Erik dat Mark nogal wat denigrerende opmerkingen maakt. Verder spreken ze uit dat ze elkaar de volgende dag wel zien vertrekken. Haantjes.
Tijd voor de volgende test: vallen de heren in de smaak bij vrienden van Caro? Dat wordt getest tijdens een boottocht op de Weissensee. En ja hoor: Mark maakt wéér een foute opmerking als Caro wijst naar een plekje op de berg. Hij informeert of ze daar ontmaagd is. Manmanman… Mark vindt het raar dat hij bij Caro nog geen vuur heeft gezien naar hem toe (Had ie bij mij wel gezien hoor. Zou voornamelijk uit m’n oren komen. Met heel veel stoom erbij.) en trekt z’n conclusies. Hij peert ‘m. Kreeg Erik toch nog gelijk.

De lakeien bij Prinses Rox mogen zich op de manege laten keuren door Prinses Dominique, de zus van dus. Kunnen de heren mooi hun (komt ie hè) paardrijskills (uuurgh) laten zien. Daarna gaat de vleeskeuring verder als de Gay Best Friend van Prinses Rox z’n oog er overheen mag laten gaan. Mitch trekt meteen z’n overhemd uit om z’n spierballen te tonen. Tenslotte komen er vrinden langs: Carole (de tweede moeder van De Prinses) met haar man. Carole gaat qua uiterlijk voor Theun. Die ik ineens heel erg veel van Peter van der Vorst (met een knotje) weg vind hebben. Vorst, Prinses. Vatjum?
Enniewee, er komt een derde lakei bij: Jeffrey. Een eigen keuze van de Prinses. Snap ik wel, want Jeffrey is bankier. Schijnt. Minpuntje waar De Prinses pas achter komt als hij er is, is dat hij nog bij z’n moeder woont en eigenlijk niks kan. Verven wordt het niet: kan nog niet eens afplakken. In de moestuin lopen is ook moeilijk: in plaats van op het pad stapt hij op de jonge plantjes en koken….hmmmm… Nee, aan z’n verfskills en kookskills schort het nog een tikkie. Maar Jeffrey zegt zelf dat hij hier z’n skills will upgraden. Yo!
Wanneer er gasten zijn, worden de heren volledig in de bediening gegooid. En worden ze hun kamer uit geflikkerd. Jeffrey slaapt die avond met Pumpkin (je weet wel: die blaffende rat) op een luchtbed, Theun en Mitch liggen elk op een bank. De volgende dag worden lakeien Jeffrey en Theun in de keuken gezet terwijl Mitch de prinses meeneemt op z’n stalen KTM-ros. De kansen van Mitch nemen per kilometer toe, die van Theun nemen steeds iets meer af en Jeffrey? Om met De Prinses te spreken: hell, no!


In Saint-Misère twijfelt Annemarie. Ze heeft het best gezellig met Romana, maar daar komt ze niet voor. Bert de dorpshork is ondertussen niet van plan om ook maar iets van de omgeving te laten zien, dus trekken Ro en An er zelf maar op uit: ze gaan uit pure ellende maar gezellig een kerkje bezichtigen. Ze vinden het pas echt gezellig worden als Tino Martin ze toezingt via de autoradio. Dat zou voor mij het teken zijn om uit een rijdende auto te springen, maar goed: smaken verschillen.
Ondertussen belt Bert met een goede vriendin die voor hem Annemarie heeft uitgekozen. Hij wil opheldering over het hoe en waarom van deze keuze. Annemarie voelt zich niet op haar gemak en hij zoekt geen lippenstift, dus is het geen match. Niet dat hij wel goed is in het uitzoeken van vrouwen, want hij had Ysolde zelf uitgekozen. En hij vond haar heel anders overkomen als destijds op de video. Ja lul, jij komt óók anders over dan op je introductievideo. En niet zo’n klein beetje ook…
Goed, Bert blijft dus met Romana achter. Als ze een boodschappenbriefje schrijft, vraagt ze of hij massageolie heeft. Die heeft ie wel, maar hij snapt de grap niet. Maar Bertje toch…
Nou ben ik zelf inmiddels vijftig en heb ik vaak wanneer ik andere mensen zie van een jaar of dertig, de neiging heb om daar meneer of mevrouw tegen te zeggen. Ik zie jongere mensen tegenwoordig als veel volwassener dan ik ooit zal zijn. Totdat Gwen in Saint-Misère arriveert. Gwen is de laatste dame, ook vijftig en gedraagt zich als een kind van vier. En ze is eh… nou ja, nogal aanwezig. Verder communiceert ze via speciaal bedrukte t-shirts. Zo komt ze binnen met een t-shirt waarop ze zichzelf voorstelt: Je m’appelle Gwen. Goh… origineel, dacht ik nog. Totdat ik zag dat heur gehele garderobe uit dit soort t-shirts bestaat. Gaat best snel vervelen. Net als het kadootje voor Bert dat niet in de smaak valt: een schort met daarop Bert en Breakfast. Echt superorigineel. Nee maar echt, hoe komt ze erop. Ik ga nu even op de grond liggen van het lachen. 


Zo, klaar.


In de avond zet DJ Gwen de toon met haar muziek (en overigens ook de tekst op één van haar shirts): Voulez Vous Coucher Avec Moi, Je t’Aime Moi Non Plus, You Can Leave Your Hat On, dat suggestieve werk. Ze begint ook haar kleding al langzaam uit te trekken. Dit alles onder het genot van heul veul alcohol. Het enige minpunt was wel dat Bert haar tatoeages zo beter kon zien. En daar is hij niet zo van. Romana vindt het allemaal maar niks, met die muziek enzo.
De volgende ochtend staat Gwen in de tuin verwoed haar kater weg te wieden. Ze wil brandnetels weghalen, maar heeft daarbij de hulp van Bert nodig. Bert vindt dat zijn hulp bestaat uit het uitlenen van zijn vest, ter bescherming van Gwen’s armen. Hoe nobel van ‘m. Even later zitten Bert, Romana en Gwen gezamenlijk aan de lunchtafel. Bert gaat een beetje yoghurt halen en informeert of de rest ook wil. Nee, dus. Romana zegt dat ze niet vrolijk wordt van yoghurt, waarop Bert zegt dat hij dat wel wordt. “Nou, dan moet je heel veel yoghurt nemen!”, roept Romana. Kets! In your face, Bert! Nee, als er ook één is waar geen filter tussen haar gedachtes en haar mond zit, dan is het Romana wel. Of, om in fotografietermen te spreken: #nofilter. 
Maar: de yoghurt maakt Bert zo blij dat er warempel een heus uitje wordt gepland. Na een soort moeraswandeling met Sloerie erbij, volgt er een autorit naar de favoriete wijnboer van Bert. Gwen zit op de achterbank te kirren als een meisje van twaalf, papa Bert tovert zowaar af en toe een lachje op z’n gezicht en mama Romana gaat steeds zuurder kijken. Het is haar allemaal te druk. Er wordt gepraat en gelachen in de auto en dat trekt Romana niet langer. Het gegiechel van Gwen wekt de nodige irritatie op bij Romana en dus staat haar besluit vast: ze gaat weg. Bert vindt dat een tikkie raar, want ze is er tenslotte voor hem, maar ja… Ro is voor Bert niet meer dan een kroegmaat en daar kan Ro niets mee. Bert pinkt zowaar een traantje weg, want hij vindt Romana wel een topwijf. Maar ook daar heeft Ro geen boodschap meer aan.

In Salerno beklaagt Debby zich bij haar tikkie nuffige vriendin Nathalie over de tatoeages van Murvin. Ze vindt dat Pascal qua uiterlijk meer bij haar past. Maar ja, Mevrin heeft inmiddels wel last van vlinders. En liefde maakt blijkbaar echt blind, want hij zegt nu ook dat Deb humor heeft. Ehhhh… Debby??? Humor??? Ik zie het echt niet. En ik hoor het ook niet, want of Deb nu een vraag stelt, een geintje maakt of de lakens uitdeelt: het klinkt allemaal exact hetzelfde. Deb fantaseert ondertussen hardop verder tegen nuffige Nathalie, want ze zoekt gewoon een George Clooney. Ja duh, wie niet??? De volgende man die bij de B&B van Deb aanklopt, is niet George Clooney, maar Jelmer. En net zoals bij Caroline, valt het over de vloer hebben van zoveel mannen Debby ook zwaar. (WAAAAAAAAROM DOE JE DAN OOK AAN ZO’N PROGRAMMA MEE-HEE???) En dus mag Merval met Debby mee om een avondwandeling te maken. Eerst wordt hij uitgehoord over zijn gevoelens voor Deb. Hij kan geen afknappers vinden. Helaas vindt Deb Mulvan één grote wandelende afknapper en dus mag hij z’n koffers pakken. De volgende ochtend ontvouwt Deb haar plannen voor de dag. Beetje lullig voor Mevlan om te horen, want hij zal niet meegaan omdat hij zo zal moeten vertrekken. Degene die eigenlijk de meeste moeite heeft met het vertrek van Murvin, is Pascal. Die twee zijn in korte tijd elkaars mattie geworden, vandaar.
Na het vertrek van Marvul stelt Jelmer voor om met Deb te gaan wandelen en dus vraagt Deb Pascal ook mee. Huh??? Deb trekt haar neus op bij het idee om alleen met Jelmer op pad te moeten, maar besluit in het park toch op te splitsen in twee groepen, wat inhoudt dat Pascal alleen door het park loopt. Soms snap zelfs ik vrouwen niet. Daarna zien we Deb helemaal losgaan tijdens het lokale voetbalfeest. En losgaan wil bij Deb zeggen dat ze boven haar hoofd temidden van een hossende menigte stil staat en met haar mobiel foto’s maakt.
De volgende dag moeten de heren zichzelf vermaken. Pascal gaat op armbandjesjacht voor Deb en biedt haar dit armbandje romantisch aan op het balkon van de (overigens spuuglelijke) slaapkamer van de heren. Jelmer wordt verzocht even op te zouten. Pascal heeft een zilveren armbandje uitgekozen. Deb vindt het prachtig, maar in gedachten hoor ik haar al zeggen dat het niet helemaal haar smaak is. Maar dat blijft uit. Of wacht… In het volgende shot staat Deb alleen voor de camera en ja hoor!!! “Ik draag normaal altijd goud, dus zilver is eh… een nieuwe toevoeging aan mijn collectie. Het gaat om het idee.” Lees: Getverdemme!!! Zilver!!! Jammer, Pascal.
Wat dan weer niet mijn smaak is, is wat Deb voor de heren eerder in de week gekookt heeft: Pasta al Limone. Ik ben niet zo van de citroen, zeg maar. Maar om Deb toch het voordeel van de twijfel te gunnen heb ik het er gisteren toch op gewaagd en het zelf gemaakt. Koken met citroen. Zo ver uit m’n comfortzone. Waarbij ik moet aanmerken dat de keuken sowieso m’n comfortzone niet is. Maarre… lekker dat het was… Mjam! Daar kan Malle Pietje met z’n broccolani nog iets van leren! Enne… voor de liefhebbers hier de link naar het recept van de pasta: https://uitpaulineskeuken.nl/recept/pasta-al-limone

B&B Vol Liefde, week 2: Bon Apetiet!!!

23 jul

Hehe, we krijgen eindelijk de laatste B&B eigenaar te zien: Jacob. Hij is 60, zit al sinds 1986 in Portugal, heeft een joekeloeris van een B&B met tennisbaan en een zwembad waar je u tegen zegt. En Jacob krijgt dankzij corona meteen 4 vrouwen voor z’n kiezen c.q. om z’n oren, want ze arriveren allemaal tegelijk. Als eerste komt Monica (56) de trap naar de tuin aflopen. “Jij bent het yogameisje!”, roept Jacob uit. Ideaal! Soms hoef je als schrijver niet eens je best te doen om een bijnaam te verzinnen. Yogameisje heeft een cadeautje voor haar gastheer meegenomen: een kweekset met eetbare bloemen. Ik heb nog nooit iemand zo ongemakkelijk zien kijken naar wat ie nu weer in z’n handen geduwd kreeg. Toen alle dames de showtrap waren afgedaald, volgde er eerst een ontbijtje, gemaakt door het enige personeelslid: de Roemeense kokkin Marianne. So far, so good. Totdat Marianne na het eten even gaat pauzeren. Bij het zwembad. In bikini. En die bikini zit om een redelijk strak lijf. Tja, en wat krijg je dan??? Gezeik. Zet een paar vrouwen bij elkaar en je krijgt geheid gezeik. Als ze in bikini naar het zwembad rent, sneert Jenny (53): “Zwaar leven zo. Vervelend.” Jacob wil graag de B&B laten zien, maar de dames vinden dat de tafel eerst moet worden opgeruimd. Wanneer de heer des huizes zegt dat er ook personeel loopt dat nu even ligt te pauzeren, zegt één van de ladies: “Ja.. dat moet je ook bijhouden…” “Ja, die moet ook even een half uur pauze”, legt Jacob uit. “Ja, tuurlijk!”, beaamt Jenny. Maar even later wanneer ze alleen voor de camera staat zegt diezelfde Jenny dat ze het niet vindt kunnen dat zij daar na het ontbijt gaat liggen. Ach, misschien was ze pas sinds vanmorgen 5 uur in touw?
Daarna volgt dan eindelijk de rondleiding van een uurtje of 4 door de B&B, terwijl de dames alleen maar een kamer willen uitzoeken zodat ze hun bagage kwijt kunnen, zich kunnen opfrissen en omkleden en dus verdelen ze snel de kamers maar even terwijl Jacob staat te bellen.
De volgende ochtend wordt er eerst gesport: eerst een yogasessie met Monica en daarna op de tennisbaan aan de Pilates onder leiding van Anita. Jacob zegt heel erg sportief te zijn, maar kan de dames niet bijhouden. Hij klaagt dat zijn blessures niet worden gerespecteerd, ik noem dat niet kunnen aanvoelen tot hoever je kunt gaan. Hij mauwt nog harder dan al z’n katten bij elkaar. Na de “groupsmoothie” zijn de dames het zat en pakken ze de groezelige keuken aan, samen met Marianne die haar bedrijfskleding weer aan heeft: haar bikini. Maar Marianne is geen gevaar: dat zit ‘m in die vier vrouwen. Hij voelt zich een beetje buitengesloten en gaat ervoor zorgen dat ie zich minder met z’n telefoon en meer met de dames gaat bezighouden. En hoe leuk: die hebben inmiddels al een schoonmaakschema in hun hoofd. Lachen joh!

Bij Prinses Roxanne begint iedereen de dag sportief: Theun wandelt, Mitch heft gewicht (2 jerrycans aan een bezemsteel) en de Prinses herself doet iets met haar benen en armen in de lucht op een yogamat. Niet tegelijk overigens, want dan gaat ze op haar plaat. Vandaag zullen de lakeien aan de bak moeten in de stacaravan. “Iemand moet even naar de bouwmarkt. En het lijkt mij het beste dat Mitch dat  gaat doen, want dan ga ik met Theun even aan de koffie.” En zo geschiedde. Mitch komt terug en gaat meteen maar aan de slag in de caravan. Als Theun en de Prinses erbij komen, “eist” Mitch ook wat qualitytime met de Prinses, dus hij stelt voor om morgen te gaan wandelen met haar en haar langharige rat. “Leuk!”, zegt ze. Boring, denkt ze. En dat zie je helemaal niet aan heur gezicht verder. Maar later in de week gaat ze Mitch toch leuker vinden dan Theun. Het kan verkeren hè? Op de valreep krijgen we nog een lesje Brabants veur beginners, want zo lezen we op een weckpot dat havermout in het Brabants blijkbaar Oat Flakes heet en dat de hond Pumpkin wordt genoemd. Ik vind het overigens gewoon nog steeds een langharige rat.
Overigens: de Prinses was al eerder op tv. In Steenrijk, Straatarm. Zij was vast niet die bijstandsmoeder, met een weekbudget van dik 1300 euries…

In Salerno heeft Deb weer iets gevonden om over te ouwenelen wanneer ze Marvel een ontbijtje gaat brengen. “Ik dacht dat hij zich wel aangekleed zou hebben…” Nou kan het aan mij liggen hoor, maar ik zag Marvin echt de deur open doen in een zwarte broek en een wit t-shirt. Nou goed, zij zag in elk geval twee armen vol tattoos vanwege een t-shirt met korte mouwen. FOUT! Even later zitten ze “gezellig” samen te ontbijten. Merval probeert een gesprek op gang te brengen en informeert of Deb van het zoet of het zout is. Deb geeft aan meer van de hartige hap te zijn. “Dus liever een broodje kaas dan een broodje Nutella?” Weer fout. “Nou, geen broodje kaas hoor. Croissant met kaas dan.” Mijn God… Arm jong. Deb zegt niet warm of koud te worden van zo’n vraag, omdat dat geen vragen zijn waardoor je elkaar leert kennen. Nee muts, dat heet smalltalk! Mirvan bedenkt dat het leuk is als hij een romantisch terrasje gaat zoeken zodat ze elkaar daar later wat beter kunnen leren kennen. Hij bekent wel kriebels te voelen voor Deb. Ik ook, maar dan ergens ter hoogte van m’n nekharen. In de middag wordt meneer aan het werk gezet: er moet een stellingkast in elkaar geflanst worden. Menval gaat snel aan de slag. Dan komt Deb een vraag stellen waar je elkaar echt van leert kennen: “Hou je een beetje van klussen?” Nee, dat zegt veel over iemands persoonlijkheid.
En dan gaat de bel. Deb schrikt zich het leplazerus als de 28-jarige Pascal voor de deur staat. Had ze niet verwacht en nu heeft ze geen tijd om zichzelf toonbaar te maken. Kweenie, maar als er een cameraploeg door mijn huis zou lopen, zou ik zelfs nog toonbaar onder de douche staan. Pascal heeft gezellig z’n Playstation bij zich. Ach, het blijven kinderen hè? Na het uitpakken gaat ie op zoek naar Deb en komt dan Lemvan tegen die nog steeds met de kast aan het stoeien is. Pascal stelt zich niet voor; denkt waarschijnlijk dat hij zojuist de klusjesman tegen het lijf liep. En het is geen verrassing dat Deb die avond niet met Marvan gezellig op een terrasje wilde gaan zitten. Joh…
De volgende dag gaat ze wel een ijsje eten met Pascal. Ondertussen doet Merwil z’n best om de keuken aan kant te maken. Als ze thuiskomen, vraagt Deb: “Heb je geslapen?” Man, als je nog geen apneu hebt, dan krijg je het wel van haar manier van communiceren. Wanneer Deb haar plannen voor de avond deelt, pakt Marven z’n kans stelt voor de uitgestelde date van gisteravond te doen. Daar moet Deb even over nadenken. Vijf minuutjes. Op haar kamer. Want het loopt met Milvan een beetje stroef, vindt ze. Eigenlijk vindt ze hem niks, dus is haar antwoord: “Ja, laten we het doen!” Wait, what??? Goed, op naar het restaurant voor een drankje met een kaartspel om elkaar beter te leren kennen. Dat vindt Deb natuurlijk ook niks, dus doet ze fijn met Mirwan mee. Ik. Snap. Dat. Mens. Niet. En het kan aan mij liggen, maar ik vind haar ook steeds enger worden. Die jongens hebben het samen dan weer heel gezellig, zelfs na een openbare trainingssessie van personal beul, ehhh…trainer Pascal. Misschien heeft Pascal nog tips voor Deb over hoe ze haar kin weer terug op z’n plek kan trainen, want volgens mij is die in de loop der jaren op haar neus gaan zitten, maar dit terzijde.
Deb zet de mannen nog even aan het werk terwijl zij nog wat facturen de deur uit gooit. Daarna is het tijd voor iets leuks. Minvel ziet het helemaal zitten en staat na de klusjes als een blije pup te wachten tot de baas klaar is. Alleen heeft zij andere plannen: ze wil met Pascal daten en geeft Mervil een takenlijstje dat hij nog even moet gaan uitvoeren. Hij lacht als een boer met kiespijn en krijgt het idee dat Deb een klusjesman zoekt. En terwijl Deb en Pascal lekker op een terrasje zitten, zwoegt Assepoester door. Deb vindt Mevlan na thuiskomst wel erg stil. “Ik weet niet wat er in hem omgaat…”  Persoonlijk denk ik een paar liter bloed. Maar goed, Deb dus niet. Hallo-oooo??? Oogkleppies af, antennetjes uit, Debbebep. “Kijk, hij wil natuurlijk graag in Italië wonen en ziet mij als de perfecte vrouw, maar ik kan me voorstellen als je op een locatie komt die niet is zoals je dacht, dat dat dan een domper is.” Whuuuuuut??? Dat mens snapt het echt niet hè? Maar gelukkig daalt ook Pascal weer in haar achting als de heren als verrassing het verkeerde eten meenemen. “Wok??? Dat is niet m’n eerste keuze, want er is hier in Zuid-Italië zoooooveel lekkers te krijgen…” Melvin, jongen… RUN!!! Die Pascal ziet ze wel zitten, dus wegwezen daar!!! En rapido een beetje!!!

In Oostenrijk neemt Caroline haar twee mannen mee naar een stukje gras, want ook in Oostenrijk wordt er aan Pilates gedaan. Even testen hoe sportief ze zijn. Nico zet zichzelf meteen buitenspel als hij zegt dat hij Pilates iets zweverigs vindt. Niek, jongen… je buikspieren zeggen morgenochtend iets heel anders hoor, don’t worry. Als Caroline Nico nog een tip wil geven, zegt hij: “Ja, meisje?” Over m’n nekharen gesproken… Conclusie van Caro: Nico is de klusser, Eric de sportman.
Het is tijd voor test nummer twee: kunnen de heren samen een picknickmand voor de gasten samenstellen? Terwijl de mannen naar het dorp gaan, gaat Caroline even samen met Rausje stoom afblazen in de plaatselijke kapel. Nico denkt ondertussen aan streekproducten en doet in de plaatselijke streekproductenwinkel het woord. Eric komt er niet tussen totdat het tijd wordt de schnapps aan de picknick toe te voegen. En laat dat nou toevallig nèt de favoriete smaak van Caroline zijn. “Lekker hè Rausje?”. Alle moeite blijkt uiteindelijk voor niks, want zij had de mand iets verfijnder gemaakt. Tuurlijk. De waarde van deze mand rijst nu al de pan uit, dus de kans dat deze wordt gemaakt voor de gasten, acht Caroline zeer klein. Hoe makkelijk zou het zijn om gewoon vooraf even een budget af te spreken? Het is al snel tijd voor de volgende test: wie kan er het best hout hakken? Nico zou het liefst de bijl tussen de schouderbladen van Eric zetten, maar krijgt daar de kans niet voor, want mooiboy Marc (52) komt al aangereden om zich bij het gezelschap aan te sluiten. Nico denkt hardop: “Kut, weer één!”, terwijl Eric denkt dat het de verzekeringsagent is. Marc looooooves klussen en en haat rommel, dus dat is voor Caroline perfect natuurlijk. Nico ziet het toch niet zo somber in, want hij “is” volgens eigen zeggen houthakken en hij voelt dat Caroline dat waardeert, dus is het een match. Totdat we in een wedstrijdje wie-kan-het-verst-pissen-met-losse-handen terechtkomen. Marc is wel eens op de Mount Everest geweest. Eric ook. Nico niet en sneert dat Eric overal is geweest waar een ander ook is geweest. “Nou, het doet me niks hoor, dat ik niet op de Mount Everest ben geweest! Ik ben op de fiets op de Mount Ehhhhhh… hoe heet ie ook alweer? Die kale berg in Frankrijk…” DE MONT VENTOU-HOUX!!! “…op de Mont Ventoux geweest. Dus…” Ik ook. Met de auto. Stuk makkelijker. Ga je bijl slijpen, man.

En bij Vincent in Italië? Mwah… z’n gangetje. Monique loopt in de B&B te klussen en in te richten alsof ze dat al jaren doet en de eerste proefgasten, twee vrienden van Vincent, arriveren in de B&B. De volgende ochtend zijn ze proefkonijn voor het ontbijt. Dat je in Italië eet van authentiek Boerenbontservies. Die Vincent en Monique zijn inmiddels al een leuk team samen. Kon best wel eens wat worden, die twee…

In Saint-Misère, waar er in een dronken bui door Rox en Bert is geknuffeld, gekletst en verder niks is gebeurd (alsof iemand dat al uitgebreid op tv zou gaan vertellen…), sneert Rox er weer lekker op los naar en over Ysolde. “Ze is gisteravond weer niet tot het eind gebleven. Ze kan niet meegaan in onze gesprekken; ze mist de connectie.” Om Ys lekker te laten connecten met Bert, zet Rox koffie en duwt ze dat bij Ysolde in haar knuisten. “Zo, maak jij ‘m maar wakker. Ik heb ‘m in slaap gekregen!” En terwijl Ysolde kijkt hoe Bert in z’n bed ligt, kruipt Rox er gelijk maar naast. Zelfs Bert weet niet wat er gebeurt: “Jij hebt wel lef in je donder hoor!”
Even later komt dame nummer drie het erf opgelopen: Annemarie (57), die door vrienden is uitgekozen omdat ze zo lekker direct is. Sjeeezes, nog zo één!!! Dat overleeft Ys niet hoor. “Bonsjoer!”, schalt ze. En Bert stelt zich nog nèt niet voor als Bert de Dorpshork. Hij gaat wel naarstig op zoek naar een fles thinner, omdat ie niet zo van lippenstift houdt. En laat Annemarie daar nou niet vies van zijn. Sterker nog: mocht het licht uitvallen in Saint-Misère… Nou ja, laat ook maar.
Het welkomstmaal bestaat uit onder andere zelfgemaakte eiersalade. Niet van Johma, maar van Bert. En dus heeft Rox daar weer commentaar op, want hij smaakt anders dan thuis. Ja! M’n neus ook! Bert gaat hardop even alle ingrediënten langs. Eén van die ingrediënten is Fromage Blanc. Rox informeert even of Annemarie het allemaal wel begrijpt. “Fromage Blanc. Dat snap je wel, toch?” Maar vooralsnog krijgt ze op Annemarie nog niet veel vat. Dan gaan de pijlen maar weer op Ysolde. Nou ben ik geen lichaamstaalexpert, maar ze zit er ook bij als een geslagen hond. Laat aan tafel haar kop hangen en zit constant met een kromme rug, alsof ze het liefst onder de tafel wil kruipen. Als er dan een geintje wordt gemaakt dat diegene die het vroegst naar bed gaat een enkeltje Nederland krijgt, merkt Rox fijntjes op: “Nou, dan weten we wel wie er naar huis gaat!” Tijdens het eten van een ganzenhamburger roept Annemarie “Bon Apetiet!” (Wat hebben apentieten nou weer met ganzenvlees te maken?) en slaat Rox opnieuw toe wanneer er plannen worden gemaakt om de volgende dag met de auto weg te gaan. Annemarie zegt dat ze best wil rijden, dus zegt Rox tegen Ysolde: “Dan moet jij weer achterin!” “Hoezo?”, vraag Ys. “Omdat ik dat zeg nu.” “Oh, zeg je dat? Nou, okee…” En terwijl we Rox en Bert achtereenvolgens in de sauna en het zwembad zien (was Bert nou naakt???), zit Ysolde zielig op een bankje voor zich uit te mijmeren. Ze voelt geen klik, dus… Op het moment dat ik denk dat ze gaat zeggen dat ze haar biezen pakt, zegt ze dat ze er nog een nachtje over gaat slapen. Meiiiiiiidddd… ga toch naar huis. Kun je ook weer gewoon rechtop gaan lopen.
De volgende ochtend zit Ys er weer als een dood vogeltje bij en tijdens de afwas verlost Rox Ysolde uit haar lijden en trekt hoogstpersoonlijk het hoge woord er bij Ys uit dat ze naar huis gaat. En meteen zag je opluchting. Totdat ze naar Bert ging om het te vertellen. Weer die hangende schouders. Bert snapt het en zegt dat Ysolde nog niet rijp is voor een relatie. “Dat zijn jouw woorden…”, zegt ze. Nee, het wordt er niet hartelijker op. Van de meiden krijgt ze wel een (voor Saint-Misèrese begrippen) warm afscheid, maar van de Dorpshork hoeft ze dat niet te verwachten. Zelfs niet als Rox er dan maar om vraagt: “Knuffeltje misschien?” Neuh. Werd gewoon een elleboogje. En met het vertrek van Ys uit  het dorp, wordt het ineens tòch een tikkie gezelliger in Saint-Misère.

B&B Vol liefde

18 jul

Woensdagavond. Ik zit in een Whatsappgesprek met een paar vriendinnen als één van hen me attendeert op dat nieuwe programma op RTL4, dat sinds de maandag ervoor onze huiskamers binnenstroomt: B&B vol liefde. Een soort Boer Zoekt Vrouw, maar dan zonder de kleipoten.
Ik wilde er eigenlijk niet aan beginnen, maar ja… dan word je toch nieuwsgierig.
Concept: vrijgezel, in bezit van B&B, zoekt levenspartner. Twee zelf uit te kiezen, twee door vrienden en/of familie uit te kiezen. Dat laatste dus nooit hè, maar dit terzijde. Genoeg te zien in elk geval: we krijgen vier afleveringen per week voor onze kiezen. Nou… daar gaan we dan maar weer hè?

Laten we eens beginnen in Italië. Daar woont voormalig jongerenwerker Vincent van 33. Hij woont samen met Kaya, een husky, in een soort opknapproject. Laten we zeggen dat deze B&B in een programma als Ik Vertrek niet zou misstaan. Lees: er moet nog wel het één en ander gebeuren in die toko, maar hij ziet het helemaal zitten. Waar een ander zou denken: poeh, er is nog best veel te doen voordat de eerste gasten komen, is het volgens hem is een kwestie van een likje verf hier en daar en wat spullen op z’n plek zetten. Z’n eerste logeetje is de 30-jarige Monique. Nou kan ik hier wel een heel verhaal gaan zitten vertellen, maar eigenlijk komt het erop neer dat Vincent Monique eerst Italiaanse cultuur laat opsnuiven: in een Italiaanse bouwmarkt. Daarna wordt ze met een verfroller in haar knuisten in een kamer neergezet. Monique, meid: welkom in Chateau Meiland 2.0.
De verfroller gaat alleen even aan de kant als de concurrentie arriveert: de 26-jarige Jessy, die verwacht in een gespreid B&B-bedje terecht te komen. NOT!
Na een eerste slechte nacht en een telefonisch consult met een vriendin (“Ja, nee, hij is echt keileuk, maar…”) zit ze aan tafel met een gezicht als een oorwurm èn met lange tanden te kauwen op een lepel yoghurt. Kan dat? Ja, zij kan dat. Ondertussen vuurt Vincent de ene enthousiaste vraag na de andere enthousiaste vraag op Jessy af. “Hou je een beetje van klussen en verven enzo?” Jessy geeft politiek correcte antwoorden. Maar tijdens het vervolg van de rondleiding (die de avond ervoor stopte omdat het licht het nog niet overal deed) dropt ze het bommetje toch maar even: ze gaat naar huis. “Het ligt niet aan jou, maar aan je B&B.” Zoiets. Ze neemt afscheid van Monique die in haar kluskloffie weer met een verfkwast in haar knuisten staat.


Hoe anders is het in Frankrijk? In Saint-Misère (Saint-Seine, maar Saint-Misère is toepasselijker. Trust me), een klein dorpje in de Bourgogne, wonen Bert (59) en hond Sloerie. Sloerie heet waarschijnlijk gewoon Joery. Alleen Bert spreekt het uit als Sloerie, maar dan met een j. Bert vindt zichzelf een leuke vent, want: “ik heb humor en ik ben van de dubbelzinnige opmerkingen.” Psssst, Bert… Kijk, ik kan natuurlijk niet voor de gehele vrouwelijke wereldbevolking spreken, maar voor de meeste exemplaren geldt dat dubbelzinnige opmerkingen vrij snel gaan vervelen. Eigenlijk na één opmerking al. En soms zelfs al daarvoor. Dus. Doe er je voordeel mee. Oh ja, Bert vindt zichzelf ook lief. Ik vind Bert vooral een beetje bokkig.
Bokkige Bert houdt wel van mondige vrouwen. Romana van 51 voldoet aardig aan die omschrijving. Na een kleine omzwerving (in een dorpje van 300 bewoners krijgt ze het voor elkaar om bij een oud vrouwtje de tuin in te stappen), komt ze aan bij Bokkige Bert en Sloerie. Net op tijd, want Bokkige Bert werd al ongeduldig, omdat de Formule-1 op punt van beginnen stond. Ja en dan moet de potentiële liefde van je leven gewoon even wachten. De eerste kennismaking vindt dus plaats in de tuin van Bokkige Bert en als het aan hem ligt, blijven ze ook daar. Haal dat mens binnen, man! Romana lost dat op door fijntjes op te merken dat ze dorst heeft. En niet in koffie. Nee, Romana hangt niet van subtiliteit aan elkaar. “Bert? Ik heb geen kast op m’n kamer!” Daar doet Bokkige Bert dus niet aan. Plankjes zijn genoeg. “Draai je nooit muziek?”, vraagt ze even later. Nee dus. “Hmmm, ook al niet…” Even later zitten ze toch gezellig even samen een bakkie te doen. Mèt zelfgebakken perentaart. Wordt het toch nog gezell… “Ik proef ‘m niet. Zit geen suiker in!”, aldus Romana. Bam. Best een leuk stel samen…
Gelukkig arriveert Ysolde de volgende dag. Wordt het vast iets luchtiger allemaal. Bokkige Bert besluit z’n perentaart-experiment voort te zetten met de nieuwe logé als proefkonijn. Die vindt de taart natuurlijk heerlijk. En oh, wonder: Romana proeft vandaag de suiker ineens wel. Ysolde heeft een cadeautje voor Bokkige Bert meegenomen waar hij als een eersteklas hork op reageert terwijl Romana er met een nurkse kop bij zit. Manmanman, wat ongemakkelijk allemaal.
Maar het kan nog veel erger: er wordt gekibbeld over wie er wat wanneer en waarom gaat koken, Romana laat merken dat ze echt niet van plan is om heel veel haar handen te laten wapperen tijdens haar verblijf en er wordt wat gebabbeld over botox. Romana is voor, Ysolde heeft zich er nog niet in verdiept. “Dat zou ik toch maar eens gaan doen”, zegt Romana. Duuuuuuuuuuusss…
Wanneer de camera’s uit zijn, gaat het blijkbaar helemaal los: Ysolde hangt de Apostolische kerk aan en wanneer Bokkige Bert dat vergelijkt met een sekte, zegt Ysolde meerdere keren dat ze naar huis gaat. Maar ja… ze gaat niet, ook zegt Bokkige Bert dat ze dan maar gewoon moet gaan. Hij is haar zat. Ik denk dat dat geheel wederzijds is. De volgende dag eten ze bij Franse vrienden: niet gezellig. De dag erna wordt er gewerkt in de tuin en neemt Romana na afloop een biertje wat dan weer wordt afgekeurd door Ysolde. “Nee hoor, ik vind het veeeel te vroeg voor bier. Ik ben trouwens toch niet zo van het bier. Ik neem lekker een munttheetje. Hier lag ook nog ergens gember hè? Heeeeerlijk!” In een ultieme poging om de gezelligheid een beetje te bevorderen besluit Bokkige Bert dat de dames maar mee moeten naar een bistro van Nederlandse vrienden. Supergezellige tent ook: tuinmeubilair, spaanplaten muren, vast ook nog TL-verlichting, zelfbediening (en dus regelt Romana dat Bokkige Bert bedient) en de eigenaars eten mee. Wel aan een ander tafeltje want tja, corona.
In de tuin wordt Ysolde als heks op de brandstapel gegooid. Nou ja, de vonken van de vuurkorf komen op haar panty. “Ja, het is ook synthetisch als de pest, wat je aan hebt!”, roept Romana. Binnen wordt het er niet beter op als Bokkige Bert de ladies een drankje wil aanbieden. Ysolde reageert als eerste en dat is Bokkige Bert niet gewend, dus vraagt hij het haar nog een keer, in de overtuiging dat Romana als eerste had geantwoord. Ysolde reageert uiterst gepikeerd: “Ik lust wel een wijntje, zei ik.” “Oh, zei jij dat?”, merkte Bokkige Bert verbaasd op. “Ja!!! Dat zei IK!!!” Oehhh… Toen Bert op de proppen kwam met het seks-spel (ik wist niet eens dat het bestond), toen de dames gewoon een kaartje wilden leggen dacht ik alleen maar: NEE BERT! NEE!!!
En het bleef nog lang ongezellig in Saint-Misère…

In het zuiden van Italië staat de B&B van Debby, een workaholic van 32. Debby krijgt de Rotterdamse havenwerker Melvin over de vloer. Deb is in eerste instantie niet echt enthousiast, want “hij is begin 20, denk ik”. Melvin is in het echt overigens maar 4 jaar jonger dan Deb. Melvin zegt dat hij z’n koffers maar eens gaat uitpakken. “Oh, je gaat je koffers pakken???” Even voor de goede orde: Melvin kwam net binnen. Ik zou NU al klaar zijn met zo’n mokkel hè? Maar Melvin dus niet en gaat snel aan de slag voor Deb in haar B&B. Als dank noemt Deb hem vervolgens Marvin. Ze is niet zo goed met namen, zegt ze zelf. Maakt niet uit, Toos. Toos moet later toch toegeven dat ze het etentje met eh… Mervin verrassend leuk heeft gevonden. Wie weet komt ze er ook nog eens achter dat ze maar vier jaar scheelt met Malvin.

In Roosendaal staat de B&B van prinses Roxanne. Ze heeft in de modewereld gezeten, maar doet nu dit werk. Ik denk dan meteen dat het gewoonweg niet gelukt is in de modewereld en dat ze daarom nu dit doet. Prinses Roxanne is 32 en heeft de B&B van haar ouders gekregen. Dat leest u goed: gekregen, ja. Ze woont daar samen met haar hon… langharige rat (type kutkeffertje). En nu zoekt Prinses Roxanne nog lakeien om haar te assisteren, voor haar te renoveren en om haar vooral niet voor de voeten te lopen op haar landgoed. De eerste lakei meldt zich: Mitch, een 28- jarige stucadoor. (Die had achteraf gewoon veel meer op z’n plaats geweest bij Vincent in dat Ik Vertrek-project.) Mitch is niet zo snel van begrip. De Prinses heeft Canadese roots en dus heeft hij een plantje (boom) meegenomen. Hij dacht dat ze dat wel zou herkennen, want het is een “Marple Leaf”, zegt hij. Na een paar wazige blikken van de Prinses snapt ze dat hij waarschijnlijk Maple Leaf bedoelt. Even later zijn ze in de keuken, waar zij vraagt wat zijn favoriete keuken is. “Oooh, industrieel!” Weer die wazige blik. Nou ja, ik eet ook elke week verwarmingsbuis, dus zo’n raar antwoord is het niet, toch? Manmanman… Mitch krijgt al snel een collega: Theun. En dat is geen spelfout. Terwijl de Prinses alles op stilettohakken doet (bed verschonen, in de tuin werken), worden de heren ingezet om hun “skills” te tonen. Ze mogen de stacaravan/dienstwoning opknappen (dit wordt namelijk het verblijf voor de lakeien), en ze mogen assisteren bij de voorbereiding van de borrel die de Prinses geeft voor vrinden (hoog gehalte kakkers), zodat ze hun snijskills, stylingskills en gastheerskills kunnen laten zien. “Theeeeenks!” (Echt waar, als dat mokkel nog één keer “skills” of “theeeeenks” gebruikt… Eenzame opsluiting in de stacaravan!) Ze hebben helaas nog geen het-brood-verbrandt-bijna-detectieskills ontwikkeld, want daar ging het dus even fout, terwijl zij aan het stylen was geslagen voor de perfecte tafel. “Oooooooh, m’n brood!!! Jullie waren toch hier?” Ze had ook even kunnen vragen of ze het in de gaten wilden houden. Of een kookwekker kunnen zetten. Enfin, de lakeien werden naar de supermarkt gestuurd voor nieuw brood en tijdens de borrel moesten ze zichzelf maar vermaken. Na de borrel was de Prinses moe. “Zo, hebben jullie lekker ge-bond? Ik ben helemaal kapot nu, dus ik trek me even terug vanavond. Morgen weer een dag. Jullie moeten jezelf maar even vermaken. Doen jullie het licht uit? En de deur op slot?” En weg was ze, Mitch en Theun in verbijstering achterlatend, die elkaar aankeken en zich afvroegen: en wat gaan wij nu doen?
Ik zeg: je ontslagbrief schrijven, koffers pakken, wegwezen en lekker achter de wijven aan.

En dan hebben we ook nog kennisgemaakt met Caroline in Oostenrijk. Deze 49-jarige is oud-stewardess en ik moet zeggen: ik zie haar wel in een blauw mantelpakje in het gangpad naar de nooduitgangen en de grondverlichting staan wijzen terwijl niemand kijkt. Haar B&B is binnen 3,5 maand verbouwd tot wat het nu is. Tja, dan word je afgewezen voor Ik Vertrek, dus dan maar meedoen aan dit programma. Ze heeft nog nooit zoveel kijkers gehad… Enniewees, ze woont samen met haar hondje Rosie, afgekort Roos. Alhoewel zij dat uitspreekt als Raus.
De eerste man die arriveert is Nico van 51. Als hij aanbelt vraagt Caroline of hij het makkelijk heeft kunnen vinden. Ik wacht nog altijd op iemand die dan zegt: “Nou nee, niet echt. Mijn navigatie stuurt me hierheen, maar mijn navigatie is gewoon een bitch. Weet jij waar ik moet zijn?” Nico valt op stemmetjes en valt als een blok voor die van Caroline. Terwijl ik dacht: dat mens heeft best een irritant stemgeluid. Maar: het kan nog veel erger, want als ze tegen Raus spreekt (en dat doet ze vaak en veel), dan gaat haar stem in de speciale hondjesmodus en dat is helemaal erg, want vijf octaven hoger. “Kijk eens Rausje, daar is Nico!” Nico is helemaal weg van Caroline en kan z’n teleurstelling moeilijk verbergen als de concurrentie (Erik, 56, voetbaltrainer) binnen stapt. Als blikken konden doden…
Nico heeft er zelfs slecht van geslapen en besluit de volgende morgen een briefje aan Caroline te schrijven, waarin ie haar wil laten weten wat hij voor haar voelt. Man! Je kent het mens nog geen 24 uur. Doe normaal! “Kijk eens Rausje! We hebben een briefje van Nico gekregen!!!” Daarna wordt het hoog tijd om haantjesgedrag te vertonen in de vorm van een wedstrijdje tuinhek herstellen. “Wat fijn, Rausje! Kun jij er niet meer onderdoor lopen hè Rausje?” Wanneer Caroline met Erik een stukje gaat wandelen, blijft Nico aan het hek werken, terwijl het regent en hij langzaam groen kleurt van jaloezie. Maar: hij kan wel laten zien dat ie kan klussen. “Kijk, ik kan klussen, dat is voor haar handig, dus dat is een win-win situatie.” Zucht.
In een onbewaakt ogenblik inspecteert Caroline de kamers van de beide heren, want je wilt toch weten wat voor vlees je in de kuip hebt. “Ja, de kamer van Nico ziet er voor een man goed uit, maar die van Erik is net iets netter. Want hij zet z’n kopje niet zomaar op het aanrecht, maar eerst nog op een vaatdoekje. En de wc-bril staat omhoog. Dat doet Nico weer niet.” Maar de inspectie alleen is niet genoeg: Caroline moet met eigen ogen zien hoe de heren schoonmaken, dus ze heeft bedacht dat ze elkaars aanrecht en badkamer moeten schoonmaken. Nico mag als eerste aan de slag, onder toeziend oog van Caroline en Erik. “Ben jij een poetser, Nico?” Nico weet van gekkigheid niet wat ie moet doen om te bewijzen dat hij Mr. Proper himself is. En hij gaat ver. Om exact te zijn met het schoonmaakdoekje tot onderin de pot. Met z’n blote handen. Om vervolgens met hetzelfde doekje het toiletdeksel schoon te maken. Tuurlijk joh. Daarna is het de beurt aan Erik die klunzig begint en no way met z’n blote tengels in de pot van Nico gaat hangen. Verstandig. The verdict: “Nico, jij gaat erg grondig te werk en Erik: het valt mij op dat jij wel de buitenkant van de toiletpot schoonmaakt. En ik heb nog een tip: altijd met het schoonste gedeelte beginnen. Maar jullie zijn allebei geslaagd hoor!”

Wat ik minder geslaagd vind, is dat ik nu elke keer op het toilet in gedachten Nico zie zitten. Met z’n arm tot aan z’n schouder in andermans toiletpot. Ik vrees dat ik nooit meer van dat beeld af kom. Theeeeeeenks, Nico!

Cranberry-zeekraal

28 dec

Tja… dan is er die ene vaste terugblik op het afgelopen Boer Zoekt Vrouw-seizoen. Wat “mot” je dan hè? M’n schriftje lag ineens al op tafel; macht der gewoonte. Maar wat een zooitje joh… Bas en Milou zijn bij elkaar op het moment van filmen en uit elkaar op het moment van uitzenden en Jan en Nienke waren al uit elkaar maar zijn op het moment van filmen nèt weer bij elkaar. Beide heren hadden op een bepaald punt eigenhandig de stekker uit de relatie getrokken. Wat willen ze nou? Boer Zoekt Als Ik Denk Dat Ik Weet Wat Zij Wil En Ik Haar Dat Niet Kan Geven Zet Ik Haar Aan De Kant Vrouw? Boer Zoekt Knipperlichtrelatie? Zoiets? In elk geval werd ik totaal niet geprikkeld om ook maar meer dan één alinea op papier te zetten. Waarvan akte.

Maar toen kwam Heel Holland Bakt. En nee, ik ga niet weer elke aflevering zitten te lopen te liggen te reviewen, maar die eerste aflevering… ik merkte dat ik tijdens het kijken al mee zat te pennen.
Want HHB heeft dit jaar spatschermen. En Jenny. Oet Twent.

Nou vooruit, ééntje dan.

Een volle tent met tien verse bakkers dus. Wie wordt de uitblinker? Wie wordt de chaoot? Alles ligt nog open. Alhoewel de laatste vraag binnen ongeveer dertig seconden na aanvang van de bakwedstrijd al zal worden beantwoord, maar dat later.

Als eerste staat de signatuuropdracht op het programma. Er moet een tulband worden gebakken, maar wel een speciaaltje natuurlijk. Nou ben ik absoluut geen bakwonder. Integendeel: afbakbroodjes heelhuids èn eetbaar uit de oven toveren is voor mij al een wereldprestatie, maar toen ik zat te kijken dacht ik ineens: wat zou ik doen als ik in die tent stond? In een wereld waarin ik geen levensgevaarlijke scheikundige keukenexperimenten stond uit te voeren, maar daadwerkelijk prachtige en eetbare baksels op tafel kon zetten? Wat zou dan mijn signatuurtulband zijn?

Nadat ik daar exact één nanoseconde over had nagedacht, wist ik het. In gedachten hoorde ik het mezelf al zeggen. “Ik ga een Terschellinger Potjekoek maken!” (Even voor de goede orde: die heb ik al eens gemaakt en iedereen leeft nog. Hij was nog lekker ook.) André van Duin zou hier dan een verbaasde blik laten zien en dan zou ik de rest uitleggen. “Kijk, mijn opa van vaders kant kwam van Terschelling en zelf kom ik er ook nog heel graag. En als ik er ben, moet ik altijd even naar de bakker onder de Brandaris (we mogen natuurlijk geen reclame maken voor Spanjer) om daar onder andere een Potjekoek te halen. Da’s een kruidige tulband. Zelf vind ik de naturelversie het lekkerst, maar je hebt ook een variant met gember èn natuurlijk één met cranberries.”
Maar ja, ik weet natuurlijk ook dat je het met een gewone Potjekoek met cranberries niet gaat redden, dus daar moest nog een verrassende twist aan worden gegeven. “Om het nou op en top Terschellings te maken, wordt het een Potjekoek met cranberryvulling een kleine twist: zelfgeplukte zeekraal van het Wad.” Jemig, wat een vondst! Meteen bedacht mijn zieke brein dat een volgende signatuuropdracht hoe dan ook rode peper zou bevatten. Je moet wel een beetje opvallen, toch? Maar goed, ik sta niet in de tent. En waarschijnlijk is de combi kruidcake-cranberry-zeekraal toch niet te hoechelen, dus dat komt weer mooi uit.
Ondertussen werden in de tent de mooiste tulbanden uit de vorm geflikkerd. Bij iedereen, behalve bij Jenny, die een soort koekkruimelmengsel met een miljoenjard smaken (lees: niet te doen, qua smaakbeleving) op haar bord had uitgestort. Ach, beginnersongelukje denken we dan maar.

Bij de technische opdracht heb ik standaard geen flauw idee wat er gemaakt moet worden. Aan m’n lijn zou je het niet zeggen, maar de banketbakker wordt niet echt heel erg rijk van me, zeg maar. Dus ken ik een slof of zwanensoesjes alleen maar uit HHB. Maar dit keer was het anders, want de opdracht luidde: maak Jaffa Cakes. Elke bakker moest er achttien maken. In de tent wist niemand wat er van ze verwacht werd. Ondertussen zag ik de Jaffa Cakes gewoon voor me. Want ik had ze vaak in Engeland in de supermarkt zien liggen: cakejes gevuld met sinaasappeldrab en pure chocolade er overheen. En ook die krengen koop ik nooit. Want ik ben zo’n beetje de enige die de combinatie van sinaasappel en chocolade echt niet te vreten vind. Bovendien is pure chocolade een belediging op zich, dus: goor. Jaffa Cakes are just not my cup of tea. Maar ik wist tenminste wèl wat het was. Ook een prestatie.
In de tent sloeg ondertussen de paniek toe en niet onterecht: alleen Jenny begon goed en eindigde uiteindelijk verrassend op de derde plaats, maar meer omdat de overige bakkers er echt niets van hadden gebakken, letterlijk en figuurlijk.

Opdracht drie was het traditionele spektakelstuk. Dit keer moest er een taart worden gebakken met als thema: wie ben ik? Daar gaan geen gemalen Wendy van Dijkjes in, maar de taarten zeggen iets over hun bakkers. De meeste bakkers verwerkten hun hobby of hun beroep in de taart. En weer was daar die gedachte: wat zou ik uit die oven flansen? Aangezien ik motorrijden wel als hobby zie, maar het me niet handig lijkt om een motor te bakken, zou ik iets met m’n werk moeten doen. De bakkers werden tussendoor voorgesteld met wat beelden van hun thuissituatie en wat shots van hun werk. Zou niet echt een supergezellig shot zijn, ik terwijl ik voor een rouwstoet uit loop.
In de tent bakte men vrolijk verder. De één maakte een kokos-pandantaart (ohmygodohmygodohmygod), de ander een tafereel uit Oostenrijk. En Jenny? Die liep te kloten. Wilde haar tulband niet garen, nu stond haar oven op standje sambal en kwamen haar taarten zwart tevoorschijn. Robèrrrrrr moest er zelfs bij komen om advies te geven over de oven. Even dacht ik dat ik vergeleken met Jenny niet eens zo heel erg zou opvallen in negatieve zin. Want echt alles werd een zooitje en liep bij haar gierend uit de klauwen. Alsof ze voor het eerst een oven zag.

Het was dan ook niet echt een verrassing dat de eerste afvaller Jenny was. En eigenlijk was ze daar zelf ook wel blij om. Elizabeth (bakker van de week) en Daniel? Die gaan wel heel ver komen.

En ik? Ik zou waarschijnlijk een weekje later dan Jenny (vanwege mijn geweldige Jaffacakes en de zeekraal) de tent uit worden geschopt, als ik al mee zou doen. Maar ik denk dat het voor iedereen beter is als ik me daar maar niet aan waag. Want zeg nou zelf: een spektakelstuk in de vorm van een doodskist… is ook niet echt feestvreugdeverhogend hè?

Snoopy

8 okt

Dit is Snoopy. Snoopy is nog een beetje verlegen, is in het dagelijks leven webdesigner en woont in m’n auto. Ik had al een poosje zo’n vermoeden, omdat ik elke dag wel een vers webje in m’n auto vond, maar ik had Snoopy nog nooit echt ontmoet.
Tot eergisteren, op de snelweg. Nèt in een bocht waar het toch iets handiger is om je ogen op de weg te houden, vond het beest het nodig om zich voor het eerst te laten zien.
Ik moet eerlijk zeggen dat ik me dit diertje toch iets anders had voorgesteld. Kleiner. En vooral aan de andere kant van de auto en niet aan de binnenkant van de deur. De bestuurdersdeur. Aan MIJN kant, ja.

Weet je wat de ellende is? Ik schrik me altijd helemaal te pletter van die beesten. Iets met teveel pootjes ofzo, ik weet het niet. Als ik éénmaal weet dat er een spin zit, dan is dat schrikkerige er wel vanaf, maar toch… ik ben geen fan.

Maar goed, ik zat eergisteren dus met toen nog een naamloze Snoopy in de bocht. En wat doe je dan hè? Ik sprak mezelf in gedachten even streng toe: “Okee, concentreer je op de weg, concentreer je op de bocht. Er is geen spin en hij is al helemaal niet groot. Niet kijken. Ik zei: NIET kijken. Foooooocus op de weg…” En dat hielp, maar ondertussen merkte ik wel dat ik m’n linkerhand toch een beetje meer naar het midden van m’n stuur bracht. Voor de zekerheid. Want ik mag dan nu misschien niet zo hard meer schrikken als ik ‘m zie, maar als het gevaarte besluit gezellig tijdens het rijden op m’n hand te komen zitten, voorzie ik toch wel een kleine ontmoeting met de vangrail. En daar wordt niemand blij van.

Gisteren reed ik even naar een vriendin en ineens kwam ie weer tevoorschijn, precies op de plek waar ik ‘m voor het eerst gezien had: aan de binnenkant van de bestuurdersdeur.
Naamloze Snoopy was druk bezig met al z’n pootjes strekken en wandelde daarna rustig naar beneden. Ik stond net even stil voor het rode licht en dacht dat dit misschien wel het moment was om eens nader kennis te maken, dus stak ik m’n linker wijsvinger voorzichtig naar ‘m uit. Nou… daar schrok het diertje een beetje van. Zo’n grote vinger was toch wel heel erg intimiderend en dus trok hij razendsnel z’n pootjes in en maakte zich zo klein mogelijk.
“Verrek… jij bent net zo bang voor mij als ik voor jou… ”, zei ik. “Dat is nou ook weer niet nodig, beest.” Maar ik vond het stiekem toch wel een geruststellende gedachte.
Ik besloot dat het misschien handiger was als we een verstandshuwelijk zouden sluiten. “Maar dan is het ook wel handig als je een naam zou hebben, hè?”, zei ik. Ik begon hardop te brainstormen. Het moest natuurlijk wel iets met een S worden. “De spin Sebastiaan bestaat al, dus dat is niet origineel. Sandra dan? Nee, ik denk dat je een mannetje bent. Sander dan? Hè getver, nee. Dan zie ik meteen die kop van die Sander Schimmelpenninck voor me. En die vind ik bijna nog erger dan Jort Kelder en Ivo Nihil bij elkaar, dus nee. Alhoewel Sander Spinnelpenninck dan wel weer redelijk briljant zou zijn. Hmmm… S… Sjoerd is ook geen optie, want hoewel dat een leuke naam is, heb ik een bonuskind dat zo heet, dus nee. Tja… Wat dan?” Naamloze Snoopy zat nog steeds zo klein mogelijk te wezen. Daar had ik dus ook niks aan, qua input.

En ineens was ie daar: Snoopy. Ik weet dat de hele wereld Snoopy kent als een hondje, maar het geeft mijn spin wel iets liefs. Net als de kruisspin die in m’n kindertijd voor het glas-in-loodraampje bovenaan de trap van mijn ouderlijk huis woonde: Pinky.
Pinky heeft me overigens niet van m’n afkeer voor (andere) spinnen afgeholpen. Eens kijken of het Snoopy wel lukt.

Ik moet trouwens zo weer even weg met de auto. Kan ik het er meteen even met Snoopy over hebben…

Humpy

3 sep

Achttien jaar geleden overleed m’n vader en legde Quibus, de kater die we van m’n broer hadden geadopteerd, ook nog eens het loodje.
Ineens was het superstil in huis voor m’n moeder als ze alleen thuis was. Dus had ik stiekem een katje geregeld uit een nestje dat ergens in een doos was achtergelaten. Iemand had de dierenambulance ingeschakeld en één van de medewerkers had het nestje mee naar huis genomen om daar aan te laten sterken.

Al wekenlang had ik kattenvoer, kattensnoepjes, kattengrit en kattenspeeltjes het huis in gesmokkeld en verstopt. En ik had een smoes verzonnen. “Ma, Nel en ik gaan vanavond even naar de Makro!” Dat was in die tijd, los van een handjevol avondwinkels, de enige winkel die ’s avonds rond half acht nog open was, dus de perfecte smoes.
Maar we gingen niet naar de Makro. We reden rechtstreeks naar de medewerker van de dierenambulance.
Na een paar weken bij deze pleegouders waren de kleintjes groot genoeg om op eigen vier pootjes te staan, dus mocht ik er één komen uitkiezen. Ik had besloten dat het een katertje moest worden. We hadden al vaker poezen gehad, maar dat waren echt -sorry dat ik het zeg- kutwijven. Zo. En toen kwam Quibus in ons leven. M’n broer had destijds een poes, een je-weet-wel-kater en een hond en hij ging samenwonen met iemand met ook twee katten. Hij hield de hond en voor de poes was al snel een ander huisje gevonden. Maar die je-weet-wel-kater had nog geen onderdak. Dus bood m’n moeder het beestje liefdevol asiel aan. M’n vader, niet echt een kattenliefhebber, stemde in op voorwaarde dat het maar voor drie weken was, omdat er toch verder gezocht zou worden naar een ander huisje.
Maar ja… die je-weet-wel-kater, Quibus, was zo’n schat… Die konden we niet meer laten gaan natuurlijk. M’n vader heeft altijd gedacht dat het een vooropgezet plan was om Quipie te houden, maar dat was echt niet zo. Dus morrend ging meneer overstag. “Nou… hij mag blijven, maarre… ik doe er niks meer aan, aan dat beest.” En inderdaad, hij heeft nooit meer de kattenbak verschoond. Maar los daarvan konden pa en Quibus het uitermate goed met elkaar vinden. Pa vond het stiekem best wel leuk, dat beest in huis. Maar dat ging ie natuurlijk nooooooit toegeven. Typisch pa.

Goed, ik was er inmiddels van overtuigd dat katers toch wel een iets zachter karakter hadden dan poezen, dus moest het een katertje worden. Ik had de keuze uit twee exemplaren: een hele zwarte en één met hier en daar nog een beetje wit.
Ik was helemaal weg van die zwarte. Maar ineens bedacht ik me. Ons huis had aardig wat donkere hoekjes en m’n moeder was toen bijna 76, dus was het misschien wel handig dat er een beetje wit aan zat. Voor de zichtbaarheid. En dus werd het het kleine zwart-witje.
“Al enig idee hoe hij gaat heten, toevallig?”, vroeg de dierenambulancedame. Ik had al wel een vermoeden. Want als m’n moeder een jong dier zag, was het altijd: wat een hummetje. Dus ik schatte in dat ze dit keer op exact dezelfde manier zou gaan reageren.

Maar toen moesten we naar huis. Hoe zou ma gaan reageren? Ik besloot het op dezelfde manier aan te pakken als m’n vader in de beginjaren van hun huwelijk. Voordat ze kinderen kregen, kwam m’n vader een keer met een pup thuis. Hij had ‘m tegen z’n borst onder z’n jas verstopt en zei tegen het beestje: “Vraag maar aan het vrouwtje of je hier mag wonen.” Moet je voorstellen dat je dan zo’n klein koppie uit iemands jas ziet piepen. Dan ga je overstag.

Wat pa kan, kan ik ook. Iets met DNA ofzo.
Toen we thuiskwamen, was ma uiterst verbaasd. “Zijn jullie nu al terug?”, riep ze vanuit de keuken. We liepen de lange gang door met in mijn handen een doosje, dat voor mijn gevoel steeds zwaarder werd. Toen gebruikte ik de wijze woorden van mijn vader: “Nou, vraag maar of je hier mag wonen…” Vervolgens was er een pieperig “MIEWWW” te horen. “Nee, hè?”, verzuchtte ma. Nel en ik keken elkaar paniekerig aan. Het zal toch zeker niet zo zijn dat ze nee zegt??? Ik maakte de doos iets verder open, ma keek erin en vanaf dat moment was het ”aan” tussen die twee.
En inderdaad: “Achgossie, wat een hummetje!” Dus de naam was geregeld: Hummetje. Maar Hummetje werd al snel Humpy. En later ook Hump, Humpydump, de Humpert, Humpert-de-pumperd, noem maar op.


En toen kreeg m’n moeder haar beroerte. Nel nam Humpy in huis en de plannen waren dat ma en Hump na haar revalidatie samen in hun nieuwe woning in de Marnixflat zouden gaan wonen. Maar ma overleed onverwacht de dag nadat we haar hadden verteld dat ze een appartement in de Marnixflat had gekregen. Het was het eerste dat ze vroeg: “Mag Humpy mee naar de nieuwe flat?”
Gelukkig heeft ze nog geweten en gezien dat Hump op een goede plek terecht was gekomen. Bij m’n zus, met een tuin die hij als een havik bewaakt. Meneer heeft nog geen enkele grijze haar, is uitermate atletisch gebouwd en heeft sinds een paar jaar suikerziekte. Maar ja… die kleine uit dat gedumpte nestje bleek wel een taaie: vandaag mag meneer 18 kaarsjes uitblazen. Of in zijn geval, liever 18 kuipjes melk uitlikken…

En ze leefden nog lang en…???

11 mei

Voorstellen: check!
Brieven: check!
Speed- en dagdates: check!
Logeerweek met keuzemomenten: check!
Citytrips: Mwah. Niet voor Annemiek dus. Rest: check!
Relaties: eh…

Tja, dat is de grote vraag hè? Maar gelukkig hebben we de laatste aflevering nog. Eén ding is zeker: Hjeert komt niet met Angela bij Yvon op audiëntie. No way. Want die citytrip verliep aardig rampzalig. En dan druk ik me nog voorzichtig uit. Oe kan de Hjeert oet Oeffelt halen, maar oe kan de oetlul niet oet Hjeert halen. Manmanmanmanman, wat een engerd. Dat vond ik al tijdens de voorstelronde, maar hij heeft het op de citytrip nog even goed bewezen.
Alleen denkt Hjeert dat het helemaal niet aan hem lag. Neuh. Hjeert is gewoon nuchter. Zegt ie. En Angela? Ja, die was leuk, tot de citytrip. Want daar had ie het gevoel niet meer. Nee, duh!!! Hij wilde natuurlijk voor Miss Cameltoe gaan, maar die peerde ‘m nèt op tijd en toen moest hij wel doen alsof ie sowieso voor Angela zou hebben gekozen. “Er hjebeurde nèks, dawazzutum!”, concludeert hij. Hij denkt dat de uitkomst voor Angela wel een redelijke domper was.
Nouuuuu… daar denkt Angela tòch een tikkie anders over. “Hij was me net voor.”, vertelt ze. En dat klopt, zagen we vorige week. Hjeert deed geen enkele moeite om haar te leren kennen en dus trekt zij zich ook meer terug. Logische reactie. Ze had gewoon niet de “waaaauuuuhfactoh!”, zoals alleen Hjeert dat kan zeggen. Blijkbaar heeft ene Wandy (da’s Wendy voor de rest van de wereld buiten Oeffelt) dat wel, want zij schijnt het volgende knipperlichtrelatieslachtoffer van Hjeert te zijn.

Wat ook niet echt als een verrassing kwam, was dat Bastiaan en Milou nog wel bij elkaar zijn. Want dat is toch wel echte liefde, mensen! In Lapland gaat het tweetal romantisch ijsvissen (ik moet er niet aan denken, maar da’s een ander verhaal). Het verbaast me dat Bas nog gaten in het ijs moet boren. Want door alle vonken tussen die twee zou dat ijs ook zomaar spontaan zijn gesmolten. Maar kijk eens hoe lief: nadat Bas z’n eerste diepvriesvis uit het water hengelt, pakt Milou met haar ijspegeltjes zijn hand. Awwwww… Bas had een behoorlijk wensenlijstje vooraf. Zo mag een dame onder andere niet te ver weg wonen. Uiteindelijk kiest hij voor een exemplaar dat in Frankfurt woont. Maar bij Yvon blijkt dat zelfs de afstand geen probleem meer is. Sterker nog: Milou sluit een verhuizing naar Zeeland niet uit. Want als het moet, kiest ze voor hem. En dat het eigenlijk van Bastiaan z’n kant liefde op het eerste gezicht was, zagen we ook: toen de brieven werden gelezen, ging hij op de bank zitten met z’n laptop om met een enorme glimlach te kijken naar het filmpje van ene Milou…

Jan en Nienke hadden elkaar ook gevonden op de zorgboerderij, maar leken elkaar in Edinburgh weer kwijt te raken. De liefde is er, zeker van zijn kant, maar het gaat Nienke allemaal wat te snel.
Bij een Schots haardvuurtje wordt er even goed gepraat en Jan wordt zelfs behoorlijk emotioneel als hij vertelt wat hij het liefst zou willen: Nienke bij hem op de boerderij. Maar hij is zo onzeker. En bang om afgewezen te worden. Nien stelt hem gerust: “komt wel goed, schatje.”
En dat kwam het: ze schuiven ook samen bij Yvon aan en er wordt zelfs gesproken over samenwonen. Ook awwwww…

Annemiek komt ook alleen. Bram, de motormuis met wie ze vorige aflevering nog aan het daten was geslagen, is uit beeld verdwenen. Annemiek vertelt dat er tijdens de logeerweek niet veel “echt” gepraat werd. Iedereen wachtte af tot de ander het echte gesprek aan zou gaan. En dat gaat niet werken dus. Annemiek weet wel waar het aan ligt: ze is van kleins af aan gewend om eerst alles zelf op te lossen voordat ze iets vertelt. Dus eerst lekker binnenvetten en dan zeggen dat het niks kan worden. Maar ja… dan jaag je alleen maar mensen weg. Maar ondanks dit alles zit ze nu wel weer lekker in haar vel en zoekt ze verder naar die workaholic zonder 9 tot 5-mentaliteit die bij haar kan komen wonen. “Misschien kijkt ie nu…”, zegt ze verwachtingsvol. Ondertussen wordt ze zielsgelukkig van haar koeien die voor het eerst weer naar buiten mogen. En geef toe: dat is ook hartstikke leuk! En: die beesten hebben geen 9 tot 5-mentaliteit.

Mandarijnman schuift ook in z’n uppie aan bij Yvon. Karine is uit beeld. Nou joh, dat was jij al tijdens de citytrip, want de knippende koelkast had totaal geen gevoel voor “GeeJee”. Nee joh, ze was gewoon lekker haar fototoestel aan het uitlaten op Malta en die kerel… tja… Die had iets stoms gedaan, vertelde hij zelf. Hij had na het keuzemoment Jacqueline opgebeld omdat hij wilde weten hoe het na de afwijzing met haar ging. Eén klein dingetje: dat had meneer niet aan Karine verteld. En dat pikte mevrouw niet. Ze twijfelde na het keuzemoment ook al meteen aan de keuze van Mandarijnman. En dan ook nog eens contact met die ander zoeken??? Nahhh… “We zijn te verschillend. Ik wilde er wel voor gaan hoor, maar ik vond geen diepgang tijdens de citytrip. En hij had nog steeds contact met Jacqueline en daar logen ze allebei om, dus dat is bij mij een no-go. Dan trek ik de stekker eruit. Dan word ik boos en zeg ik ook lelijke dingen. Ik was in shock.” Aldus de koelkast herself.
Ik denk zelf dat Mandarijnman, de goedsul die hij is, echt gewoon wilde weten hoe het met Jacqueline ging na de afwijzing. En daar terecht geen kwaad in zag. En ik weet ook niet of ik dat wel aan de knippende koelkast had willen vertellen, hoor. Je moet elkaar ook gewoon kunnen vertrouwen, toch? Als je dan op zo’n manier al reageert op een belletje, dan zet je jezelf meteen al buitenspel. En wij (op de bank) hebben zo’n donkerbruin vermoeden dat dat haar best goed uit kwam. Nou goed, om een lang verhaal nog vééééél langer te maken: nadat Karine Mandarijnman aan de kant had geschoven, is Jacqueline nog een keer komen eten, maar ook dat werd uiteindelijk niks.
Misschien moet hij eens met Annemiek gaan praten…

De overige vijf boeren komen ook nog even aan bod. Ronald heeft Evelien aan een videobelletje overgehouden, John heeft er een paar vriendinnen bij en is ervan overtuigd dat de ware wel tussen de briefschrijfsters zit. Johan verloor z’n hond, kreeg daarna corona, krijgt binnenkort een nieuw hondje en duikt daarna opnieuw in z’n brieven. Frans kreeg al z’n briefschrijvers over de vloer, maar kreeg hartproblemen en denkt niet dat iemand zo’n wrak als hij wilde hebben en heeft dus de ene helft van de brieven in de koelkast en de andere helft in de diepvries gelegd. “Misschien moet je eens gaan videobellen?”, geeft Ronald hem als tip. En dan hebben we nog Willem. Willem die met zijn moeder in 1896 leeft en nog nooit een vrouw van dichtbij heeft gezien. Afgezien van zijn moeder uit 1478 dan. Willem kreeg zes brieven en heeft met meerdere dames een date gehad. (Go, Willem!!!) En kijk nu: dikke verkering met Rineke!!! “We hebben hetzelfde karakter, zijn allebei Christelijk… en ik zal eerlijk zijn: ik vind haar een knappe vrouw sowieso ook. Dus ik vroeg: zou jij verkering met mij willen en zij zei ja. Ik snap nog steeds niet waarom hoor…”, aldus een dolverliefde Willem. Rineke zegt over drie jaar wel te willen trouwen, dus ik geef ze zes jaar: drie kinderen, nummer vier op komst. Alles ná het huwelijk, uiteraard.

En zo zie je maar: het zit ‘m dus niet in het aantal brieven. Annemiek kreeg er 633 en is nog steeds alleen, Willem kreeg er zes en heeft de liefde van zijn leven gevonden…

Het was een leerzaam jaar. En wat er ook gebeurt: Bas en Milou moeten bij elkaar blijven. Willem en Rineke ook. En Jan en Nienke. Maar vooral Hjeert en Wandy. Scheelt weer één griezel op de vrijgezellenmarkt.

Tot volgend jaar!